28-07-2010 13:04
Er is niks mis met ambities maar als ze te hoog gegrepen zijn, dan is het raadzaam de doelstellingen bij te stellen. Dat hoeft geen gezichtsverlies te zijn, maar getuigt van realiteitszin. Dat is in een notendop het verhaal achter de volgende generatie Volkswagen Phaeton. Die wordt een stuk compacter, lichter en daarmee ook sportiever dan het huidige model.
De Phaeton zoals we die nu kennen stamt uit 2002. Hoewel op de bouwkwaliteit niks aan te merken valt, heeft de limousine verkooptechnisch nooit een deuk in een pakje boter kunnen slaan in het limousinesegment. Ja, in China lusten ze de Phaeton graag. Maar dat land heeft op autogebied nou niet echt een verfijnde culinaire smaak. In de Verenigde Staten werd de grote Volkswagen zelfs uitgespuugd en in Europa wordt de Phaeton alleen met lange tanden geconsumeerd.
Toch wil Volkswagen zijn vlaggenschip niet van de kaart halen. Wel zal het recept worden aangepast: minder calorieën en meer pit; daar komt het in het kort op neer. In China lust men qua auto’s toch zo’n beetje alles wat uit de Westerse wereld komt, dus daar hoef je (op een variant met verlengde wielbasis na) niet echt rekening mee te houden. Voor ons in Europa mag het sowieso wel wat compacter, zuiniger (en goedkoper). En in Amerika is BMW de maatstaf. Met name de nieuwe 5-serie doet het aldaar uitstekend, want die is reeds voor heel 2010 uitverkocht.
Kortom, Volkswagen gaat aan fusion cooking doen en mengt de klassieke waarden van de Phaeton (met name een voorname, respect afdwingende uitstraling) met de sportieve lustfactor van de BMW 5-serie. Zodat, anders dan bij de huidige editie het geval is, de zakenman spontaan trek krijgt in de Big Whopper van Volkswagen.
Door de Phaeton een halve klasse te laten krimpen zoekt het merk uit Wolfsburg de niche op tussen de 5- en 7-serie. En dat is niet eens een domme zet, want de gevestigde orde (die hetzelfde ‘gat in de markt’ ontdekt heeft) meent juist een afwijkend carrosserieontwerp te moeten aanbieden: BMW vanaf 2012 met de 6-serie GranCoupé, Audi met de A7 Sportback en Mercedes-Benz met de (tweede generatie) CLS. Volkswagen gaat daar een klassieke sedan tegenover zetten en kan door het weglaten van allerlei fratsen (frameloze zijramen, grote achterklep) hetzelfde formaat auto voor minder geld bieden. Of qua uitrusting en motorisering meer auto voor hetzelfde bedrag, het is maar hoe je het bekijkt. En wij in Europa zullen bijvoorbeeld de A7 Sportback wel zien zitten, maar geldt dat ook voor de Verenigde Staten (waar de eveneens over een grote achterklep beschikkende 5-serieGT niet aanslaat)? En voor China, waar de klant geacht wordt achterin te kruipen (de 6-serie GranCoupé en de CLS zijn qua interieurruimte duidelijk minder gastvrij dan een conventionele sedan als de nieuwe Phaeton).
Ook in motorisch opzicht kiest Volkswagen bij de in 2013 te lanceren nieuwe Phaeton voor ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’. De W12 versie verdwijnt dus van het toneel en het is de vraag of de V8 dieselversie zal terugkeren. In de Verenigde Staten is er zelfs in schone vorm amper klandizie voor en in China al helemaal niet. Een betere kans om te scoren heeft Volkswagen aldaar met een 3.0 TSI Hybrid uitvoering. En voor Europa als volumemodel een 3.0 TDI. Bekende motorische kost, die in het geval van de oliegestokte krachtbron zó bij het afhaalloket van Audi kan worden opgehaald.
Aldaar gaat Audi trouwens ook het onderstel betrekken. Onderhuids zal de nieuwe Phaeton daarmee veel overeenkomsten hebben met de volgende generatie A6 en niet meer met de Bentley Flying Spur. Naast een enorme gewichtsbesparing (reken op 1.730 kilo voor de voorwiel aangedreven 2.8 FSI instapuitvoering versus 2.154 kilo voor de huidige, simpelste Phaeton) kan Volkswagen zo drastisch op de productiekosten besparen. En ondanks dat het Duitse automerk hoog van zijn burcht zal blazen dat de nieuwe Phaeton door de afslankkuur meer dan 35 procent zuiniger is geworden, zit daar –bij de winstmarge- de echte winst voor Volkswagen.