03-06-2011 12:22
Passagiers op de achterbank van een auto lopen bij een botsing een veel groter risico op een whiplash of hoofdletsel dan passagiers voorin. Dit komt doordat de gordels achterin vaak veel simpeler zijn. Zo lopen inzittenden bij een botsing van voren op de achterbank bijna 50 procent méér kans op hersenletsel.
.
Dat laat de ANWB weten na onderzoek met de Duitse zusterorganisatie ADAC. De passagier klapt bij een botsing harder heen en weer met zijn hoofd en ook bij een botsing van achteren geldt dat de kans op een whiplash veel groter is. De risico's zijn het gevolg van het ontbreken van zogenoemde gordelspanners en spankrachtbegrenzers, zo stelt de ANWB. "Deze zitten vaak niet achterin het voertuig. Ook is bij een botsing de belasting op de borst 2 maal zo groot als bij personen die voorin zitten en wel geavanceerde gordels om hebben. Een ander probleem is dat hoofdsteunen achterin het voertuig vaak niet hoog genoeg kunnen worden ingesteld voor volwassenen, waardoor ze te ver van het hoofd afstaan en te weinig steun geven. Bij een botsing van achteren lopen passagiers achterin de auto daarom een veel grotere kans op een whiplash", zo geeft de organisatie aan.
.
De ANWB stelt dat gordelspanners achterin ervoor kunnen zorgen dat de gordel tijdens een ongeluk niet losjes om je heen hangt. Daarmee wordt voorkomen dat je lichaam een soort 'aanloopje' neemt voordat het wordt tegengehouden. De klap is zonder een gordelspanner veel harder. Als tweede noemt de ANWB een spankrachtbegrenzer. Die zorgt ervoor dat de gordel je tijdens een botsing ook weer niet te stevig op je plek houdt, maar geeft een klein beetje mee. Dat voorkomt dat je hoofd eerst keihard naar voren klapt en dan net zo hard naar achter terugstuitert. Een ander probleem zijn dus de hoofdsteunen achterin. Wie een nieuwe auto koopt, moet letten op airbags, volwaardige hoofdsteunen, gordelspanners en spankrachtbegrenzers zowel vóór als achterin de auto, adviseert de ANWB.