De subsidiepot van 50 miljoen euro die bestemd is om de aanschaf van een tweedehands elektrische auto te stimuleren, moet voor minimaal de helft naar mensen met de laagste inkomens gaan.
De regeling is eigenlijk uitsluitend bedoeld voor lagere inkomens, maar een uitvoeringsdienst waarschuwde dat dit in de praktijk anders zal uitpakken. Een meerderheid van de Tweede Kamer wil daarom dat Annet Bertram (staatssecretaris op het ministerie van Infrastructuur, CDA) dat gaat voorkomen.
De regeling werd dit voorjaar bekend gemaakt en moet eind dit jaar opengesteld worden. Het is onderdeel van een pakket aan maatregelen die de gevolgen van de hoge energierijzen door de oorlog in het Midden-Oosten moeten verzachten. Vorige maand maakte Bertram de details van de regeling bekend. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), die de regeling moet uitvoeren, waarschuwde toen meteen dat de regeling fraudegevoelig zou zijn.
Het grootste risico is dat er wordt getoetst op een individueel inkomen, in plaats van het inkomen van het hele huishouden. Dat laatste zou technisch onhaalbaar zijn volgens de RVO. Daarmee is het de vraag of het geld inderdaad echt bij de laagste inkomens terechtkomt omdat het verzamelinkomen van een huishouden dan veel hoger kan zijn.
Bertram erkende de risico’s, maar schreef in een brief aan de Tweede Kamer dat die voor haar ministerie “acceptabel zijn”. De Tweede Kamer is het daar niet mee eens. Tweede Kamerlid Jantine Zwinkels (CDA) kwam daarom met het voorstel waarin zij de regering vraagt om ervoor te zorgen dat minimaal de helft van die 50 miljoen euro bij de laagste inkomens terechtkomt. Haar voorstel wordt in ieder geval gesteund door de coalitiepartners VVD en D66 en oppositiepartij Pro. Hoe de staatssecretaris dit moet gaan regelen, staat niet in de motie. Maar volgens het CDA zijn er verschillende manieren om te sturen op de laagste inkomens.
De subsidie
Voor het eerste jaar van de regeling geldt een subsidiebedrag van 6.000 euro bij een verzamelinkomen van de individuele aanvrager tussen de 12.500 euro en 27.533 euro. Is dat inkomen tussen de 27.534 en 35.793, dan kan de aanvrager rekenen op een subsidie van 4.000 euro. Voor latere jaren worden de bedragen nog bekendgemaakt. Om in aanmerking te komen, moet je je oude vervuilende auto met benzine- of dieselmotor inruilen. Dat voertuig moet minimaal één jaar op naam van de aanvrager staan en een emissieklasse 0 tot en met 4 hebben.
