Er zijn in april door bedrijven 80.428 occasions verkocht. Dit betekent een krimp van 23,5 procent in vergelijking met dezelfde maand vorig jaar. Over heel 2020 bevinden de occasion verkopen door bedrijven zich nu op een 6 procent lager niveau met 417.248 exemplaren. Consumenten verkochten onderling 8,7 procent minder tweedehands auto’s, namelijk 44.358 stuks.
April was de eerste volledige maand waarin Nederland overging tot een ‘intelligente lockdown’ als gevolg van het corona virus. De totale markt voor tweedehands personenauto’s kromp in vergelijking met dezelfde maand een jaar eerder met 9,2 procent. In april gingen 182.245 gebruikte personenauto’s over de toonbank; een daling van 19,3 procent in vergelijking met dezelfde maand van 2019. Vooral tussen bedrijven onderling nam de handel af, want in dit marktsegment was de krimp liefst 25,6 procent groot (naar 57.459 auto’s).
Sinds begin dit jaar zijn er 930.781 occasions verkocht (tussen autobedrijven onderling, door bedrijven aan consumenten en tussen consumenten onderling). De teller stond vorig jaar op 30 april op 965.275 exemplaren. Dit betekent een daling van 3,6 procent. Volkswagen blijft de grootste speler op de occasionmarkt. In april van dit jaar kregen 10.113 gebruikte auto’s van dit merk een nieuw baasje. Vorig jaar waren dat er na 4 maanden 1.981 stuks meer. Peugeot en Opel maken het podium compleet met achtereenvolgens 6.815 en 6.125 verkochte occasions. In 2019 stonden die tellers bij deze merken na de maand april op 9.170 en 8.348 stuks. Opvallend is de daling van het aantal verkochte gebruikte personenwagens van Renault: vorig jaar april kochten 8.051 mensen een occasion van dit merk, maar dit jaar slechts 5.842.
