Herinner jij je Wendelin Wiedeking nog? Dat is een voormalige topman van Porsche die geschiedenis schreef met het fiatteren van de Cayenne. Deze SUV was stilistisch even slikken, maar bleek een meesterzet. De Cayenne verbrede niet alleen de basis van Porsche, maar heeft het merk ook een veel grotere schaalgrootte gegeven. Samen met Macan was hij in 2016 goed voor ruim 70 procent van de verkopen.
Wiedeking had na het succes van de Cayenne wel zin in een nieuw avontuur: overname van het veel grotere Volkswagen. Met veel geleend geld dacht hij dit voor elkaar te kunnen krijgen en inderdaad werd het ene na het andere aandelenpakket opgekocht. Totdat Ferdinand Piëch, de voorzitter van de Raad van Bestuur van Porsche, ingreep. Eén telefoontje naar de banken was voldoende om een einde te maken aan de acquisitieplannen van Wiedeking. Het eindresultaat was niet een overname van Volkswagen door Porsche, maar andersom.
Dat Porsche een dochter werd van Volkswagen, is dus niet het resultaat van liefde, maar van een koele, strategische (of defensieve) beslissing. De overname was noodzakelijk om Wiedeking op een zijspoor te kunnen zetten. Dat gebeurde na de afronding van de deal ook, want de voormalige Porsche topman mocht zich weer gaan bezig houden met zijn pizzeria.
Toch besefte Volkswagen destijds niet hoe waardevol Porsche voor het autoconcern zou zijn. Want vorig jaar, toen het bedrijf financieel zwaar belast werd door de sjoemeldiesel affaire, was meer dan de helft van de winst afkomstig van deze dochter. Porsche droeg 3,9 miljard bij aan het totaalbedrag van 7,3 miljard euro dankzij een rendement van 17,4 procent. De rest was grotendeels afkomstig van Audi (8,2 procent winstmarge) en Skoda (8,7 procent). Volkswagen wist in 2016 zelf amper geld te verdienen aan de productie/verkoop van auto’s (1,8 procent).
Porsche droeg vorig jaar voor 53 procent bij aan de winst van het Volkswagen concern, terwijl het verkoopaandeel slechts 2,5 procent bedroeg. Een imponerende prestatie. De SUV modellen van het merk spelen daarbij een grote rol. Dankzij de Macan (95.642 klanten) en Cayenne (70.867) wist Porsche vorig jaar wereldwijd 237.778 auto’s te verkopen. Ten opzichte van 2009 is de afzet verdrievoudigd.
De Macan en Cayenne spelen ook een vitale rol bij de verovering van de Chinese automarkt. Daar verkocht Porsche vorig jaar 65.246 auto’s oftewel 12,5 procent meer exemplaren dan in 2015. China is nu de belangrijkste afzetmarkt voor Porsche; iets wat met enkel sportwagens nooit gelukt zou zijn. Amerikanen lusten trouwens ook wel pap van de SUV modellen van het merk. Daar kwam de verkoop vorig jaar uit op 54.280 auto’s. In eigen land gingen er 30.203 exemplaren over de toonbank.
Kijk je naar het autokerkhof, dan zie je dat daar vooral sportwagenspecialisten liggen: Artega, Wiesmann uit eigen land bijvoorbeeld, of feitelijk ook het Nederlandse Spyker. Andere sportwagenspecialisten weten zonder hulp van buitenaf het hoofd niet boven water te houden (Aston Martin, Lamborghini, Lotus). Hoewel Porsche aan de 911 enorm veel geld verdiend, vormen de SUV modellen de basis. Anders gezegd: sportwagens kunnen lekker beleg zijn, maar volstaan niet als boterham. Het was een pizzeria eigenaar die dit als eerste door had.

