Primeur: test Mini Countryman Cooper S E

0

Waarom de korte test?

De naam uitspreken is een hele mond vol, maar de primeur mag er wezen: de Mini Cooper S E Countryman ALL4 is de eerste stekkerhybride van het Britse merk. Hij neemt de aandrijflijn over van de 225xe iPerformance Active Tourer van moederbedrijf BMW.

Wat voor auto is het?

De aandrijflijn bestaat uit een 1,5 liter driecilinder turbobenzine van 136 pk / 220 Nm en een elektromotor van 88 pk / 165 Nm. Het gecombineerde vermogen bedraagt 224 pk en aan koppel is er maximaal 385 Nm beschikbaar, waardoor deze Mini in 6,8 seconden naar 100 km/u kan accelereren. Daarmee is hij 0,4 tel sneller dan de Cooper S uitvoering.

De klassieke verbrandingsmotor drijft via een 6-traps automaat de voorwielen aan, terwijl de elektrische collega de achterwielen voor zijn rekening neemt. Vandaar de typeaanduiding ‘ALL4’ voor deze Cooper S E Countryman. Rij je volledig elektrisch, dan is de Mini achterwiel aangedreven. Traditioneel kan ook; dan is de Brit een voorwielaandrijver. En als het DSC tractiecontrolesysteem dan gripverlies detecteert op de voorwielen, dan kunnen de achterwielen bijspringen.

De elektromotor wordt gevoed door een lithium/ion batterij van 7,6 kWh, die je in 3 uur en een kwartier oplaadt via een gewoon stopcontact, of in 45 minuten minder aan een wallbox van het merk. Mini geeft een gemiddeld verbruik op van 2,1 liter à 2,3 benzine per 100 km (afhankelijk van de uitrusting) en een CO2-uitstoot van 49 à 52 gram/km. Zuiver elektrisch rijden doe je in de ‘Max eDrive’ modus. Dat is de topsnelheid begrensd op 125 km/u kan je in theorie 42 kilometer ver komen. In ‘Auto eDrive’ modus gebruikt de Mini tot 80 km/u vooral de elektromotor. Boven die snelheden leunt hij op de verbrandingsmotor. Ten slotte is er nog een ‘Save’ modus waarbij de Mini al rijdend de batterij oplaadt tot een vooraf ingesteld percentage (maximaal 90). Die stand kan je inschakelen als je bijvoorbeeld op de snelweg rijdt en straks een stadscentrum wilt bezoeken waar je beroep wilt hoeven doen op de verbrandingsmotor.

Uiterlijke kenmerken van de stekkerhybride Mini zijn, afgezien natuurlijk van zijn laadklepje boven de voorste wielkast, diverse logo’s met de letter ‘e’ op de flanken en een geel omrande ‘S’ op de kofferklep en in de grille. Het dashboard van de Cooper S E Countryman ALL4 is standaard voorzien van een 6,5-inch groot kleurenscherm in combinatie met de radio Visual Boost. Mini is er in geslaagd om de hybride aandrijfelementen te integreren zonder dat de neerklapmogelijkheid (in 40:20:40 verhouding) van de achterbank moest worden opgeofferd.

Is het wat?

Anders dan zijn modelnaam doet vermoeden, is deze Countryman in de stad het meest in zijn element. De aandrijflijn is soepel en stil. Alleen als je het gaspedaal tot op de bodem intrapt, zal de benzinemotor bij snelheden onder de 65 km/u tot leven komen. In de praktijk voelt de Cooper S E uitvoering net zo snel aan als het acceleratiecijfer suggereert, althans tot een tempo van 100 km/u. Boven dit tempo vermindert de meerwaarde van de elektromotor. De Countryman zal zich dan gedragen als een Cooper uitvoering met extra gewicht aan boord. Ondanks het karaktervolle geluid van de 3 cilinder benzinemotor, maakt hij de ‘S’ badge op de kofferklep dan niet helemaal waar.

De Countryman is sowieso geen lichte jongen en in stekkerhybride uitvoering al helemaal niet: de Brit legt dan 1.730 kilo in de weegschaal, oftewel een forse 130 kilo meer dan de Cooper S versie. Maar in bochten weet de Mini dat extra gewicht goed te maskeren. De stekkerhybride uitvoering voelt dan bijna net zo lichtvoetig aan als de conventioneel aangedreven versies van de Countryman. Grip en onderstelbalans zijn ook prima. Onder de streep levert dit een veel prettiger rijdende auto op dan de Mitsubishi Outlander PHEV. De besturing van de Mini lijkt zelfs te profiteren van de extra kilo’s omdat de installatie minder onrustig is. Helaas is het veercomfort er bij de Cooper S E uitvoering wel op achteruit gegaan. Dat is bij de Countryman überhaupt geen sterk punt, maar bij deze stekkerhybride versie is de demping nog wat harder.

Voor de rest is het een echte Mini. En dat betekent tegenwoordig een topkwaliteit interieurafwerking. Dat mag ook wel, want de Countryman is niet goedkoop. En dan laten we de verleiding van de optielijst buiten beschouwing. Want voor zaken als verwarmbare voorstoelen, extra bergruimte en LED techniek voor de koplampen moet je bijbetalen. Maar in vergelijking met bijvoorbeeld de BMW i3 REx valt de prijs eigenlijk nog wel mee. En lichtmetalen velgen, airconditioning, een navigatiesysteem, Bluetooth plus cruise controle zijn wel standaard.

80%
80%
Awesome

Een auto met een retro uiterlijk hoeft niet perse ouderwetse techniek te hebben. Dat bewijst deze Mini. De Cooper S E uitvoering van de Countryman is zeker in de stad lekker pittig en zal daardoor ook fans van het origineel uit 1959 enthousiast kunnen maken. Op de snelweg weet de stekkerhybride versie evenwel minder te overtuigen, ook omdat het gebrekkige veercomfort dan gaat irriteren. In vergelijking met de BMW 225xe iPerformance Active Tourer krijg je echter een veel stijlvollere auto en qua rijeigenschappen veegt hij met de Mitsubishi Outlander PHEV de vloer aan.

  • 8
  • User Ratings (14 Votes)
    5.1

Comments are closed.