Meant to be tamed, not teased: test Mini John Cooper Works GP

0

Waarom de korte test?

Eindelijk is hij klaar: 2,5 jaar na de presentatie van de extreme conceptversie op de IAA van Frankfurt heeft Mini de productie-uitvoering van de John Cooper Works GP klaar. Het Britse dochter merk van BMW heeft dus ruim de tijd genomen voor de ontwikkeling van haar snelste model voor op de openbare weg. Even leek het er op dat het project in de ijskast was beland omdat er geen berichten over de voortgang waren. Maar eind goed, al goed. Ons geduld wordt nu beloond. En hoe.

 

Wat voor auto is het?

Je ziet direct dat dit geen gewone Mini is. De agressieve bodykit, de uitgebouwde wielkasten en de opvallende dubbele dakspoiler maken subiet duidelijk dat jij hier naar een auto kijkt die een tikkeltje complexer en geraffineerder is dan een standaard 3-deurs Cooper S. Een blik in het interieur bevestigt dat beeld: er is geen achterbank aanwezig.

Het is niet verrassend dat deze opgepompte Mini de lettercombinatie ‘GP’ draagt. Die afkorting staat voor ‘Grand Prix’. Het is pas de derde keer dat de Britten deze typeaanduiding gebruiken voor één van haar modellen. In 2006 en 2013 waren er ook al zeer hete Mini’s te koop. Beiden hadden een opgevoerde 1,6 liter motor en werden in een oplage van 2.000 stuks geproduceerd. Dit keer plant Mini om 3.000 eenheden van haar John Cooper Works GP model te maken. Een klein deel daarvan is voor Nederland bestemd.

De gelukkige kunnen rekenen op de snelste Mini uit de geschiedenis. De John Cooper Works GP uitvoering is één van de meest extreme modellen die de Britten ooit gemaakt hebben, zo laat Jurgen Metz, hoofd van de afdeling rij dynamiek weten: “Wij wilden het pure, ongefilterde karakter van zijn 2 voorgangers behouden en daar een toefje racewagen plezier aan toevoegen”. Ja, deze Mini is ‘serious business’.

Mini vraagt ook ‘serieus veel geld’ voor de John Cooper Works GP. Het heftigste model uit de Britse stal gaat bij ons 61.900 euro kosten. Daarmee is de GP versie flink duurder dan de reguliere John Cooper Works uitvoering waar een prijskaartje van 46.045 euro aan hangt. Maar de koper krijgt voor het extra geld niet alleen een agressiever aangekleed koetswerk, maar ook 75 pk meer vermogen. Waar de reguliere John Cooper Works namelijk een 231 pk sterke 2,0 liter motor onder de kap heeft, is de GP versie goed voor 306 pk. Bij het koppel is het verschil nóg groter: 450 Nm in plaats van 320 Nm.

De extra potente krachtbron, reeds bekend van de John Cooper Works versies van de Clubman en Countryman, zorgt in de 3-deurs GP voor significant betere prestaties: in 5,2 tellen zit je op 100 km/u en de topsnelheid bedraagt 265 km/u. De 231 pk / 320 Nm versie houdt het bij 246 km/u voor gezien en heeft 6,3 seconden nodig om de 100 km/u aan te kunnen tikken. In tegenstelling tot de reguliere Mini John Cooper Works is de GP uitvoering niet met een handbak verkrijgbaar: een 8-traps automaat is verplichte kost. Maar anders dan de Clubman en Countryman derivaten ontbreekt bij de 3-deurs versie vierwielaandrijving.

Gelet op dit prestatieniveau is het niet verrassend dat Mini ook de verdere mechaniek onder handen heeft genomen. Een aangepaste, harder afgestelde ophanging brengt de GP nog eens 10 mm dichter bij moeder aarde in vergelijking met de reguliere John Cooper Works uitvoering. De ingenieurs van Mini versterkten ook het remsysteem met extra grote schijven. Diverse verstevigingen aan het onderstel in combinatie met speciale motorsteunen maken hem ook een stuk stijver, hetgeen een preciezer stuurgedrag moet opleveren. Een speciaal sport uitlaatsysteem dat eindigt in 2 centraal gemonteerde einddempers zorgt voor een passende soundtrack, terwijl een specifieke oliepomp anticipeert op de G krachten die de John Cooper Works GP variant bereikt bij circuitgebruik. In combinatie met een verbeterd warmte management werd daarmee het uithoudingsvermogen van de Mini naar een hoger plan getild. Verder is er extra camber voor de wielen, terwijl de John Cooper Works GP ook over aangepaste dempers, veren en stabilisatorstangen beschikt. Specifieke kenmerken zijn verder een heftig uitlaatsysteem, een grotere spoorbreedte en een GP modus voor het Dynamic Chassis Control. In die stand laat de hete Brit zich van zijn wildste kant zien.

De carrosserie van de John Cooper Works GP uitvoering is weinig subtiel gedecoreerd met agressief vormgegeven CFRP (Carbon Fiber Reinforced Plastic; met koolstofvezel versterkt plastic) wielbogen, of eigenlijk: wielvierkanten. Een knoert van een spoiler achterop met 2 ‘verdiepingen’ zorgt voor extra neerwaartse druk en dus bedoeld om de stabiliteit te optimaliseren. De splitter onder de neus, de diffusor onderaan de kont en de dubbele vleugel bovenop de achterklep zorgen ook voor extra neerwaartse druk. Daarnaast is de spoorbreedte zoals gezegd vergroot. Het op gesmede lichtgewicht 18 inch velgen rustende koetswerk van de Mini John Cooper Works GP hult zich in de kleur Racing Grey, met accenten in Melting Silver (voor het dak en de zijspiegels) en in felrood Chili Red (voor de remklauwen en de carrosseriedetails). Let ook op de donkere omranding van de koplampen en de grille.

Verder is ontbreekt zoals gezegd een achterbank. Daarmee kan de carrosseriestijfheid worden vergroot én het wagengewicht worden verminderd. Achter het modelspecifieke stuurtje met 12-uurs markering bevindt zich een klein digitaal instrumentarium. Binnenin het scheurijzer monteert Mini 2 stevige, nauw omsluitende sportstoelen (met dikke wangen plus rode stiksels). Het met zilveren en rode details opgepepte interieur beschikt verder over een multimedia module dat voorzien is van nieuwe displays. Zowel de schakel flippers als de instaplijsten hebben een GP opdruk. Alle 3.000 exemplaren worden individueel genummerd. Het getal wordt vermeld op de voorste wielkast panelen en op het dashboardpaneel.

 

Is het wat?

De afwezigheid van vierwielaandrijving is ondanks 306 pk en 450 Nm geen groot gemis. Het ‘limited slip’ differentieel zorgt samen met het anders geprogrammeerde stabiliteit controle systeem voor compensatie. Deze stukjes techniek deden hun werk tijdens de test op de bochtige wegen in het heuvellandschap van Beieren indrukwekkend goed. Ik hoefde geen gevecht te voeren met het stuurwiel op momenten dat de motor zijn volle vermogen en maximale koppel naar de voorwielen stuurt.

Alleen onder de 1.500 toeren bij plankgas is er sprake van een beperkt ‘turbo gat’, maar daarna accelereerde de Mini zó fanatiek dat mijn rug in de kuipstoelen werden gedrukt. Er zijn 4 cilinder motoren die meer akoestisch plezier bieden (de 231 pk versie uit eigen huis bijvoorbeeld), maar aan luidruchtigheid kom je niks te kort. Dat wordt ook veroorzaakt doordat een rumoer absorberende achterbank ontbreekt. Het geplof en geroffel van de uitlaat kan daardoor beter de cabine binnendringen. Dat zorgt al rijdend voor nóg meer drama aan boord.

De bodykit van deze zit er niet voor de show, maar bezorgt de GP uitvoering aerodynamische voordelen. Dankzij de grote dakspoilers wordt de achterzijde van de Mini stevig op het asfalt gedrukt tijdens snel bochtenwerk, terwijl de voorzijde snel en gretig reageert op stuurcommando’s. Het met Alcantara bekleedde stuurwiel is niet alleen heerlijk om vast te houden, maar zorgt ook voor veel feedback. Van aandrijfreacties in de besturing is niet of nauwelijks sprake.

Het is wat ver gezocht om de John Cooper Works GP uitvoering als comfortabel te omschrijven. Voor gebruik op de openbare weg is hij een nogal compromisloze auto vanwege de stijvere vering, de onderstel verstevigingen, de aangepaste dempers en de verkleinde grondspeling. Maar in vergelijking met de eerste 2 weinig vergevingsgezinde edities van de GP modellen is er wel degelijk sprake van enig comfort, waardoor deze Mini theoretisch dagelijks bruikbaar is als jij dat wil.

Zoals tegenwoordig de norm is bij auto’s die supersportwagen prestaties leveren, fungeert een automaat als transmissie. Het 8-traps exemplaar van de John Cooper Works GP uitvoering doet zijn werk uitstekend. Het is een scherp reagerend en intelligent exemplaar die op de juiste momenten voor snelle verzet wisselingen zorgt. Maar als de automatische modus jou niet weet te bevredigen, dan kan jij voor extra betrokkenheid ook de flippers achter het stuurwiel gebruiken.

Het interieur van de John Cooper Works GP uitvoering detoneert niet bij de buitenzijde. Die oogt dus net zo wild. De ruimte waar bij de mindere goden uit het modelgamma de achterbank zit, is voorzien van felrode versteviging beugels die voor extra torsiestabiliteit moeten zorgen. Voor de rest is de cabine redelijk standaard Mini, op de voortreffelijke sportstoelen na die uitstekend steun bieden. Overigens hoeft niet elk GP exemplaar er van binnen identiek uit te zien. De klant kan zelf bepalen of hij helemaal verstoken wil blijven van comfortuitrusting, of zijn hete hatchback toch maar wel laat uitrusten met een navigatie installatie, automatische airconditioning of bijvoorbeeld verwarmde stoelen. Hoe minder toeters en bellen aan bord, hoe lager het gewicht en hoe lichtvoetiger deze Brit zal rijden.

80%
80%
Awesome

Hoeveel sterren?

John Cooper en Alec Issigonis hoeven zich niet om te draaien in hun graf. In de jaren zestig pionierden zij met de combinatie van maximale prestaties in een minimalistische verpakking en deze derde editie van de John Cooper Works GP uitvoering borduurt respectvol en indrukwekkend goed op dit thema voort. Eigenlijk is het moeilijk voor te stellen dat de 3-deurs Mini zo groot prestatiepotentieel in zich heeft.

Geniet er van, want het is lang niet zeker dat er hierna een GP editie komt die nóg meer branie schopt. Elektrificatie van het wagenpark, waar ook Mini niet aan kan ontsnappen, ligt immers om de hoek. Qua instant versnelling kan zo'n emissievrij alternatief deze Brit vermoedelijk wel van repliek dienen, maar de algehele rij ervaring zal natuurlijk totaal anders zijn. De kans is daarom groot dat er na deze John Cooper Works GP uitvoering nooit een nóg extremere, wilder ogende en stormachtiger presterende Mini zal komen.

GrijP jouw kans dus. Vanuit dit opzicht is het rationeel minder onverantwoord om 61.900 euro uit te geven aan een marginaal comfortabele Mini als je voor hetzelfde geld een Honda Civic Type R kan kopen; per saldo een veel betere allrounder. Of voor minder geld kan opteren voor de eveneens veel vuurwerk biedende en bovendien vierwiel aangedreven Toyota GR Yaris. En dan is er natuurlijk ook nog de niet te versmaden Renault Mégane RS Trophy. Maar geen enkele auto biedt zoveel kicks als deze gedrogeerde Brit. Er zijn tal van auto's die rij plezier bieden, maar deze GP smeekt om afgericht te worden. Lukt jou dat, dan heb jij een gifkikkertje in handen die met trots John Cooper's naam draagt en die jou jaren jonger doet voelen. Is dat niet waar het bij een hete hatchback om gaat?

  • 8
  • Beoordelingen door bezoekers (15)
    4.1

Reageren is niet mogelijk.