Volgende maand zal Skoda op de autosalon van Genève de Vision IV presenteren. Deze conceptstudie staat model voor een elektrische SUV die in 2020 op de markt moet komen.
De transitie naar elektrisch rijden zet de autowereld op zijn kop. Ook bij Skoda heeft men daar regelmatig slapeloze nachten van. De Tsjechen kunnen zich nu nog met succes onderscheiden van Volkswagen door haar modellen goedkoper te produceren en door dit voordeel rechtstreeks door te geven aan de consument. Maar bij elektrische auto’s is dat anders. Daar maakt het accupakket de hoofdmoot van het kostenplaatje uit. Het aandeel van de lonen in de totale prijsberekening daalt, en daarmee ook de speelruimte voor Skoda op dit vlak.
Dit betekent dat Skoda het tegelijkertijd met de elektrificatie van haar gamma in stilistisch opzicht over een andere boeg moet gaan gooien. Het prijsverschil met de producten van moederbedrijf Volkswagen zal onherroepelijk kleiner worden, maar dat willen de Tsjechen proberen te compenseren met bovengemiddeld aantrekkelijke designs. Je doet Skoda misschien te kort door te zeggen dat de vormgeving van haar auto’s tot nu toe het ondergeschoven kindje was, maar dat neemt niet weg dat de klanten zich door hun hoofd (of portemonnee) laten leiden en minder door hun hart (en wat een fraaie styling aldaar teweeg kan brengen).

Een tweede reden voor Skoda om meer aandacht te besteden aan design is dat dit merk haar positionering als aanbieder van relatief ruime auto’s gaat verliezen. Niet dat toekomstige modellen krapper worden, maar de Volkswagen I.D. (de hatchback die onder de werktitel Neo is ontwikkeld, gaat ‘I.D. 3′ heten) wordt door het geringe ruimtebeslag van de elektromotor ook heel ruim. En dat geldt eveneens voor alle navolgende leden van de I.D. familie. Het zal voor Skoda lastig worden om in de toekomst op dit terrein het verschil te gaan maken. Dus gaan de Tsjechen het voortaan over de designboeg gooien.
De conceptstudie Vision IV is een goed voorbeeld van hoe chefdesigner Jozef Kaban de toekomst van Skoda veilig wil stellen. Hij stopt duidelijk meer emotie en spanning in de ontwerpen. De auto’s van Skoda worden daardoor begeerlijker en minder zakelijk qua uitstraling. Zo kijkt de Vision IV voor merkbegrippen ongekend gemeen uit zijn ogen. Verder zitten er in de carrosserie meer vouwen dan ooit tevoren. In stilistisch opzicht krijgt de Skoda klant dus veel meer waar voor zijn geld.

Bij een nieuwe designrichting voor de buitenkant hoort natuurlijk ook een verse invalshoek voor het interieur ontwerp. Daar gaat Skoda, kijkend naar de vrijgegeven schets van de cabine, ook voor zorgen. De traditionele middenconsole verdwijnt, evenals de losse knoppenwinkel. Alle functies bedien je voortaan via aanraking van het centrale scherm of via spraakinstructies.
De productieversie van de Vision IV zal worden gebaseerd op het modulaire MEB platform van Volkswagen. Het moederbedrijf zal op basis hiervan zelf ook een elektrische SUV lanceren, de I.D. 4X. Die wordt net zoals de Audi Q4 e-Tron circa 4,50 meter lang. Bij een gelijk formaat zal Skoda niet meer ruimte kunnen bieden; de grootte van de elektromotor en het accupakket is immers identiek. En dus rekken de Tsjechen haar elektrische SUV op tot 4,70 meter. Zodat die alsnog bovengemiddeld ruim is.

De transitie naar elektrisch rijden zet de autowereld op zijn kop. Maar Skoda is van plan om als vanouds met bovengemiddeld slimme oplossingen te komen om zich van de concurrentie (ook in eigen familie) te kunnen onderscheiden. Daarmee denken de Tsjechen hun toekomst succesvol veilig te kunnen stellen!
