Toyota heeft last van de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China. Ook zwakke Amerikaanse autoverkopen spelen de Japanse autobouwer parten, zo blijkt uit een handelsbericht waarin de onderneming een winstprognose geeft voor het hele boekjaar.
Die verwachting komt lager uit dan analisten hadden voorzien. Toyota rekent op een operationele winst van 2,55 biljoen yen (omgerekend 20,7 miljard euro) voor het boekjaar dat loopt t/m 31 maart 2020; een toename van 3,3 procent. Marktvorsers rekenden op een resultaat van ruim 2,6 biljoen yen. De omzetprognose komt ook iets lager uit dan marktkenners hadden voorzien, namelijk op 30 biljoen yen, zo laat Toyota weten. Desondanks is er sprake van een groei van 0,7 procent. In het huidige fiscale jaar verwacht de fabrikant wereldwijd 10,7 miljoen auto’s te verkopen.

Dreigementen van de Amerikaanse president Donald Trump om de importtarieven van de Verenigde Staten te verhogen, nopen Toyota om extra te investeren in het land. De onderneming maakt miljarden extra vrij voor haar meerjarenplan. Ook kosten voor herstructureringen (doel is het vergroten van de efficiency van het productieproces), investeringen in nieuwe technologieën en maatregelen om de verkoop in China nog verder aan te jagen, hebben effect op het winstresultaat. Al deze maatregelen zijn volgens Toyota nodig om competitief te blijven. Het bedrijf kondigde verder een eigen aandeleninkoop aan van 300 miljard yen.
De autofabrikant maakte afgelopen jaar ruim 16 miljard euro winst en verkocht in het afgelopen boekjaar 10,6 miljoen voertuigen, oftewel 1,6 procent meer exemplaren dan in de periode 1 april 2017 t/m 21 maart 2018. De omzet groeide met 2,9 procent naar 30,23 biljoen yen. Het was voor het eerst in de geschiedenis dat Toyota de grens van 30 biljoen yen wist te passeren.
In Europa steeg de afzet met 2,7 procent naar 994 duizend voertuigen, waarvan 760.069 personenwagens (inclusief Lexus). Dat is een toename van 3,8 procent. Toyota wist hiermee haar marktaandeel in Europa (inclusief Lexus) op te voeren van 4,7 naar 4,9 procent. Het Japanse autoconcern wist vorig jaar te profiteren van de toenemende vraag naar haar hybride modellen, maar er zijn nu marktsignalen dat de concurrentie van volledig elektrische auto’s toeneemt. Daar heeft Toyota vooralsnog geen antwoord op, met als gevolg dat het marktaandeel in Europa in het eerste kwartaal weer gedaald is.

Toyota zag in het afgelopen fiscale jaar, dat tot 31 maart liep, de omzet met 3 procent toenemen naar 243,5 miljard euro. De nettowinst daalde echter met 24,5 procent naar 16 miljard euro. Deze terugval dient evenwel genuanceerd te worden, want in het boekjaar 2017/2018 profiteerde Toyota van de belastingverlaging in de Verenigde Staten. Die zorgde toen voor de hoogste winst uit de geschiedenis van de autofabrikant. In het boekjaar 2018/2019 was er geen sprake van een meevaller, integendeel: Toyota was genoodzaakt voor 294 miljard yen af te schrijven op haar investeringsportfolio.
Ondanks dat veel analisten voor het nu lopende boekjaar meer groei hadden verwacht, is niet iedereen in adviesland ontevreden. Men beoordeelt de huidige prestaties van Toyota als “stabiel”. De autofabrikant lijkt minder last te hebben van de mondiale economische afkoeling dan concurrenten. Toch is vriend en vijand het er over eens dat de beste tijden voor de branche in het verleden lag, toen de Noord Amerikaanse markt zich herstelde van de financiële crisis en zich in China een enorme vraag naar auto’s ontwikkelde. Het toekomstperspectief van deze 2 wereldwijd grootste afzetmarkten is evenwel somber. De vraag stagneert, terwijl de materiaalkosten wel blijven stijgen.
Autofabrikanten als Toyota hebben daarnaast zoals gezegd last van de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China, en van de aanhoudende onzekerheid rondom te Brexit. Het Japanse bedrijf is voor wat betreft de laatste kwestie glashelder: het is absoluut onmogelijk om een negatieve impact te vermijden in het geval van een ‘no-deal Brexit’. De fabriek in Burnaston in centraal Engeland, waar dagelijks 600 auto’s van de band rollen, zit dan echt in de hoek waar de klappen gaan vallen.

Dat komt ook omdat de faciliteit volgens Toyota’s beroemde ‘just-in-time’ systeem opereert, oftewel beperkte voorraden onderdelen ter plekke aanhoudt om zo de productieflexibiliteit te kunnen vergroten en de kosten te reduceren. Maar analisten denken dat als Groot-Brittannië de Europese Unie verlaat, autofabrikanten versneld op zoek zullen gaan naar alternatieve productielocaties. “Het is natuurlijk voor commerciële bedrijven om fabrieken te verplaatsen naar plekken waar winst kan worden gemaakt”.
