Volgens de nieuwe BP topman Bernard Looney, die sinds februari in het zadel zit, is de piek in de vraag naar olie al bereikt, met alle gevolgen van dien voor zijn industrietak. Oorzaak is natuurlijk de corona crisis en het daaruit resulterende ‘op afstand werken’ dat wel eens een blijvertje zou kunnen zijn. Maar gekscherend zou je ook kunnen opmerken dat de vraag naar olie alleen nog maar kan zakken nu BMW afscheid neemt van haar V12 motor.
De V12 wankelt op zijn voetstuk en ook bij BMW moet deze grote verbrandingsmotor er aan geloven. De huidige 7-serie is het laatste model van het merk dat geleverd wordt met een twaalfcilinder. Dat BMW haar V12 vaarwel gaat zeggen, komt door de immer strikter wordende CO2 eisen die met name de Europese Unie oplegt. Voor de Aziatische markt zou de twaalfcilinder nog wel een tijdje doorgebouwd gaan worden. Daar is relatief veel vraag naar de grootste motor van BMW en de wetgeving vanuit Brussel heeft op die verkoopregio uiteraard geen vat.

Mercedes-Benz gaat de nieuwe S klasse wel weer met een V12 leveren, zo liet Daimler topman Ola Källenius een halfjaar geleden ter geruststelling weten (al zouden milieuridders van deze mededeling slapeloze nachten gekregen kunnen hebben). Waarom laat BMW dan wel aankomende herfst het doek voor de twaalfcilinder vallen? De reden is simpel: van de M760Li (het enige model van het merk waarin de 6,6 liter grote V12 met 2 turbo’s nog te vinden is) verkoopt wereldwijd veel minder goed dan de top uitvoeringen van de Mercedes S klasse. Met name voor de in China zeer gewilde Maybach uitvoering wordt de twaalfcilinder door gefortuneerde consumenten als de ideale krachtbron gezien.
Toch lijken de dagen van de V12 ook bij het Daimler concern geteld te zijn. De Maybach uitvoering van de Mercedes GLS moet het namelijk met een achtcilinder doen en dat is veelzeggend. BMW levert haar V12 evenmin in de enorme X7. De Aston Martin debuteert in achtcilinder vorm. De 5,9 liter grote V12 motor is voor deze SUV hooguit bijzaak. Rolls-Royce, als dochter merk een andere belangrijke afnemer van BMW’s twaalfcilinder, heeft voorlopig nog geen plannen om aan ‘downsizing’ te gaan doen. Als er een andere koers gevaren moet gaan worden, dan maar in één keer goed. Bijvoorbeeld door medio 2025 de V12 motor radicaal over te stappen op volledig elektrische aandrijving.

Maar voor de meest prestigieuze auto uit het BMW gamma valt binnenkort al het doek. Dat de M760Li xDrive zijn langste tijd gehad heeft, zal de marketingafdeling weinig uitmaken. De V12 uitvoering van de 7-serie geniet zonder meer voldoende respect, maar gekocht wordt hij in Europa eigenlijk nooit. Logisch, want als twaalfcilinder is de grootste sedan van BMW afgerond dubbel zo duur als de 730d en 740i. En dat is slechts de aanschafprijs. Dan moeten de kosten voor brandstof en de excessieve afschrijving nog komen. Wie perse de V12 uitvoering van de 7-serie wil hebben, zal na de herfst naar bijvoorbeeld Azië, het Midden-Oosten of Noord Amerika moeten verhuizen. Daar zijn de regels omtrent uitstoot zoals gezegd veel minder stringent.
Daarom blijft de M760Li tot 2023 in productie voor sommige exportmarkten. In dat jaar zal de nieuwe generatie 7-serie worden voorgesteld. Die zal leverbaar worden met een motor die nog stiller en trilling armer is dan de V12 en bovendien meer koppel levert: een elektrisch exemplaar. BMW zal die versie waarschijnlijk gaan aanbieden als i7. Vanaf 2023 kan Looney zijn borst voor wat betreft de dalende vraag naar olie dus helemaal gaan nat maken. De BP topman houdt er rekening mee dat die terugval permanent zal zijn. Ook Shell twijfelt overigens of de vraag terugkeert op het niveau van voor de pandemie.
