Het aantal juridische conflicten met de auto als lijdend voorwerp is de afgelopen jaren fors gestegen. Dit komt niet alleen doordat er meer personenwagens zijn, maar ook doordat voertuigen technisch complexer worden, personeelstekorten, terugroepacties en de sterkere juridische positie van consumenten.
Dit zijn althans de bevindingen van de Stichting Achmea Rechtsbijstand (SAR). Deze juridische dienstverlener zegt dat er vorig jaar bijna 5.451 juridische geschillen over gemotoriseerde voertuigen zijn gemeld. In 2021 ging het nog om 3.067 van dergelijke klachten. Het gaat om een stijging van bijna 78 procent.
Het aantal meldingen over een conflict bleef in de eerste helft van 2026 “onverminderd hoog”, aldus de SAR. Traditiegetrouw gaan de meeste meldingen over technische gebreken, zoals problemen met de motor, de distributieriem of andere mechanische onderdelen van het voertuig. Tegelijkertijd neemt het aantal geschillen over software en elektronica toe. Moderne voertuigen worden steeds ‘digitaler’, waardoor storingen in software, sensoren en rijhulpsystemen vaker tot juridische conflicten leiden.
Volgens Martijn Walschots, jurist bij SAR, ontstaat er in de praktijk regelmatig discussie over wat een klant ‘redelijkerwijs’ mag verwachten van een voertuig. “Voldoet een voertuig daar niet aan en kan de consument aantonen dat er sprake is van een gebrek? Dan heeft de consument in beginsel recht op kosteloos herstel”, zo laat hij tegenover RTL Z weten.
Walschots legt uit dat er sprake is van een juridisch conflict bij een verschil van mening over juridische rechten en plichten. “Dit kan gaan om conflicten waar een juridische procedure onvermijdelijk is, maar ook om conflicten waarbij nog contact met de wederpartij mogelijk is om op die manier tot een oplossing te komen”.
De toename van het aantal meldingen hangt onder meer samen met regels die 4 jaar geleden zijn veranderd, waardoor consumenten juridisch sterker staan. Begin april 2022 is het ‘wettelijk bewijsvermoeden’ verlengd van 6 maanden naar 1 jaar. Walschots: “Treedt er binnen 1 jaar na aflevering een aantoonbaar gebrek op? Dan wordt aangenomen dat dit gebrek al aanwezig was bij de aflevering van het voertuig”.
Andere verklaringen zijn personeelstekorten en terugroepacties. Deze zaken zorgen volgens SAR voor extra druk op de werkplaats en langere reparatietijden. Hierdoor ontstaan discussies omdat consumenten willen dat hun voertuig zo snel mogelijk wordt hersteld. “Ook krijgen we regelmatig meldingen over de kosten van vervangend vervoer”, aldus Walschots.
Als je een probleem met je voertuig hebt, roept SAR op om dit zo snel mogelijk te melden bij de verkoper. “Bewaar alle correspondentie en leg gemaakte afspraken schriftelijk vast. Ga vervolgens eerst zelf in gesprek met de verkoper of fabrikant”, In veel gevallen wordt het probleem dan opgelost, stelt Walschots. “Werkt de verkoper of fabrikant niet mee en denkt de consument juridisch in zijn recht te staan, dan kan het verstandig zijn om juridische hulp in te schakelen”.
