De in München gevestigde BMW Groep speelt op de IAA Mobility autoshow een thuiswedstrijd. Die tentoonstelling wordt immers in die stad gehouden. Bij thuiswedstrijden lijkt de kans op succes net wat groter te zijn dan wanneer elders moet worden gescoord. En het zou best wel eens kunnen zijn dat de BMW Groep dit jaar de show inderdaad steelt. Want naast aangekondigd nieuws van het hoofdmerk, zal dochter Mini in München liefst 2 nieuwe modellen presenteren. Niet alleen de eerder vandaag besproken Cooper, maar ook de derde generatie Countryman.
Qua productie speelt de nieuwe Countryman trouwens ook een thuiswedstrijd want hij gaat in Duitsland gebouwd worden. Nederland komt er in de vorm van de VDL Nedcar fabriek in Born niet meer aan te pas. BMW zegt vandaag de dag voldoende productiecapaciteit te hebben om de Countryman in eigen beheer te produceren. Dat kan sowieso kosten schelen, maar in het geval van de SUV van Mini helemaal want hij zal op dezelfde productielijn als de technische identieke BMW X1/iX1 het levenslicht zien. Ook met die efficiëntie kunnen kosten worden bespaard.

De beslissing om de nieuwe Countryman dezelfde basis te geven als de BMW X1/iX1 heeft als consequentie dat beide SUV modellen nu (ongeveer) even groot zijn. Voor de Mini betekent dit dat de afmetingen duidelijk zijn toegenomen. De Countryman kreeg er 13 centimeter in de lengte bij en 6 centimeter in de hoogte, Daardoor is de SUV van Mini nu 4,43 meter lang en 1,66 meter hoog. Verder is hij 1,84 meter breed. Dat maakt van de nieuwe Countryman een ‘ maxi Mini’. De nieuwe Countryman blijft qua afmetingen onder de X1, maar is wél groter dan de X2.

Merkpuristen zullen gemengde gevoelens hebben bij de grotere maatvoering. Daar staat tegenover dat de Countryman nu eindelijk een volwaardige gezinsauto is die prima kan concurreren met modellen als de Alfa Romeo Tonale, Kia Sportage en Peugeot 3008. Oftewel, consumenten die jarenlang klant zijn geweest bij Mini maar die zich door gezinsuitbreiding genoodzaakt voelen om met een ander automerk zaken te gaan doen, kunnen nu binnenboord worden gehouden.

Doen die gezinnen dat, dan zullen zij niet teleurgesteld zijn. Dankzij een wielbasis van 2,69 meter (wat bijna 10 centimeter meer is dan voorheen) kan puberend kroost makkelijk achterin plaatsnemen. Temeer daar er voor hen niet alleen meer beenruimte is, maar ook 2,5 centimeter extra bewegingsvrijheid op schouderhoogte. Zijn de kinderen nog zo klein dat er rekening gehouden moet worden met het vervoer van bijvoorbeeld een wandelwagen, dan is het goed op te weten dat de achterbank 13 centimeter naar voren kan worden verschoven. In dat geval is er 460 liter aan bagageruimte beschikbaar, oftewel 30 liter meer dan bij de huidge Countryman. Zijn er helemaal geen achter passagiers, dan kan de bank dubbel worden geklapt en is het koffervolume ineens 1.450 liter.

Net als bij de nieuwe Cooper heeft Mini zich ook bij het design van de derde generatie Countryman redelijk ingehouden. Dat is op zich niet zo verrassend want beide modellen zijn ontworpen volgens dezelfde stijlrichting, genaamd Charismatic Simplicity. Persoonlijk vind ik de nieuwe Countryman wat beter geslaagd dan de Cooper waarvan de achterlichten niet helemaal mijn Engelse kopje thee zijn. Er is sprake van een ingetogen, maar tegelijkertijd merk karakteristieke styling, hetgeen betekent dat de derde generatie van de SUV instant als Countryman herkenbaar is.

Veel dikker aangezet dan voorheen is evenwel de C-stijl. Zonder het kunststof paneel in de kleur van het dak lijkt de weggewerkt te zijn achter de raampartij, maar nu is het een visueel uithangbord van welke versie er voor jouw ogen geparkeerd staat (of voorbij rijdt). Veel wind zal dit opvallende paneel vermoedelijk niet vangen, want Mini is er in geslaagd om de Cx waarde van 0,31 (van de vorige generatie) terug te brengen tot een indrukwekkende 0,26.

Net als de Cooper wordt de nieuwe Countryman in 4 trims (Essential, Classic, Favoured en John Cooper Works) leverbaar. Die hebben allemaal voor wat betreft hun exterieur en interieur hun eigen stijl. Alle versies hebben echter hetzelfde, door minimalisme gekenmerkte, dashboard met groot, centraal geplaatste rond aanraakscherm. Ook wat boordplank betreft loopt de Countryman dus keurig in de pas bij de Cooper. Of je het nu mooi vindt of niet, uniek (voor Mini) is het wel. Achter het stuur zit geen instrumentarium dus indien er prijs wordt gesteld op rij informatie direct in het gezichtsveld (en wie wil dit niet), dan dient het optionele Head-up display te worden aangevinkt op de optielijst.

Verschillen met de Cooper zijn er ook. Zo is bij de Countryman een volledig elektrische aandrijflijn geen verplichte kost, alhoewel dit wel mogelijk is. Anders dan bij de Cooper het geval is, staat vierwielaandrijving eveneens op de optielijst. De volledig elektrische Countryman, genaamd SE ALL4, heeft dit stukje techniek standaard. En dat mag ook wel bij een systeemvermogen van 313 pk en 494 Nm aan koppel. Deze specificaties zijn te danken aan 2 elektromotoren en zorgen voor een acceleratietijd (0-100 km/u van slechts 5,6 seconden). Indien het een onsje minder mag zijn (nou ja, dik 100 pk), dan kan je de Countryman E bestellen. Die is louter voorwiel aangedreven en beschikt over 204 pk / 250 Nm. Accelereren naar 100 km/u neemt 8,6 seconden in beslag. Zijn topsnelheid is 170 km/u terwijl de Countryman SE ALL4 pas bij 180 km/u de handdoek in de ring gooit.

Deze waarden lijken sterk op de specificaties van de BMW iX1, maar dat is dus niet toevallig aangezien beide modellen dezelfde technische basis hebben. Die SUV debuteerde vorig jaar al. Dat de tijd ondertussen niet stil heeft gestaan, illustreert de Countryman met het feit dat hij met maximaal 150 kW met gelijkstroom snel kan worden opgeladen (bij de iX1 ligt de limiet op 130 kW), terwijl op wisselstroom de maximale laadcapaciteit 22 kW bedraagt. Dat is het dubbele van wat de iX1 aankan. De BMW en de Mini hebben dezelfde 68 kWh batterij (64,7 kWh netto). Dit betekent dat zij een vrijwel even grote actieradius hebben. De Countryman SE ALL4 kan namelijk maximaal 436 kilometer ver komen op een acculading. BMW geeft 417 à 439 kilometer aan rijbereik op voor de iX1 xDrive30. De Countryman E kan 462 kilometer ver komen op een volle acculading.

Later volgen nog diverse verbrandingsmotoren. Daartussen bevindt zich ook een diesel, maar die komt niet onze kant op. Wij kunnen wel rekenen op de ultra sportieve JCW versie (de andere varianten heten ‘Countryman C’ en ‘Countryman S ALL4’). Meer keuze dan de Cooper biedt de Countryman ook bij de onderstelafstelling. Zowel ‘comfortklanten’ als liefhebbers van meer dynamiek kunnen dus aan hun trekken komen. De laatste kopers groep kan in dit kader rekenen op frequentiegevoelige dempers die de rijhoogte met 15 millimeter doen afnemen. Daarmee kan de sowieso al bovengemiddeld goede voertuig controle (we hebben het immers over een Mini) verder worden verbeterd. Dat zal dus vermoedelijk wel ten koste gaan van het comfort, helemaal als op de optielijst de 20 inch wielen worden aangevinkt.

De nieuwe Countryman laat Mini zoals gezegd in Leipzig bouwen, in dezelfde fabriek waar de X1/iX1 van de band rolt. De prijzen zijn vooralsnog niet bekend. De productie zal in november van start gaan.
