85 procent van de ANWB leden wil dat de verhoging van 21 cent op accijns en btw op brandstof eind dit jaar niet doorgaat. Met de huidige benzineprijzen zit nu al ruim 26 procent van de leden financieel in de knel, zo blijkt uit nieuw onderzoek onder 1.201 ANWB leden. De ANWB wil daarom dat het kabinet afziet van deze verhoging en de betaalbaarheid van mobiliteit niet verder onder druk komt te staan.
De belastingen en kale pompprijs staan niet meer in verhouding tot elkaar. In Nederland bestaat de prijs van een liter benzine nu al voor meer dan de helft uit belastingen. Nederland is daarmee koploper in Europa. Vanaf 1 januari 2024 is de verwachting dat dit verder stijgt met 21 cent aan accijns en btw. De ANWB waarschuwt dat dit armoede in de hand kan werken. Formeel is er sprake van een tijdelijke beëindiging van tijdelijke verlaging van de accijnzen (die er was gekomen als antwoord op de gestegen energiekosten), maar ANWB directeur Marga de Jager denkt daar toch een tikkeltje anders over: “Vóór de verlaging stonden de accijnzen op 81 cent per liter”, zegt ze. ‘Door de gestegen brandstofprijzen staan ze nu op 79 cent en na de verhoging op 96 cent”. Het gaat feitelijk dus niet om het terugdraaien van een tijdelijke verlaging. Per saldo is het een absolute verhoging van 15 cent”.
Voor veel Nederlanders is de auto onmisbaar in het dagelijks leven bij het reizen naar werk of het bezoeken van familie. Van alle reiskilometers die we in Nederland maken wordt 70 procent met de auto afgelegd. Door de huidige brandstofprijzen komt een groot deel van de Nederlanders financieel in de knel. Ruim 26 procent van de ANWB leden moet daardoor besparen op maandelijkse uitgaven. Leden bezuinigen daarbij het meest op:
Spaargeld (72%)
Vakantie en uitjes (61%)
Boodschappen (60%)
Uit eten gaan (59%)
Opvallend is dat men er ook voor kiest om te besparen op het onderhoud van de auto (26 procent). Door achterstallig onderhoud neemt de kans op pech en hogere kosten toe.
Bijna een derde van de werkenden heeft geen alternatief voor de auto om op het werk te komen. Als er wel een alternatief voor handen is, zoals het openbaar vervoer of een elektrische fiets (60 procent), levert dit bij 75 procent een extra reistijd op van een half uur tot meer dan een uur.
De huidige prijzen aan de pomp zorgen er ook voor dat mensen minder vaak met de auto op pad gaan voor uitjes, familiebezoek of sociale gelegenheden. Maar liefst 48 procent van de ANWB leden geeft aan te besparen op deze ‘recreatieve’ ritten als de benzineprijs op dit niveau blijft.
De ANWB stelt dat mobiliteit veilig, schoon en betaalbaar moet zijn voor iedereen. Door de opkomst van de elektrische auto haalt de overheid minder accijns en btw op. Maar het verhogen van de accijns is slechts een oplossing voor de korte termijn. De overheid moet naar een toekomstbestendige vorm van autobelastingheffing, zo stelt de ANWB. Bovendien zijn accijnsverhogingen volgens De Jager niet de meest efficiënte manier om verduurzaming te bevorderen: “Door de accijnzen te blijven verhogen, maken we de stap naar verduurzaming juist moeilijker. Enerzijds wordt de overheid zo steeds meer afhankelijk van de inkomsten. En anderzijds hebben automobilisten zo minder financiële ruimte om daadwerkelijk te sparen voor een nieuwe, elektrische auto”.
