De deal tussen Ford en een grote investeerder over de overname van de autofabriek in het Duitse Saarlouis is mislukt. Het nieuws is een grote teleurstelling voor het personeel van de site. De deal zou 2.500 banen in de regio veilig hebben gesteld.
Ford heeft momenteel 4.500 mensen in dienst in Saarland en er zijn nog eens 1.500 banen bij leveranciers met banden met de fabriek. Het personeel wacht al maanden op nieuws over de toekomst van de site. Nu is het duidelijk: de onderhandelingen tussen Ford en een grote investeerder zijn mislukt. Met als gevolg dat de partij die de fabriek in Saarlouis wilde overnemen, zich heeft teruggetrokken.

De baas van Ford Duitsland, Martin Sander, laat weten dat de investeerder vorige week besloten heeft om de gesprekken niet voort te willen zetten. De Amerikaanse autofabrikant zegt geen gedetailleerde informatie te hebben over de reden waarom de gesprekspartner zich terugtrok.
Het nieuws heeft vanzelfsprekend gevolgen voor de onderhandelingen over een sociaal plan. De ondernemingsraad van de fabriek in Saarlouis leek eerst de kat uit de boom te willen kijken, maar nu duidelijk is geworden dat er geen koper voor de site is, is de stemming omgeslagen. Waarschuwingsstakingen en andere vakbondsacties voor onbepaalde tijd zijn al aangekondigd. “Het is nu zaak om duidelijkheid en zekerheid voor de werknemers te creëren”, aldus Sander in een interview.
Ford bevestigde dat het, nu de koper voor de fabriek heeft afgehaakt, 1.000 banen op de locatie wil behouden. De premier van Saarland, Anke Rehlinger, gaat daar evenwel niet meer akkoord. “Ik accepteer dat niet als eindresultaat”. Vakbond IG Metall laat weten “zeer teleurgesteld en boos” te zijn over de terugtrekking van de investeerder. Districtsmanager Jörg Köhlinger geeft als toelichting: “Uiteindelijk weten we niet waarom Ford, de deelstaatregering van Saarland en de investeerder niet tot overeenstemming konden komen”.
Medewerkers hadden goede hoop op een ‘happy end’ ondanks dat de productie van de Ford Focus op de locatie medio 2025 eindigt. Een overeenkomst met een (niet bij naam genoemde) grote investeerder zou er toe hebben geleid dat 2.500 van de 4.500 banen gered hadden kunnen worden. Maar op 30 september had er een bindend voorlopig koopcontract met handtekeningen moeten liggen en dat is niet gebeurt. Vakbond IG Metall eist nu hoge ontslagvergoedingen voor de werknemers.
