Een select aantal autojournalisten kreeg van Mercedes de gelegenheid om alvast kennis te maken met de aankomende gloednieuwe GLC inclusief zijn modulaire platform dat specifiek is ontwikkeld voor elektrische aandrijving.
Premium autofabrikanten bevinden zich momenteel in een vreemde middenmoot wat betreft de adoptie van elektrische aandrijving. Zij zijn genoodzaakt om emissievrije versies van hun populairste modellen op de markt brengen, maar tegelijkertijd moeten zij ook varianten met een verbrandingsmotor langer dan gepland in leven houden. Dat betekent in de praktijk vaak dat er gewerkt moet worden met diverse Porsche bevindt zich reeds in die positie met de Macan. BMW volgt later dit jaar met de iX3 en X3. Nu mengt Mercedes-Benz zich in de strijd met een elektrische GLC die in het voorjaar van 2026 op de markt komt. De ontwikkeling van deze SUV is grotendeels voltooid en de autofabrikant uit Stuttgart nodigde mij uit om een gecamoufleerd prototype aan de tand te voelen op hun enorme testfaciliteit. Productie is nog ver weg, vandaar dat het dashboard nog niet te zien is, maar de eerste tekenen zijn veelbelovend.

De GLC die nu nog in de prijslijst staat, was vorig jaar wereldwijd Mercedes’ bestverkochte model. Het is logisch dat een elektrische variant onderdeel uitmaakt van de plannen voor de nieuwe generatie. Die gaat niet EQC heten want met aparte elektrische modellen die ‘EQ’ als beginletters in hun naam hebben, heeft Mercedes slechte verkoopervaringen. Dus net als bij de nieuwe CLA, behoudt de SUV een type-aanduiding die klanten al kennen. Vaarwel, EQ… ik kan niet zeggen dat ik jou zal missen.
Mercedes waagde in 2019 een eerste poging tot de lancering van een niet al te grote elektrische SUV met de EQC. Die deelde zijn platform met de huidige GLC. De nieuwe editie is in elektrische vorm gebaseerd op een volledig nieuw 800 volt platform dat volgens Mercedes niet gerelateerd is aan de GLC met verbrandingsmotor of de elektrische CLA. Het is een modulaire architectuur, dus we zullen het onderstel waarschijnlijk terug zien in toekomstige andere elektrische modellen van Mercedes.

Wat direct opvalt aan het design van de nieuwe GLC is de lagere daklijn dat aan de achterkant wat schuiner afloopt. Het resultaat is een slanker profiel dan de huidige GLC. Ook de 8,4 cm langere wielbasis draagt aan dit resultaat bij. Van opzij gezien heeft de nieuwe GLC de uitstraling van een hoge stationwagen. Ondanks de schuin aflopende daklijn zegt Mercedes dat de nieuwe GLC dan de bestaande editie. De cabine is sowieso groter en hetzelfde geldt voor de kofferbak, tenminste als het formaat van de frunk wordt meegerekend. Bij eerdere EQ modellen van Mercedes ontbrak een dergelijke opbergruimte in het vooronder. Zelfs de motorkap kon niet open.
Het testmodel had de lanceringsconfiguratie genaamd ‘400e 4Matic’. In deze vorm beschikt de GLC over een accupakket van 94,5 kWh en 2 elektromotoren: één voor en één achter. De aandrijflijn gebruikt beide motoren bij weinig grip en sportief rijden, maar de voorste kan worden losgekoppeld voor extra efficiëntie wanneer deze niet nodig is. Mercedes zegt dat in een later stadium versies volgen met slechts één elektromotor (achterin). De aandrijflijn biedt een geschatte actieradius van 650 km volgens de Europese WLTP-cyclus. De accu maakt gebruik van nikkel-mangaan-kobalt (NMC) cellen, hoewel er naar verluidt ook een lithium-ijzerfosfaat exemplaar beschikbaar zal zijn voor andere markten. Deze LFP-accu’s zijn goedkoper, maar bieden over het algemeen minder bereik voor hun formaat. Met een 800 volt DC-snelle lader heeft de GLC volgens Mercedes een pieklaadvermogen van 320 kW en kan hij in 10 minuten 260 km extra rijbereik toevoegen.

De GLC 400e 4Matic is goed voor 483 pk. Daarmee staat hij boven de elektrische Macan 4 en net onder de 4S, terwijl hij royaal wordt overtroffen door de 630 pk sterke Porsche Macan Turbo. Om met de laatste variant uit Zuffenhausen te kunnen concurreren, zal Mercedes een AMG model in stelling brengen. Interessant is dat GLC een 2-versnellingsbak gebruikt, net als de Porsche Taycan (de Macan heeft een enkele versnelling). Volgens Mercedes maakt dit de SUV efficiënter bij hoge snelheden. De woordvoerder van de fabrikant wilde mij niet vertellen of de transmissie intern is ontwikkeld of bij een leverancier wordt ingekocht.
Ik heb ongeveer 30 minuten in een prototype van de nieuwe elektrische GLC rondgereden op de uitgestrekte testfaciliteit van Mercedes in Immendingen om hem te leren kennen. Dat is een korte periode in een gecontroleerde omgeving en geen goede basis voor een definitief oordeel. Desondanks vond ik de GLC goed wendbaar, snel en gemakkelijk te besturen. Het prototype ging er zonder veel drama vandoor, met die vlotte, bevredigende trekkracht die kenmerkend is voor elektrische auto’s, zonder dat het gaspedaal daarvoor tot de bodem moest worden ingetrapt, of dat de sprintfase schokkerig verlies. Bij het accelereren uit haarspeldbochten bergop, haakte de GLC gewoon aan en had hij totaal geen last van wielspin.

Er zijn drie regeneratieve rem modi, waarvan één die rijden met één pedaal mogelijk maakt en de Mercedes volledig tot stilstand brengt, één die hem laat uitrollen en een normale stand ergens in het midden. Persoonlijk zou ik bijna altijd de zware regeneratieve modus gebruiken, omdat ik die intuïtief en gemakkelijk te moduleren vond. Ik had niet de kans om de GLC volledig af te sluiten tijdens de korte test, dus ik weet niet zeker of een modusvoorkeur kan worden opgeslagen, of dat deze elke keer dat je de auto start wordt gereset; een pijnpunt bij de huidige elektrische modellen van Mercedes.
De wendbaarheid van de elektrische GLC wordt bevorderd door de achterwielen, die maximaal 4,5 graden kunnen draaien. Dat geeft de Mercedes een draaicirkel van slechts 11 meter; net iets minder dan de 11,1 meter van de Macan met achterwielbesturing. Het systeem voelde heel natuurlijk aan tijdens mijn korte kennismaking, waardoor de GLC zeer wendbaar was op krappe haarspeldbochten en op parkeerplaatsen, terwijl hij stabiel bleef op snelheid. “De best gedempte auto’s ademen met de weg”. Deze soort van tegeltjeswijsheid betekent dat ze verbonden en gecontroleerd aanvoelen, maar niet hard of stuiterend geveerd zijn. Na met de GLC over de (opzettelijk) pokdalige ‘landweg’ van Mercedes te hebben gereden, plaats ik hem in die categorie. Hij maakt gebruik van een dual-mode luchtvering met Comfort en Sport standen, waarbij in de laatste stand oneffenheden en schokken kalm geabsorbeerd werden. Ondanks de soepele vering voelde de GLC helemaal niet log aan. Hoofdingenieur Stephanie Salewyn vertelde mij dat een van haar grootste ontwikkelingsdoelen was om een auto te creëren die verfrissend was, in plaats van vermoeiend, om mee te rijden. Ik heb er niet genoeg tijd in doorgebracht om te weten of hij die belofte waarmaakt, maar ik vond de Mercedes wel behoorlijk comfortabel.
Mercedes-Benz GLC 400e Matic: Eerste gedachten
We weten nog niet wat de elektrisch GLC gaat kosten, welke uitrusting er standaard in zit, of zelfs hoe hij eruitziet zonder camouflage. Maar het is mij duidelijk dat Mercedes zijn huiswerk goed gedaan heeft, en dat is verstandig, gezien de eerdere flops op EQ gebied. Een nieuwe elektrische auto op de markt brengen, is zelfs in economisch goede tijden al lastig, en dit zijn verre van de zorgeloze jaren. Ik durf te wedden dat het succes van deze GLC sterk zal afhangen van de software en gebruikersinterfaces; dingen die ik in deze beperkte preview helemaal niet heb kunnen uitproberen, en gebieden waar Mercedes het de laatste tijd moeilijk mee heeft.
Klanten hebben behoefte aan meer goede elektrische opties in de bestaande segmenten en ik ben blij dat Mercedes eindelijk de strijd aan lijkt te kunnen gaan met Porsche, BMW en Tesla. Persoonlijk verwacht ik voor de GLC 400e 4Matic een prijs om en nabij de 82.000 euro. Dat is amper meer dan de EQE SUV in ‘300’ basisuitvoering moet opbrengen. En vermoedelijk even veel als de nieuwe Volvo EX60 in Twin Motor Performance uitvoering gaat kosten. Het is een prijsstelling waarmee Mercedes de orders voor de nieuwe GLC niet in haar schoot geworpen krijgt, maar die zondermeer wel competitief is.

