Afgelopen maandag kwam Honda in het autonieuws met de mededeling dat zij overweegt om in de Verenigde Staten een vierde fabriek te bouwen. Ook blijft de Japanse autoproducent investeren in China, ondanks tegenvallende verkopen. Maar terwijl in Europa de verkopen aantrekken, blijft onze wereldregio verstoken van geld van Honda. Waarom is dat?
Honda heeft momenteel 3 fabrieken in de Verenigde Staten, namelijk in Ohio, Indiana en Alabama. Die draaien op een zeer gezonde, concurrentie-jaloers-makende 85 procent van de productiecapaciteit, die maximaal 1,2 miljoen voertuigen bedraagt. Iedere ondernemer weet dat in een dergelijke situatie verstandig is om na te denken over een extra fabriek, want anders doen er zich in de toekomst misschien verkoopkansen voor waar met slechts 3 vestigingen niet op kan worden ingespeeld.
Het licht staat nog niet definitief op groen voor een vierde fabriek in de Verenigde Staten, maar de extra productielocatie is mogelijk nodig voor dochter Lexus. Dit merk ziet haar gamma namelijk mogelijk uitgebreid gaan worden met een ruime 7-persoons MPV annex SUV. Honda wil daarmee met name de Lexus TX gaan beconcurreren, een soortgelijk model dat leverbaar is met diverse aandrijflijnen, variërend van louter een benzinemotor tot volledig elektrische techniek. Het antwoord van Acura zou in september 2029 in productie moeten gaan.
Voor wat betreft de activiteiten in China heeft Honda besloten om zijn lokale joint venture met Guangzhou Automobile Group (GAC) te verlengen tot 2038. De Japanners zijn dus niet van plan om het land te verlaten. Dat is opvallend, want in de afgelopen 5 jaar zijn de verkopen van Honda in China gekelderd: van 1,63 miljoen voertuigen in 2020 naar slechts 645.000 exemplaren afgelopen jaar.
Maar China ’s werelds grootste automarkt en opgeven is daarom geen optie. Daarom heeft Honda besloten om zijn knip te trekken. Op die manier hoopt het Japanse bedrijf het tij te kunnen keren. Toshihiro Mibe, sinds 2021 de CEO van Honda, zegt van de in het verleden gemaakte fouten geleerd te hebben en dat zijn ambitie om het bedrijf succesvol te laten zijn in China krachtiger is dan ooit.
“Zodra je de concurrentie met China vermijdt, is dat in feite een verlies”, aldus de topman van Honda. Door de joint venture met GAC te verlengen wil Honda van zijn aanwezigheid op de Chinese automarkt en blijvertje maken. Maar daarvoor moet wel eerste de concurrentiepositie verstevigd worden. Honda erkent dat dit nodig is “door de snelle vorderingen op het gebied van elektrificatie en intelligente technologieën”.
Honda denkt dus het tij in China te kunnen keren door te leren van de in het verleden gemaakte fouten. Volgens de CEO was het “een harde les” om er achter te komen dat modellen die bestemd zijn voor de Chinese markt, maar die te veel door de Japanse bril zijn ontwikkeld, nooit succesvol zullen zijn. Honda behoorde ooit tot de grootste buitenlandse spelers in het grote Aziatische land, maar is nu heel duidelijk in het defensief gedrukt. Om zichzelf uit die positie te bevrijden, moet de technologische kennis van de joint venture met GAC, die stamt uit 1998, “ten volste benut gaan worden”.
Anders dan in de Verenigde Staten zal Honda in China niet meer investeren in modellen die (ook) leverbaar zijn met een verbrandingsmotor. Alle kaarten worden ingezet op elektrische aandrijving.
Europa heeft voor wat betreft de ambities van Honda het nakijken. De verkopen zijn in de eerste 5 maanden van dit jaar weliswaar met ruim 8 procent gestegen, maar het marktaandeel stagneert al geruime tijd op 0,5 procent. Marginaal dus. Honda denkt niet dat zij in Europa (weer) een vooraanstaande positie kan bereiken. Dat komt niet in de laatste plaats door de komst van de Chinese autofabrikanten. De enige Europese fabriek van Honda (de vestiging in Swindon) werd 5 jaar geleden al gesloten, dus het bedrijf hoeft in onze regio niet veel ballen in de lucht te houden.
Het ligt voor de hand dat Honda en Nissan, ondanks een mislukte fusiepoging, in de toekomst meer gaan samenwerken. Die krachtenbundeling is in zekere zin uit noodzaak geboren, maar is ook een breed gedragen wens van de Japanse autoriteiten. Zelfs de eeuwige rivaal van Honda, het machtige Toyota staat open om in de toekomst allerlei componenten en technologieën te gaan delen. Betekent dit dat voor Europa een ‘Airbus op autogebied’ de toekomst is?
