Ook Mini ontkomt niet aan elektrificatie. In 2019, dus volgend jaar al, zal een emissieloos model op basis van de Hatch worden geïntroduceerd. Maar juich, als je een groen hart hebt, niet te vroeg want de prijs wordt niet bepaald ‘mini’.
Specificaties en details over de elektrische Mini zijn nog niet bekend, maar wie om zich heen kijkt, ziet dat de e-Golf factor 1,6 duurder is dan de simpelste benzineversie. Bij Smart moet voor de Electric Drive uitvoering precies 2 keer zoveel worden betaald. En de e-Up is zelfs meer dan factor 2,2 duurder dan de simpelste benzineversie. De tarieven van de Hyundai Kona Electric zijn nog niet bekend, maar reken op minimaal 36 mille voor de uitvoering met het normale accupakket (er komt ook een versie met een extra grote batterijenset). Dat maakt de Koreaan ook ruim 1,6 duurder dan de instapper uit het benzinegamma. Dus waarom zouden wij denken dat elektrische Mini goedkoper wordt dan 35 mille? Er is niets dat daar op wijst. Het tarief kan zelfs richting de 38.000 euro gaan.
Nu is het zo dat Mini zich met een bovengenoemde prijsstelling niet direct uit de markt prijs. Hij bevindt zich in hetzelfde speelveld als andere compacte elektrische auto’s. Althans, in Europa. Voor China, ’s werelds grootste afzetmarkt, is de situatie heel anders. Daar zijn modellen als de BAIC EC (over de eerste 2 maanden van 2018 gemeten mondiaal de best verkochte elektrische auto), de JAC iEV5 en de Chery EQ1 veel goedkoper. Als Mini in China niet uit de markt gedrukt wil worden, dan zal zij met een prijsscherp alternatief moeten komen. En dat is niet de in Oxford te produceren elektrische versie van de bestaande Hatch.

Moederbedrijf BMW begint in China daarom met een schone lei: in zal in samenwerking met de nieuwe joint venture partner Great Wall een goedkope elektrische Mini gebouwd gaan worden, gebaseerd op lokaal in de kopen componenten. Er komt geen Europese toeleverancier meer aan te pas. BMW wil deze auto (met Mini logo) mondiaal gaan verkopen. Great Wall mag het ontwerp in eigen land aan de man brengen. In hoeverre die uitvoering van de Mini zal verschillen, is nog onbekend. Het plan is dat beide modelvarianten in 2022 op de markt komen. En er wordt rekening gehouden met een productie van op termijn 300.000 exemplaren per jaar.
De Chinese elektrische Mini wordt veel compacter wordt dan de huidige Hatch. Insiders gaan uit van een carrosserielengte van 3,40 meter. Daarmee is de nieuweling ruim 4 decimeter korter dan de 3-deurs Hatch. Maar omdat de elektrische aandrijflijn veel compacter is, zal het ruimteaanbod globaal gelijk zijn. Het blijft waarschijnlijk bij één carrosserievariant: een 3-deurs hatchback. In Europa en Noord Amerika zouden ook goede afzetmogelijkheden zijn voor een Cabrio, maar dat carrosserietype is ongeschikt voor China. In dit land is mogelijk wel klandizie voor een 5-deurs uitvoering, maar dat valt op 3,4 meter carrosserielengte lastig te realiseren. Er zijn 2 accuversies gepland: 38 of 76 kWh. Qua vermogen van de elektromotor is de bandbreedte 163 tot 272 pk. Dus zelfs een John Cooper Works uitvoering is denkbaar.
De grootste uitdaging voor BMW is om de Chinese elektrische Mini dezelfde bouwkwaliteit te geven als de exemplaren die in Europa gebouwd worden. Met lokaal in te kopen onderdelen kan dit lastig worden. Great Wall bouwt tegenwoordig netjes afgewerkte auto’s, maar ‘premium’ kan je het niet echt noemen. Maar goed: stel dat de elektrische Mini half zo duur wordt als de variant die in 2019 in Europa van de band rolt: dan is de kans groot dat er bij een prijsstelling van 17.500 à 19.000 euro een oogje dichtgeknepen zal worden voor wat betreft de afwerking. En bedenk: bij een bouwkwaliteit die niet foutloos is, is Mini weer écht Mini. Net zoals in 1959.
