Nederland ondervindt gevolgen haperende Duitse auto-industrie

0

De verkoop van nieuwe auto’s van Audi, Ford, Mercedes en Opel daalt. Ook BMW, Porsche en Volkswagen merken dat de gouden jaren voorbij zijn. Dat heeft steeds meer gevolgen voor Nederlandse bedrijven. De onzekerheid onder deze toeleveranciers is groot en investeringen worden daarom uitgesteld. Ook wordt er gesneden in de zogeheten flexibele schil, wat gevolgen heeft voor uitzendkrachten en werknemers met een tijdelijk contract. “Over de hele linie loopt het aantal orders terug”, zegt Anne Jaap Deinum van brancheorganisatie Nevat.

Nederland heeft nauwelijks bedrijven die complete auto’s maken, maar er is wel een behoorlijk aantal ondernemingen dat auto-onderdelen maakt. Volgens ING gaat het om ongeveer 300 bedrijven met in totaal 30.000 werknemers. Samen produceren deze ondernemingen voor ruim 10 miljard euro aan onderdelen. Naar schatting 43 procent daarvan wordt verkocht in Duitsland. De rest gaat grotendeels naar andere Europese landen.

Maar de vraag uit de auto-industrie neemt dus in rap tempo af. “Als je geen spreiding hebt, loop je een groot risico”, zegt Dennis Abels, directeur van verenfabriek Avek uit Haarlem. De veren van Avek zitten onder meer in koplampen. “Daarvan verkopen we nog maar een derde in vergelijking met vorig jaar”. En dit betekent voor de verenfabriek dat er minder geïnvesteerd wordt om de productie uit te breiden. “De afgelopen jaren moesten we investeren als gekken om bij te blijven, dat stabiliseert nu en de tendens is naar beneden”, zegt Abels. Door klanten van buiten de auto-industrie draaien de meeste machines in de fabriek nog wel volop door en komen er dit jaar 2 machines bij.

Volgens Deinum zoeken ook andere toeleveranciers nieuwe markten, om zo minder afhankelijk van de auto-industrie te zijn. “Het komt neer op bedenken wat je nog meer kan doen met de technologie en de mensen die je hebt”. Deinum noemt het voorbeeld van een Nederlands bedrijf dat brandstoftanks maakt. “In de toekomst stappen we af van fossiele brandstoffen, dus dan moet je iets anders bedenken”.

Dat de autofabrikanten minder personeel nodig hebben, was deze week ook te zien aan de cijfers van Randstad. De omzet van het uitzendbureau daalde in Duitsland met 15 procent. “Het grootste deel van de krimp komt door de auto-industrie en sectoren die daarmee samenhangen”, zei bestuursvoorzitter Jacques van den Broek erover. Voor werknemers bij Nederlandse toeleveranciers ziet Deinum geen grote problemen om, als dat nodig is, ander werk te vinden. “Als je kijkt naar de totale markt, dan is er krapte”, zegt hij.

Deze week gepubliceerde cijfers van Daimler en Volkswagen bevestigen dat er minder auto’s dan vorig jaar worden verkocht. Het moederbedrijf van Mercedes-Benz bracht in de eerste 6 maanden van 2019 ruim 44.000 auto’s minder aan de man dan een jaar eerder. De Volkswagen Groep, waar ook merken als Audi, Porsche, Seat en Skoda bij horen, verkocht 100.000 auto’s minder.Ook andere autofabrikanten hebben het moeilijk. Nissan kondigde deze week bijvoorbeeld een reorganisatie aan die 12.500 werknemers hun baan kost.

De auto-industrie heeft te maken met een cocktail van negatief nieuws en grote kostenposten. In belangrijke Aziatische afzetmarkten worden minder auto’s verkocht. Chinese consumenten wachten met het kopen van een auto, bijvoorbeeld omdat ze onzeker zijn door het stimuleringsbeleid van hun regering. Die probeert de economie draaiende te houden ondanks de handelsoorlog met de Verenigde Staten.

Dichter bij huis zijn diesels minder populair omdat strengere emissie-eisen dit type auto’s gestaag duurder maken. Ook moeten fabrikanten meer dan ooit investeren in de toekomst. De overgang naar elektrische auto’s kost vele miljarden euro’s, terwijl er nog geen Europese elektrisch aangedreven verkoophit is. De Hyundai Kona Electric en Kia e-Niro zijn in Nederland wel felbegeerd, maar die lopen in Zuid Korea van de band.

En dan is het in potentie giftigste ingrediënt van de cocktail nog niet toegevoegd: de Amerikaanse president Donald Trump heeft meerdere keren met importheffingen van 20 procent op Europese auto’s gedreigd. Dat kan met name voor de Duitse premium merken Audi, BMW, Mercedes en Porsche grote gevolgen hebben. Mocht het dreigement van Trump realiteit worden, dan is dat dus een flinke klap. De Europese Unie verkocht in 2017 voor 37,4 miljard euro auto’s aan de VS, waarvan de helft uit Duitsland. Volgens de invloedrijke economische denktank IFO kan de Amerikaanse interesse door importheffingen halveren.

Reageren is niet mogelijk.