Bij BMW, Mercedes en de Volkswagen Groep hebben zich afgelopen kwartaal ingrijpende veranderingen voorgedaan: de winstmarges op hun kernactiviteit, de productie en verkoop van personenauto’s, daalden in de eerste helft van het jaar tot onder het niveau dat een massa fabrikant als Renault in dezelfde periode wist te realiseren.
Het is alsof het huis op zijn kop staat. Het feit dat premiumfabrikanten (en daar behoort de Volkswagen Groep met merken als Audi, Bentley, Lamborghini en Porsche ook zeker toe) minder verdienen dan collega’s die vrijwel helemaal gefocust zijn op het volumesegment schetst een schokkend beeld van de Duitse auto-industrie.
De reden: de afzetmarkt in China stort in en de Duitse premiumfabrikanten hebben weinig munitie in handen om dit tegen te gaan. De markt voor auto’s met een verbrandingsmotor, waarop BMW, Mercedes en de Volkswagen Groep in China voornamelijk vertrouwden, stort in. Tegelijkertijd spelen de Duitse bedrijven geen rol van betekenis op de markt voor elektrische personenwagens.
Daar komen nog de Amerikaanse importheffingen bij, waarvoor nog geen akkoord in zicht is, en de stijgende materiaalkosten als gevolg van de aanval van Israël en de Verenigde Staten op Iran. Zelfs de groeiende vraag naar elektrische auto’s in Europa biedt weinig verlichting. Op dergelijke personenwagens is de winstmarge namelijk veel dunner dan op de traditionele benzine- en dieselmodellen.
De druk om oplossingen te vinden, neemt toe. In China moeten de Duitse fabrikanten hun aanbod beter afstemmen op de markt. Maar dit brengt een dilemma met zich mee: lokaal aangepaste modellen en een lagere kostprijs zouden de status van premiummerken als Audi, BMW en Mercedes kunnen verwateren
Mercedes
Mercedes rekent nu nog premiumprijzen, maar per 100 euro omzet doet zelfs Volkswagen het beter. Die weet namelijk een hogere operationele winst te realiseren.
Mercedes-Benz Cars realiseerde in de eerste helft van dit jaar een omzet van 45,9 miljard euro. Daarmee behaalde de autodivisie een operationele winst van 858 miljoen euro. Dit betekent een winstmarge van slechts 1,9 procent. In dezelfde periode bleef bij het Volkswagen concern 3,8 procent van de omzet aan de strijkstok hangen.
Premium autofabrikanten konden hun hogere ontwikkelingskosten en dure Duitse productie jarenlang veroorloven dankzij bovengemiddeld dikke winstmarges. Maar die ‘zekerheid’ begint nu te wankelen. Mercedes noemt hevige concurrentie, zwakke vraag en ingrijpende modelwissels als oorzaken voor de winst-terugval.
Dat bij Mercedes de winst onder druk staat, komt onder andere door een afwaardering van 704 miljoen euro op Chinese deelnemingen. Daarnaast staan de bedrijfsresultaten onder druk door een minder aantrekkelijke modelmix en zwakke verkoop in China (de lancering van een verlengde uitvoering van de nieuwe CLA is aldaar op een fiasco uitgelopen).
Onder de streep betekent dit dat bij Mercedes-Benz Cars de gerapporteerde operationele winst in de eerste jaarhelft met 66 procent gedaald is ten opzichte van dezelfde periode in 2025. De grootste pijn zit in China. Mercedes leverde daar in de eerste jaarhelft afgerond 210.000 personenwagens af, oftewel 28 procent minder exemplaren dan een jaar eerder.
De problemen in China betekenen niet dat Mercedes overal klanten verliest. De autofabrikant uit Stuttgart verkocht in het tweede kwartaal buiten dit Aziatische land juist 2 procent meer personenwagens. De afzet steeg in Europa met 4 procent en in de Verenigde Staten met 10 procent.
Ook de afzet van volledig elektrische modellen groeide. Mercedes verkocht wereldwijd 51 procent meer emissievrije personenwagens dan een jaar eerder. In Europa bedroeg de groei zelfs 87 procent.
BMW
BMW’s autodivisie behaalde in de eerste 6 maanden een winstmarge van 3,6 procent. Ook dat is minder dan het resultaat van de Volkswagen Groep.
BMW meldt dat haar kwartaalmarge werd gedrukt door invoerheffingen en extra afschrijvingen op de Chinese joint venture BMW Brilliance Automotive. BMW verdiende in het eerste halfjaar met zijn auto-activiteiten 1,97 miljard euro, hetgeen 45,6 procent minder is dan in 2025 in dezelfde periode.
Ook bij BMW zit de grootste pijn in China. De autofabrikant uit München leverde daar in de eerste helft van dit jaar 20,4 procent minder auto’s af. Daarmee deed BMW het niet alleen beter dan Mercedes, maar ook dan de Volkswagen Groep. Dat autoconcern verkocht in China in de eerste jaarhelft 31,6 procent minder voertuigen.
BMW wist in het tweede kwartaal in Europa een verkoopgroei van 7,6 procent te realiseren en in de Verenigde Staten nam de afzet met 11,9 procent toe. China zakte de verkoop in het tweede kwartaal echter met 30,2 procent. Dat land trok daarmee een aanzienlijk deel van de elders gerealiseerde afzetgroei weer naar beneden.
China
China was jarenlang een van de winstgevendste verkoopmarkten voor de Duitse premiummerken. Aldaar was de Mercedes-Maybach bij wijze van spreken meer in trek dan de A-klasse. Qua winstmarge verschillen beide modellen natuurlijk enorm. Inmiddels verschuift de vraag snel naar stekkermodellen. Dat is de core business geworden van lokale fabrikanten. Het gevolg: het marktaandeel van de Duitse automerken in het elektrische en plug-in hybride marktsegment blijft bijzonder klein.
De door BMW en Mercedes in Europa en de Verenigde Staten gerealiseerde afzetgroei toont aan dat Duitse premiumauto’s niet onverkoopbaar zijn geworden. Maar hun historische verdienmodel leunt zwaar op een markt (China) die sneller verandert dan hun aanbod, kostenstructuur en lokale verkooporganisatie.
Prognose
De vooruitzichten maken duidelijk dat de fabrikanten niet rekenen op een snel herstel. BMW verwacht voor heel 2026 een automarge van 1 tot 3 procent. Mercedes houdt voor zijn personenautodivisie vast aan een aangepaste marge van 3 tot 5 procent. Volkswagen mikt voor het gehele concern op 4 tot 5,5 procent.
Daarom verminderen de concerns hun uitgaven, investeringen en complexiteit. Volkswagen noemt zijn marge van 3,8 procent zelf te laag om op lange termijn te kunnen overleven en wil onder meer het aantal platforms en modellen terugbrengen. Mercedes intensiveert zijn productiviteitsprogramma, terwijl BMW structurele besparingen aankondigt.
De noodzaak om de broekriem aan te halen, vergroot de druk op BMW, Mercedes en de Volkswagen Groep om modellen met een kleine winstbijdrage te schrappen en om de ontwikkeling van nieuwe modellen beter af te stemmen op belangrijke markten om op die manier grotere verkoopaantallen te realiseren (en dus ook de bedrijfswinst te verhogen.
De nieuwe topman van BMW, Milan Nedeljković, zegt hierover: “Wij zijn aan het heroverwegen welke technologieën, modelvarianten en aandrijflijnen wij in de toekomst nodig hebben”. De 8-serie en de Z4 zijn inmiddels uit productie. Opvolgers zijn niet gepland. Er gaan geruchten dat de 2-serie Active Tourer, de iX en de XM ook geen opvolger krijgen. BMW wil wel de ontwikkeling van nieuwe modellen versnellen en de ontwikkelingskosten omlaag brengen, onder meer door de onderhuidse techniek nog meer te standaardiseren dan nu al het geval is.
