Duitsland geeft gas met elektrificatie van wagenpark

0

In 2030 moeten er zeker 10 miljoen (deels) elektrische auto’s op de Duitse wegen rijden. Een grote opgave, want nu is nog maar een fractie van het Duitse wagenpark emissievrij of -arm. Om het doel te bereiken investeert de overheid miljarden, verhoogt het de subsidies bij de aanschaf van elektrische auto’s en plaatst het in rap tempo honderdduizenden laadpalen.

Duitsland wil in 2030 zeker 10 miljoen elektrische auto’s op de Duitse wegen hebben. Om dat doel te bereiken, investeert de regering van Angela Merkel miljarden euro’s. Ook gaan de subsidies bij de aanschaf van een elektrische auto omhoog en moeten er over 10 jaar 1 miljoen openbare laadpalen in het land staan. De investeringen zijn cruciaal volgens de bondskanselier. “Anders raakt Duitsland de leidende positie in de mondiale auto-industrie kwijt”.

Van die 1 miljoen laadpunten moeten er in de komende 2 jaar al 50.000 worden gebouwd. Daar helpt de auto-industrie aan mee. Autoproducent BMW plaatst er bijvoorbeeld 4.000 stuks. Toch wordt het nog een flinke klus om de doelen te halen. Duitsland telt nu zo’n 21.000 laadpunten. In Nederland zijn dat er al 2 keer zo veel. Als Duitsland 1 miljoen wil halen, dan moeten er elke dag zo’n 300 laadpunten bijkomen. Dat wordt lastig, omdat er rond het plaatsen van een paal veel bureaucratie hangt. Daarvoor hebben Duitsers zo mogelijk nóg meer talenten dan voor het bouwen van auto’s. De bureaucratie zal dus afgebouwd moeten worden.

Daar komt bij dat er op de weg nog veel te winnen is: slechts 0,2 procent van de auto’s in Duitsland is elektrisch. Als wij kijken naar de verkoop van nieuwe auto’s, dan blijken vooral de brandstof slurpende SUV modellen populair bij onze oosterburen. Dus er valt bij het publiek nog wel een omslag te maken. Maar dat geldt ook voor de Duitse auto-industrie. In september, op de grote autobeurs van Frankfurt, presenteerden diverse merken met veel bombarie hun elektrische auto’s. Maar je merkte ook dat het deels voor de bühne was. Zo presenteerde Volkswagen op de beurs weliswaar de productieversie van de ID.3, die vanaf volgend jaar te koop is, maar tegelijkertijd kondigde het bedrijf vrolijk aan nog tot 2040 auto’s met verbrandingsmotoren te zullen maken. Want de nieuwe Golf (foto) moet óók een succes worden. De ID.3 wordt gepromoot als de elektrische auto voor de gewone man, maar ondertussen blijven in de fabrieken voornamelijk benzine en diesel auto’s van de band rollen en de belangrijkste modellen hebben nog gewoon verbrandingsmotoren.

Deze zogeheten Energie wende op de weg is goed voor het milieu, maar de investeringen zijn volgens bondskanselier Merkel ook cruciaal om de leidende positie in de mondiale auto-industrie te behouden. De Duitse auto-industrie staat er momenteel slecht voor. Dat komt doordat sinds begin 2018 de productie en de omzet van fabrikanten in een vrije val zitten. De Duitse autoproducenten konden niet op tijd aan de nieuwe WLTP emissieregels voldoen en er was natuurlijk het dieselschandaal. Bovendien hebben ze te maken met een forse terugval in het aantal autoverkopen in China door de handelsoorlog met de Verenigde Staten. Juist in dit Aziatische land werden veel luxe Duitse auto’s verkocht.

Autofabrikanten vormen de grootste industrietak in Duitsland, dat op zijn beurt de grootste lidstaat van de Europese Unie is. Maar dat is geen garantie voor een gidsrol. De Duitse autofabrikanten hebben de boot gemist op het gebied van elektrisch rijden. Er werd gegokt dat schone diesels de toekomst zouden hebben omdat die tegenwoordig slechts weinig fijn stof uitstoten. Maar de nieuwe generatie motoren kwamen als mosterd na de maaltijd. De autoconsument heeft in Europa, het belangrijkste afzetgebied, gegeten en gedronken met diesels. De gok van de Duitse autofabrikanten is dus duidelijk mislukt. Dat kan ook Nederland raken. De meeste auto-onderdelen die Duitsland importeert komen uit landen in Oost en Zuid Europa. Maar ook Nederland doet dapper mee. Ons land heeft zo’n 300 bedrijven met in totaal 30.000 werknemers die elk jaar voor zo’n 10 miljard euro aan auto-onderdelen maken. Bijna de helft daarvan wordt verkocht in Duitsland.

Bij onze oosterburen heeft men te lang gegokt dat met vindingrijkheid en Duits innovatievermogen dieselmotoren schoon genoeg gemaakt konden worden. Diverse fabrikanten waren zelfs bereid te liegen over de uitstoot. Maar ondertussen begonnen Tesla en de Aziatische automakers zoals Hyundai, Kia en Nissan wel met het op grote schaal produceren van elektrische auto’s. Er worden in Duitsland, zeker vergeleken met Nederland, maar weinig elektrische auto’s verkocht.

Nu probeert ons buurland een enorme inhaalslag te maken. Dat zie je vooral bij Volkswagen. Dat bedrijf steekt miljarden in een volledig nieuwe generatie auto’s die geschikt zijn voor de elektrische revolutie. Deze maand lopen de eerste exemplaren van de Volkswagen ID.3 van de band (zie foto). Hiervoor werd een fabriek waar voorheen de Golf werd gebouwd grondig gemoderniseerd. Dat de Duitse overheid nu de zogeheten Energie wende op de weg aankondigt, is niet toevallig. Het onderstreept dat de aangekondigde overheidsinvesteringen veel meer te maken hebben met industriepolitiek dan met klimaatdoelstellingen.

Er zijn Nederlandse toeleveranciers die specifiek onderdelen voor benzine en diesel auto’s maken, zoals brandstoftanks. Die bedrijven zullen het moeilijker gaan krijgen als Duitsland meer elektrische auto’s maakt. Maar de meeste Nederlandse toeleveranciers produceren onderdelen die op alle auto’s zouden kunnen, zoals autodaken. Die bedrijven zullen het heel goed doen als de Duitse industrie weer een opleving maakt.Een nadeel voor Nederland en andere landen is wel dat als er meer elektrische auto’s aan Duitsers worden verkocht, er minder overblijven voor ons. Dat zag je ook toen in Nederland de bijtelling veranderde en andere landen minder elektrische auto’s kregen van de fabrikanten. Autobranchevereniging RAI waarschuwt hier ook voor: “Als in Duitsland de aanschafregeling voor een elektrische auto aantrekkelijker is, worden de beschikbare aantallen elektrische auto’s op een andere manier over de EU verdeeld. Dit kan een negatief effect hebben op het aantal beschikbare elektrische auto’s in Nederland op de korte en middellange termijn en het behalen van onze klimaatdoelstellingen”.

De bottleneck van de elektrische auto is dus het aanbod. Er moeten veel meer elektrische auto’s gemaakt worden en er moet meer keuze en meer prijsvariatie komen. Maar het bijbouwen van fabrieken gaat niet snel genoeg om de vraag bij te benen. Daardoor verloopt de elektrische revolutie nog niet zo voorspoedig. Maar met de zekerheid van een grote Duitse investeringen gaan de ontwikkelingen misschien sneller. Een paar jaar geleden zeiden veel mensen nog, zeker Duitsers, dat de elektrische auto nauwelijks toekomst had. Maar nu zijn zelfs de Duitsers om.

Reageren is niet mogelijk.