De nieuwe Mazda CX-30 is een wereldauto. Ook in Noord Amerika heeft hij goede recensies gekregen. Er is daar alleen kritiek op de ietwat lethargische 2,0 liter Sky-Activ G motor. Begrijpelijk, want 122 pk is voor Amerikaanse begrippen beslist niet veel.
In Europa wordt dit opgelost met de toevoeging van de 180 pk sterke Sky-Activ X krachtbron aan het gamma, maar die heeft vanwege zijn ongebruikelijke motorkarakteristiek moeite om aan de Amerikaanse emissie-eisen te voldoen. Om toch tegemoet te komen aan de wens voor meer vermogen, wordt nu de 2,5 liter Sky-Activ G unit in stelling gebracht. Mét turbo.
Mazda levert deze dikke, geblazen 4 cilinder in de Amerikaanse versie van de 6 en in de CX-9. Dankzij de turbotechniek is de unit goed voor 250 pk en 400 Nm. Daarmee wordt de CX-30 getransformeerd tot een power SUV die zelfs de inmiddels gesaneerde 231 pk versie van de Mini Countryman JCW te snel af is. Stoft Mazda hiermee eindelijk het MPS label af?
Theoretisch is het vermogen daar hoog genoeg voor (de N uitvoering van de Hyundai Kona wordt 255 pk sterk), maar neem er geen vergif op in dat dit zal gebeuren. Enerzijds omdat Mazda de 2,5 liter turbomotor op de Noord Amerikaanse markt nodig heeft voor de reguliere versie van de CX-30 en anderzijds omdat de CO2 uitstoot van de krachtbron als vloeken in de Europese kerk is. Mazda zal zelfs met de volledig elektrische MX-30 in haar gamma heel erg haar best moeten doen om haar gemiddelde emissie tot onder de 95 gram/km te laten dalen.
Dit neemt niet weg dat de bouwstenen voor de ‘CX-30 MPS’ inmiddels zijn gelegd. Zodra Mazda uitstoot technisch ruimte ziet om het sportieve topmodel toe te voegen aan haar gamma, dan zal dat zeker gebeuren. Maar niet voordat duidelijk is wat het emissie verlagende effect is van de MX-30 op de totale vloot.
