Bosch was ook in 2020 ’s werelds grootste toeleverancier van de auto-industrie. Uit een analyse van de omzet in dollars blijkt dat ZF Friedrischhafen 2 plekken is gestegen, van de 5de plaats in 2019 naar positie 3 vorig jaar. Bosch staat met een omzet van 46,5 miljard dollar op de eerste plaats, net zoals in 2019. Daarna volgen Denso (41,1 miljard euro omzet), ZF Friedrichshafen (33,4 miljard euro), Magna (32,6 miljard euro) en Aisin Corp (31,9 miljard euro. Zij vormen samen de top 5 van grootste toeleveranciers voor de auto-industrie.
Elk bedrijf in de top 5 zag zijn omzet vorig jaar dalen ten opzichte van 2019, dit vanwege de sluitingen van autofabrieken en showrooms. Daardoor leed de hele industrietak tijdens de coronacrisis. De totale automotive omzet van de top 50 van grootste Europese toeleveranciers voor de auto-industrie daalde in 2020 met 14 procent naar 201,9 miljard dollar. Het jaar daarvoor was de totale omzet van deze bedrijven 233,5 miljard dollar. De inkomstendaling was echter geen reden om strategische beslissingen op de lange baan te schuiven. Zo zette ZF Friedrichshafen de overname van het Amerikaanse Wabco door (ter waarde van 7 miljard dollar) en turbofabrikant Borg Warner, nummer 23 op de lijst, rondde de overname af van aandrijflijnleverancier Delphi Technologies. Met deze acquisitie, waarmee een bedrag van 3,2 miljard dollar was gemoeid, hoopt deze speler beter voorbereid te zijn op de elektrificatie trend. In de top 10 wisselden meerdere leveranciers van positie: ZF Friedrichshafen steeg zoals gezegd naar plek 3, Magna International zakte naar plaats 4 (was 3), Aisin steeg naar positie 5 (was 6) en Continental viel terug van 4 naar 6 in de ranglijst van de belangrijkste toeleveranciers voor de auto-industrie.

Het behoud van de toppositie bij de toeleveranciers voor de auto-industrie is voor Bosch evenwel geen reden om achterover te leunen. Met het oog op de ecologische transitie zal de baas van het bedrijf, Volkmar Denner, aangesteld in 2012, zijn post verlaten om zo een interne revolutie bij de onderneming mogelijk te maken. Bosch is een industrie moloch die zelden wordt genoemd, maar die meer mensen in dienst heeft dan de meeste autofabrikanten. Denner zal zijn functie neerleggen en het management overdragen aan Stefan Hartung, die bij Bosch al de baas is van de autodivisie activiteiten.
Volgens Bosch is er sprake van een “lang voorbereide overdracht”. Het bedrijf, dat actief is in verschillende sectoren (huishoudelijke apparaten, gereedschappen, auto’s), moet absoluut de overstap maken naar elektrische mobiliteit: de auto vertegenwoordigt namelijk 71,5 miljard euro omzet voor Bosch. Denner was pas de 7de topman sinds de oprichting van het bedrijf in 1886. Een absoluut ongekend feit in de branche. De Duitser heeft zelfs dieselgate overleefd en dat is knap want Bosch had als leverancier van onderdelen voor verbrandingsmotoren (in het bijzonder diesels) geen schone handen. Maar sindsdien is Bosch begonnen met zijn transformatie. Onlangs deed zij de aankondiging dat er een halfgeleiderfabriek gebouwd gaat worden en dat de ontwikkelingswerkzaamheden op het gebied van waterstof geïntensiveerd zullen worden. Maar opvallend is dat Bosch geen fabriek voor batterijcellen voor elektrische auto’s gaat bouwen. Volgens Denner is de opgelopen vertraging op de Aziaten te groot en zou de achterstand alleen ingelopen kunnen worden met een gigantische, ongerechtvaardigde investering.
