Nissan slaat een bladzijde om in haar autogeschiedenis boek. De Leaf wordt namelijk uitgefaseerd.
Aanvankelijk was er veel belangstelling van technisch onderlegde, enthousiaste early adopters, voor de Leaf. Die leverde Nissan al snel duizenden orders op. Er was toen nnog niets vergelijkbaars op de markt, althans niet voor mensen die zich geen Tesla Model S konden permitteren en de Renault Zoé net even te basis vonden. De eerste generatie Leaf maakte indruk omdat hij meer koppel dan een Maxima met V6 motor had en omdat hij vanwege zijn werkingsstilte een Zen-achtige rijervaring bood.

Maar bij het grote publiek stuitte de Leaf op een muur van ambivalentie. Het model liet de massa koud ondanks dat verkopers van Nissan door toenmalig topman Carlos Ghosn (die miljarden dollars in dit model en de Renault Zoé had geïnvesteerd; zie foto) tot het uiterste werden gedwongen om zoveel mogelijk exemplaren te verkopen. Op het hoogtepunt van zijn verkoopcarrière (of eigenlijk: dieptepunt) vertegenwoordigde de Leaf ongeveer 3 procent van de Nissan verkopen, maar was hij goed voor meer dan 10 procent van de marketinguitgaven (lees: kortingen).
Achter de schermen liepen de kosten ook op want bij de introductie van de eerste generatie Leaf was er nog geen ecosysteem van batterijleveranciers. Nissan moest zijn eigen exemplaren ontwikkelen en bouwen. Dat gebeurde met een hoop vallen en opstaan, waarbij de eerste lichting direct weer in de afvalcontainer werd gegooid. Maar positief bekeken maakte Nissan zo een enorme leercurve door op het gebied van batterijtechnologie.

Door de tegenvallende verkopen was het moeilijk om nieuwe investeringen in de Leaf te rechtvaardigen, vooral omdat de ‘brood en boter modellen’, zoals de Qashqai, ook herontwerp vereisten. Het gevolg was dat Nissan zich er bij de tweede generatie met een Jantje van Leiden van afmaakte. Daarmee werd een nieuwe verkoop echec een soort ‘self-fulfulling prophecy’. Om in 2017 een echt goede opvolger te kunnen lanceren, was een ontwikkelingsbudget van 1 miljard dollar nodig, maar dat was onbespreekbaar. De rest is geschiedenis.
