BYD breidt gestaag haar gamma uit. De Chinese autogigant komt nu met een nieuwe elektrische instapper die opvallend scherp geprijsd is: de Dolphin. Het betreft een praktische en ruime cross-over die al te koop is vanaf 29.990 euro. Je krijgt dan weliswaar een tamelijk zwak gemotoriseerde versie met een bescheiden rij bereik, maar zelfs na bijbetaling voor een duurdere variant met een grotere actieradius en meer vermogen blijft het prijskaartje scherp.
De Nederlandse importeur Louwman & Parqui rept er in de reclames voor BYD met geen woord over dat dit een Chinees product is, maar als je naar het dashboard van de Dolphin kijkt, wordt snel duidelijk dat deze auto nergens anders vandaan kan komen. Persoonlijk heb ik na het zien van de boordplank al gegeten en gedronken met deze nieuweling: het design staat te ver van mijn (Europese) smaak af.

Maar BYD belooft beterschap. De Chinezen zijn van plan om de Dolphin gedurende zijn levenscyclus steeds meer aan te passen aan de wensen van de consument in onze marktregio. Zelfs productie in Europa wordt overwogen, maar in eerste instantie gaat het om aanpassingen van de bekledingopties voor het meubilair en een gebruiksvriendelijkere klimaatregeling.

Onder de carrosserie, die vermoedelijk nooit schoonheidsprijzen zal winnen, zit het zogeheten e-Platform 3.0 met BYD’s eigen lithium-ijzerfosfaat (LFP) accu. Dit is een kobaltvrije batterij waarvan de cellen in stroken over de lengte van de auto zijn gerangschikt, in plaats van in meer traditionele cilindrische of kubusvormige cellen. De Dolphin wordt verkrijgbaar met een bruikbare capaciteit van 44,9 kWh of 60,4 kWh.

Hoeveel vermogen en actieradius hij heeft, hangt af van de uitvoering. Het instapmodel Active doet het met slechts 95 pk en haalt 340 kilometer uit de kleine batterij. De Boost uitvoering heeft 176 pk voor 310 kilometer van dezelfde batterij. Hoger op de ladder staan de Comfort en Design varianten. Die hebben dezelfde aandrijflijn als de Atto 3 (60,4 kWh en 204 pk) voor 420 km.

Gezien de vrijwel identieke hardware is het niet verwonderlijk dat de Dolphin net zo rijdt als de Atto 3, wat betekent dat hij zó zacht geveerd is dat je hem ‘zweverigheid’ kan verwijten. BYD monteert banden met kortere zijwanden onder de Dolphin en dat betekent dat zijn ophanging iets minder absorberend is in de stad, maar per saldo is dit een auto die een strak weggedrag (zonder een noemenswaardige neiging tot overhellen) opoffert voor een comfortabele vering. Verwacht zeker geen dynamiek. Op droog wegdek bieden de Linglong Comfort Master banden verrassend veel grip, maar de besturing is licht en gevoelloos, en hobbels in het midden van de bocht kunnen ervoor zorgen dat jij (en jouw passagiers) zich op zee wanen. Wellicht heet deze BYD daarom Dolphin …

Met dezelfde motor van 204 pk als de Atto 3 tot zijn beschikking heeft, is de Dolphin (die minder zwaar is), behoorlijk levendig en voelde de opgegeven sprinttijd van 0-100 km/u in 7,0 seconden gemakkelijk haalbaar aan. Maar bedenk: die 204 pk is dus niet standaard op de 29.990 euro kostende basisversie. Noch op de 3 mille duurdere Boost variant. Nee, je dient daarvoor minimaal de Comfort uitvoering aan te schaffen. Die kost 36.490 euro.

204 pk is genoeg om de voorbanden te testen. Als je in een bocht hard op het gas gaat, kunnen de aangedreven wielen wat grip verliezen, maar de tractie controle weet de boel op orde te houden. Nogmaals, natte omstandigheden kunnen dingen veranderen, zoals bleek tijdens de test van de Atto 3. Aan de andere kant heeft de Dolphin veel minder last van aandrijfreacties in de besturing dan de Atto. Kortom, als je hem niet tot het uiterste drijft (en dat zullen maar weinig eigenaren doen, durf ik te zeggen), rijdt de Dolphin prima.

Er zijn echter nog enkele andere ergernissen, zoals het ontbreken van een sterke remenergie regeneratie modus, het papperige rempedaal en de vrij grote draaicirkel. Binnenin is de Dolphin slechts iets minder bizar vormgegeven dan de Atto 3, maar saai kan je het interieur van deze Chinees onmogelijk noemen en hij voelt (voor een elektrische auto van deze prijs) over het algemeen goed afgewerkt aan, hoewel er een vrij sterke chemische geur is. De zithouding is prima en de bestuurder heeft een goede bewegingsvrijheid op de elektrisch verstelbare stoelen, al missen die een lendensteun en een kantelverstelling.

Het lijdt geen twijfel dat de Dolphin praktisch is. Er zijn tal van opberg vakken in het voorste gedeelte van de cabine, waaronder een bak net onder het centrale touchscreen dat erg handig is voor een telefoon of bril. De beenruimte achterin is voldoende voor lange volwassenen en de bagageruimte van 345 liter is indrukwekkend voor een kleine hatchback. Een in hoogte verstelbare koffervloer is standaard.

De technologie aan boord lijdt aan hetzelfde kwantiteit-over-kwaliteitsprobleem als de Atto 3. Het roterende 12,6 inch touchscreen is helder en reageert goed, maar de interface heeft te veel submenu’s en maakt geen optimaal gebruik van het royale oppervlak . De klimaatregeling is verborgen in een submenu, wat gewoon niet acceptabel is. Adaptieve cruise control met rijstrookvolging is standaard en werkt goed, maar er zijn veel vlottere systemen.

Omdat hij een kind van 2023 is, geeft de Dolphin te pas en te onpas akoestische waarschuwing signalen. Ook kan de BYD zorgen voor een gesproken bericht waarin je wordt uitgescholden omdat je de snelheidslimiet overschrijdt (maar vaak is dat niet het geval). Het is vervelend en moeilijk uit te schakelen. Een fysieke knop, alsjeblieft!

Staat de Dolphin dus op het punt de markt voor compacte elektrische auto’s op te schudden? Welnu, een blik op de prijzen suggereert dat het misschien wel zou kunnen. Het Active model kost 29.990 euro, maar die zou ik vermijden vanwege zijn simpelen torsieas achterwielophanging, zijn gebrek aan vermogen en zijn bescheiden accuformaat. Voor 3 mille meer heb je de Boost. Aangezien in andere landen voor deze versie slechts een meerprijs van minder dan de helft geldt, draai importeur Louwman & Parqui voor deze variant jou een poot uit. Laten staan dus. De Comfort versie, met de grotere batterij, kost 36.490. En de meest complete Design uitvoering kost 37.990 euro.

Afgezien van de MG 4, wiens ietwat kille interieur suggereert dat hij een ander soort kopers zoekt, is al het andere dat beschikbaar is voor deze prijs aanzienlijk kleiner of heeft een aanzienlijk kortere actieradius. Over bereik gesproken: voor dit formaat auto is dat inderdaad erg goed. Tijdens mijn test op de openbare weg van de Atto 3 bleek de efficiëntie-indicator erg optimistisch, dus ik zou het geclaimde stroomverbruik van de Dolphin (wat zich vertaalt in een actieradius van 427 kilometer) met een korreltje zout nemen. Andere importeurs melden een ‘eerlijker getal: 400 kilometer. En waarschijnlijk zal in de praktijk de limiet bij 320 kilometer liggen, tenminste, als je niet als een neuroot achter het stuur wil zitten.

Conclusie
BYD zegt dat het wil dat mensen haar auto's kopen omdat ze van de stijl en onderscheidende karakter houden, in plaats van omdat ze goedkoop zijn. Zoals het er nu uitziet, mist de Dolphin echter verfijning (bij zijn multimedia, zijn onderstel en bij sommige van zijn interieurmaterialen) om echt indruk te maken. Maar zijn prijsstelling is eigenlijk laag genoeg uit om veel van zijn gebreken door de vingers te zien.
- 7
