De weg lijkt open te liggen voor een massaclaim tegen autoconcern Stellantis. Dit vanwege de aanwezigheid van sjoemelsoftware in dieselmodellen van de merken Citroën, Opel en Peugeot.
Stellantis is het moederbedrijf van deze merken. In de dieselauto’s van Citroën, Opel en Peugeot zat sjoemelsoftware. Meerdere claimclubs willen dat getroffen kopers een schadevergoeding krijgen. De rechtbank heeft in dit kader de stichtingen Emission Claim en Car Claim aangemerkt als representatieve belangenbehartiger. Daarmee gaat de juridische strijd een volgende fase in.
Volgens Car Claim voorzitter Guido van Woerkom (die eerder onder meer directeur was van de ANWB maar daar weg moest vanwege onhandige uitspraken over Marokkanen), is er sprake van een “essentiële stap voor de weg naar compensatie voor alle gedupeerde Nederlandse automobilisten”. In de volgende fase van de zaak zal de rechter de vorderingen van inhoudelijk gaan behandelen, zo stelt van Woerkom: “In die fase zal de rechtbank mede vaststellen of sjoemelrijders een gebrekkig product geleverd hebben gekregen dat niet aan de wet voldoet”. Indien dat het geval is, dan hebben de gedupeerden recht op compensatie, zo stelt de voorzitter van de stichting.
Het sjoemeldieselschandaal kwam in 2015 aan het licht bij het Duitse Volkswagen concern. Die autofabrikant erkende destijds op grote schaal emissietesten te hebben gemanipuleerd met speciale software. Daardoor leken de dieselmodellen van het Volkswagen concern schoner dan ze in werkelijkheid waren. In Nederland hebben meerdere stichtingen sjoemeldieselzaken lopen tegen autofabrikanten. Door hun software zouden honderdduizenden Nederlandse automobilisten zijn gedupeerd.
Car Claim wist in 2021 al een Nederlandse rechter te overtuigen dat kopers van sjoemeldiesels van Volkswagen recht hebben op compensatie. Deze zou 3.000 euro voor betrokken nieuw gekochte wagens en 1.500 euro voor tweedehandsauto’s moeten bedragen. Maar de fabrikant tekende beroep aan. Volgens Volkswagen hadden automobilisten namelijk helemaal geen financiële schade geleden door het feit dat hun auto’s meer uitstoten dan gemeld. De autofabrikant zou evenwel beter moeten weten, want de inruilwaarde van dieselmodellen van het concern is door de affaire duidelijk gedaald.
