China heeft donderdag gewaarschuwd voor ‘negatieve gevolgen’ van het door de Europese Unie aangekondigde onderzoek naar de (over)subsidiëring van elektrische auto’s die in dit land worden geproduceerd. Blijkbaar wil men in Peking de resultaten daarvan niet afwachten. Dat past bij de maffiapraktijken die China wereldwijd hanteert.
Zo’n onderzoek, “onder het mom van oneerlijke concurrentie”, is “openlijk protectionisme”, hekelt het Chinese ministerie van Handel in een persbericht. “Het zal negatieve gevolgen hebben voor de economische relaties en handelsbetrekkingen tussen China en de Europese Unie”. De pot verwijt hier de ketel wel heel erg dat die zwart ziet, want als er een land is dat protectionistische maatregelen niet schuwt, dan is het China wel. Naast hoge importheffingen was het tot voor kort voor Westerse bedrijven niet toegestaan om in een joint venture met een lokale producent een meerderheidsbelang te hebben. Andersom is daar geen sprake van. Maar daar hoor je China natuurlijk niet over.
Dut neemt niet weg dat de opmars van de Chinese elektrische auto in Europa deels te danken is aan de concurrentiekracht van de Chinese industriële keten. De Europese Unie jaagt autofabrikanten uit onze regio op hoge kosten om aan de toekomstige Euro 7 emissienorm te voldoen. Nu duidelijk is dat alle zeilen bijgezet moeten worden in de concurrentiestrijd met elektrische auto’s uit China, is het de vraag of het beleid op het emissiefront niet wat versoepeld kan worden door Brussel.
