In heel Europa is er sprake van grote verschillen in de laadkosten van elektrische auto’s. Dat meldt de ANWB op basis van eigen onderzoek.
Vakantiegangers die met een elektrische auto op reis gaan, zijn het best af met snel laden, zo stelt de ANWB. Het ‘bijvullen’ van de accu set is in Noorwegen het goedkoopst; niet toevallig het land waar men het verst is met de adoptie van elektrisch rijden.
Het onderzoek is gebaseerd op het laadgedrag van 230.000 Nederlandse klanten in de afgelopen zomervakantie. Anders dan in Nederland is snel laden in het buitenland niet veel duurder dan als dit op een langzame manier gebeurt. Nederlandse laadpassen werken namelijk op vrijwel alle snelle laders, terwijl dat bij langzame laadpalen in het buitenland niet altijd lukt. Bovendien is in veel Europese landen het snelle laadnetwerk de afgelopen jaren enorm uitgebreid, stelt de ANWB.
Mede door bovenomschreven inhaalslag is snel laden in Frankrijk en Spanje goedkoper dan inpluggen bij een gewone laadpaal. Verder blijkt dat het opladen van een elektrische auto in Noorwegen het goedkoopst is. Dit is zowel het geval bij langzaam laden als snel laden. In Zwitserland is het opladen van een elektrische auto het duurst. Het langzaam opladen is daar meer dan 2 keer zo duur als in Noorwegen. Dat komt vermoedelijk doordat Zwitserland in alle opzichten een duur land is.
De prijzen verschillen dus per land en zelfs per laadpaal. Een van de oorzaken is het blokkeertarief, een tijdsgebonden tarief dat bovenop het stroomtarief komt voor de duur van het laden. Soms loopt de teller direct, maar het kan ook gebeuren dat dit pas na 2 uur is. Het blokkeertarief is er soms ook bij snelle laadpalen, maar omdat die vooral bij tankstations of supermarkten zijn te vinden, is de elektrische auto daar niet vaak de hele nacht aangesloten. Dat is wel vaak het geval in woonwijken.
