De kosten voor het verzekeren van Duitse auto’s liggen aanzienlijk hoger dan gemiddeld. Dat blijkt uit de Datamonitor Autoverzekering van Geld.nl over de eerste helft van 2025.
Bijvoorbeeld: een Audi-verzekering is gemiddeld 30 procent duurder dan het landelijke gemiddelde. Dit komt doordat auto’s van dit merk duur zijn in aanschaf, onderhoud en reparatie. Bovendien zijn ze vaker slachtoffer van inbraken, wat leidt tot hogere schades en daarmee hogere premies. Andere Duitse merken zoals BMW, Mercedes en Volkswagen kennen ook relatief hoge maandelijkse verzekeringskosten, namelijk respectievelijk 105,28 euro, 100,71 euro en 89,70 euro. Daarentegen zijn auto’s van Japanse en Franse merken zoals Suzuki, Renault en Citroën goedkoper in de verzekering: de premie voor een Suzuki is slechts afgerond de helft lager van wat een Audi bezitter betaald.
Tegelijkertijd wordt het voor veel Nederlanders steeds moeilijker om een nieuwe auto te kopen doordat de prijzen flink stijgen. Volgens de RAI Vereniging ligt de gemiddelde verkoopprijs van een nieuwe auto nu boven de 50.000 euro; een forse toename ten opzichte van circa 38.500 euro in 2020. Deze prijsstijging wordt mede veroorzaakt door de groeiende populariteit van duurdere elektrische voertuigen. Ook onderhoud, brandstof en bezit zorgen voor hogere totale autokosten, waarover de ANWB bezorgd is vanwege de toenemende financiële druk op autorijders.
Op de tweedehandsmarkt zijn auto’s eveneens duurder geworden, met een gemiddelde prijsstijging van ruim 22.000 euro in 2022 naar ruim 23.500 euro in de eerste helft van 2025. Onderzoek van Q&A wijst uit dat 21 procent van de Nederlanders niet meer dan 5.000 euro kan uitgeven aan een andere auto, terwijl 30 procent een budget van maximaal 10.000 euro heeft en nog eens 30 procent 15.000 euro kan besteden. Slechts een minderheid van 19 procent beschikt over een hoger bedrag. Deze cijfers onderstrepen dat betaalbare autobezit voor veel Nederlanders steeds moeilijker wordt.
