Het einde van verbrandingsmotoren in 2028 is bij Opel van de baan. De Duitse dochter van Stellantis blijft zich richten op verschillende aandrijfvormen. Redenen hiervoor zijn klantverzoeken en de verslechterende winstsituatie van het moederbedrijf.
Dit betekent dat Opel haar ambitieuze elektrische strategie heeft geschrapt. In plaats van de doelstelling om vanaf 2028 alleen nog volledig emissievrije auto’s in Europa te verkopen, zoals jarenlang is aangekondigd, zullen modellen met een verbrandingsmotor aanzienlijk langer beschikbaar zijn.
Het bedrijf rechtvaardigt de strategische verschuiving door de vraag van de klant centraal te stellen. Indien klanten daarom vragen, zal Opel blijven vasthouden aan haar huidige ‘Multi Energy’ strategie. Dit betekent dat elk model met verschillende aandrijfsystemen zal worden aangeboden, zoals volledig elektrische techniek, een plug-in hybride oplossing, mild hybride ondersteuning of alleen een benzine- of dieselmotor. “Dit hoeft niet beperkt te blijven tot 2028 als de klant anders vraagt”, aldus het bedrijf in reactie op verschillende mediaberichten.
Opel-CEO Florian Huettl had in 2023 al het jaar aangekondigd van het nu geannuleerde einde van de verbrandingsmotor. Ondertussen heeft het multinationale moederbedrijf Stellantis aanzienlijk aan winstgevendheid ingeboet en zijn de plannen voor een grote fabriek voor batterijcellen onder de vleugels van Opel in Kaiserslautern opgeschort.
Amper een jaar geleden, namelijk in oktober 2024, sprak Huettl nog met zijn overtuiging over de elektrificatie strategie.
Desalniettemin is Opel van plan om elektrische aandrijfsystemen te blijven ontwikkelen. Positieve marktsignalen en politieke maatregelen zijn bijvoorbeeld zichtbaar in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Opel is op die manier klaar voor geëlektrificeerde mobiliteit en is de eerste Duitse fabrikant die een volledig geëlektrificeerd modelportfolio op de markt kan brengen”, aldus Huettl.
