Er zijn dit jaar al meer autorijders met drank op betrapt dan in heel 2024.
In de eerste 11 maanden van dit jaar heeft de politie in Nederland al 43.852 gevallen van rijden onder invloed geregistreerd. Dat waren er al meer dan in heel 2024, toen er 42.581 gevallen waren. Dat blijkt uit een analyse van politiecijfers door VGMbox/VCA-cursus.com.

Dit jaar is gemiddeld 3.987 keer per maand een automobilist ‘gepakt’ die onder invloed van alcohol was. Vorig jaar ging het nog om gemiddeld 3.548 gevallen per maand. We hebben het hier dus over een stijging van 12 procent, en dan zijn de feestdagen nog niet meegerekend. In de Brabantse gemeente Maashorst zijn dit jaar per 10.000 inwoners 64 gevallen van rijden onder invloed geregistreerd. Maar ook in Brunssum (62), Oostzaan (55), Haaksbergen (55) en Oldambt (53) zijn per 10.000 inwoners behoorlijk veel mensen gepakt. Nergens anders in Nederland is dat aantal zo hoog.
In Scherpenzeel ging het slechts om 2 gevallen per 10.000 inwoners. Krimpen aan den IJssel (4), Bronckhorst (4) en Tholen (4) vallen ook in positieve zin op.
Let wel: dat betekent niet dat de ‘gepakte’ automobilist ook in die gemeente woonachtig was. Verder gaan de cijfers over meer dan alleen alcohol. Ook als iemand drugs of bepaalde medicijnen gebruikt heeft, kan hij of zij gepakt worden voor rijden onder invloed.
Het beeld wordt niet minder schokkend als een vergelijking wordt gemaakt met voorgaande jaren. Zo werden er in 2019, dus nog voor de uitbraak van het coronavirus, ‘slechts’ 32.000 mensen betrapt.
VGA-cursus.com deed ook onderzoek naar rijden na een bedrijfsborrel onder 500 werkenden in de bouw-, installatie-, industrie- en transportsector. Een derde van de respondenten gaf aan weleens alcohol te drinken tijdens de vrijdagmiddagborrel, alvorens naar huis te rijden met een auto. Bij de meerderheid van de vrijdagmiddagdrinkers blijft het bij een of twee glazen, maar 15 procent geeft aan dat zij na drie glazen of meer nog de auto in stappen.
