De eerste elektronische tolweg van ons land blijkt een financieel drama te zijn. De Blankenburgverbinding (A24) in Zuid-Holland levert veel minder tolgeld op dan verwacht, mede omdat er ten onrechte gerekend was op enorme boetebedragen. Het ministerie gaat daardoor nu uit van een verlies van 10 miljoen euro.
De nieuwe toltunnel bij Rotterdam leverde de overheid in het eerste jaar 25 miljoen euro op aan tolgeld en boetes. De kosten waren met 35 miljoen euro echter veel hoger. Per saldo is er dus sprake van een verlies van 10 miljoen euro. Het betekent dat alle tolinkomsten opgingen aan administratiekosten en aan kosten voor de exploitatie van de weg.
Dat de opbrengsten zwaar tegenvallen komt doordat er veel minder voertuigen door de tunnel reden dan begroot. Daarnaast werden er veel minder boetes uitgedeeld dan verwacht. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat was er namelijk van uit gegaan dit jaar bijna 50 miljoen meer op te halen (tolgeld en boetes van mensen die vergeten zijn te betalen). De Blankenburgverbinding dreigt nu een financieel fiasco te worden.
Het ministerie had erop gerekend dat de helft van alle inkomsten zouden komen uit 1,2 miljoen boetes. Omgerekend zijn dat er ruim 3.000 per dag. Maar hoewel er enkele honderdduizenden boetes werden uitgeschreven, zijn dit er veel minder dan verwacht. Omdat ook de inkomsten uit de tolheffing tegenvalt, eindigt de exploitatie van de Blankenburgtunnel dus diep in de rode cijfers.
Het idee was dat de tunnel na 25 jaar afbetaald zou zijn, zodat iedereen er vervolgens tolvrij doorheen kan rijden. Maar door de tegenvallende resultaten in het eerste jaar is het totale af te lossen bedrag van 405 miljoen euro niet afgenomen, maar juist met 10 miljoen euro toegenomen. Er moet dus een manier gevonden worden om de opbrengsten te verhogen. Meer automobilisten die gebruik maken van de tunnel bijvoorbeeld. Dat is geen waanidee want bij nieuwe infrastructuur duurt het jaren voordat die meer gebruikt gaat worden. Er zal dus zeker groei van het verkeer zijn. Maar of dat voldoende is om de investering in het project helemaal terug te betalen? Dat zal de toekomst moeten uitwijzen.
Het ministerie verwachtte in het eerste jaar maar liefst 1,2 miljoen automobilisten op de bon te slingeren. Experts vinden dat een extreem aantal. De verleiding voor de overheid is dan groot om mistig te zijn over de juiste betaalwijze. Demissionair minister Robert Tieman (BBB) van Infrastructuur en Waterstaat zegt echter te streven naar nul boetes. Opvallend, want juist het tekort aan boete-inkomsten zorgt voor de rode cijfers. En voor de komende jaren rekent het ministerie nog steeds op tientallen miljoenen euro’s per jaar aan inkomsten uit boetes en betalingsherinneringen.
Aan de optie om de toltarieven te verhogen, kleven ook allerlei nadelen. Om te beginnen wordt omrijden dan aantrekkelijker. Dit betekent dat de ‘oude route’ (die automobilisten namen toen de Blankenburgtunnel nog niet open was) zwaarder belast gaat worden. Dat leidt geheid tot protesten van omwonenden. Tieman zegt op dit moment geen plannen te hebben om de tarieven substantieel te verhogen. Hij zegt dat weggebruikers nog “even moeten wennen” aan de A24. “Zowel het vinden van de weg als het gebruik van e-tol. Het gebruik van de weg neemt vanaf de opening geleidelijk toe en verwacht wordt dat deze stijging aan zal houden”. Tieman verwacht daardoor de komende jaren meer tolinkomsten. Daarnaast hoopt hij door efficiënter te werken de kosten te kunnen drukken. Hoewel experts er grote vraagtekens bij zetten, is het volgens de minister nog altijd “een realistisch streven” dat de tunnel in 25 jaar is afbetaald met tolinkomsten.
