Gisteren zijn al voor diverse modellen ‘Best-in-Class’ overwinningen besproken. Dat is een stempel van Euro NCAP voor auto’s die in 2025 als beste werden getest. De ‘Best-in-Class’ kwalificatie wordt toegekend op basis van een gewogen totaalscore over 4 vaste onderdelen: bescherming van volwassen inzittenden, bescherming van kinderen, veiligheid voor kwetsbare verkeersdeelnemers en de prestaties van rijhulpsystemen. Alleen auto’s met een complete veiligheidsuitrusting en een 5-sterren beoordeling op de diverse onderdelen krijgen het ‘Best-in-Class’ stempel.
Op deze manier konden al de Mini Cooper E (beste stadsauto & supermini), de Polestar 3 (beste auto in het luxe segment) en de Mercedes-Benz CLA (overall winnaar van 2025) met een prijs. Maar ook de Tesla Model 3 en Model Y, plus de Smart #5 kregen van Euro NCAP het ‘Best-in-Class’ stempel. Euro NCAP vergelijkt auto’s uitsluitend binnen hun eigen segment. Een stadsauto wordt dus niet afgezet tegen een grote SUV. Daarmee blijven de resultaten relevant voor kopers die binnen een bepaald formaat of gebruiksprofiel zoeken. In dit kader is het opvallend dat de Tesla Model Y wordt aangemerkt als een ‘kleine SUV’ en de Smart #5 als een grote SUV. Dat komt wel erg gekunsteld over want de kleine SUV is 10 centimeter langer dan de grote SUV. Ja, er is 8 centimeter hoogteverschil, maar dat is onvoldoende reden om de Smart #5 letterlijk in een hogere categorie te plaatsen.
Met de Model Y pakt Tesla zijn tweede segmentoverwinning van het jaar. De SUV excelleerde vooral op het gebied van kind-veiligheid en actieve veiligheidssystemen. De Tesla Model Y geldt volgens Euro NCAP als de maatstaf in dit populaire segment. Smart begon ooit met ultracompacte stadsauto’s, maar laat met de #5 zien dat zij ook veilige grotere modellen kan ontwerpen. De SUV behaalde een solide 5-sterrenscore en laat zien dat de stap naar een hoger segment door Smart is gezet zonder concessies aan inzittendenbescherming. Maar ja, de vraag blijft: waarom hoort de #5 in een hogere categorie thuis dan de Model Y? De vernieuwde Tesla Model 3 blijft een referentie op het gebied van veiligheid. De elektrische middenklasser scoorde over de hele linie sterk, met een opvallend hoge waardering voor de bescherming van kinderen. Tesla laat daarnaast met haar rijhulpsystemen zien dat zij haar veiligheidsuitrusting gestaag blijft verbeteren.
Elektrisch rijden zet duidelijk de norm
Volgens Euro NCAP laten de resultaten zien dat elektrische auto’s inmiddels tot de veiligste keuzes op de markt behoren. “We zien dat elektrische auto’s de veiligheidsprestaties van traditionele brandstofauto’s niet alleen evenaren, maar vaak zelfs overtreffen”, zegt programmadirecteur Aled Williams van Euro NCAP. Dat moet volgens hem vooral twijfelaars geruststellen die overstappen naar elektrisch rijden overwegen.
Opvallend is dat veiligheid steeds minder losstaat van andere eigenschappen. Modellen als de Mercedes-Benz CLA en de Tesla’s Model 3 plus Model Y combineren hoge veiligheidsscores met een efficiënt, aerodynamisch ontwerp, terwijl de Mini Cooper E laat zien dat ook karakter en rijplezier prima samengaan met een hoog veiligheidsniveau.
Euro NCAP kijkt straks ook naar wat er ín de auto gebeurt
Vanaf de komende testjaren verschuift de aandacht van Euro NCAP verder naar binnen. Niet alleen botsveiligheid en rijhulpsystemen tellen mee, maar ook hoe auto’s omgaan met wat er tijdens het rijden mis kan gaan in het interieur. Denk aan systemen die ingrijpen wanneer de bestuurder onwel wordt, afgeleid raakt of niet meer reageert.
Concreet gaat het om uitgebreide monitoring van de bestuurder, zoals camera’s die oogbewegingen en hoofdpositie volgen, en systemen die kunnen herkennen wanneer iemand het stuur loslaat of in slaap dreigt te vallen. Ook automatische noodstopfuncties krijgen meer gewicht, vooral in situaties waarin de bestuurder niet meer actief corrigeert.
Voor fabrikanten betekent dit dat eenvoudige waarschuwingen niet langer volstaan. Euro NCAP verwacht dat auto’s actief kunnen vaststellen dat er iets misgaat en vervolgens zelfstandig ingrijpen, bijvoorbeeld door gecontroleerd af te remmen en veilig tot stilstand te komen. Daarbij wordt gekeken naar hoe betrouwbaar die systemen werken, zonder te snel of onnodig alarm te slaan.
Voor elektrische auto’s kan dit een voordeel zijn. Veel EV’s beschikken al over uitgebreide sensoren, camera’s en rekenkracht voor rijhulpsystemen. De stap naar geavanceerdere interieurmonitoring is daarmee kleiner dan bij oudere platformen. Tegelijk legt Euro NCAP de lat hoger voor alle merken, wat de komende jaren zichtbaar zal worden in nieuwe veiligheidsscores.
De boodschap is helder: veiligheid stopt niet bij de carrosserie. Steeds vaker draait het om software, sensoren en hoe een auto reageert als de bestuurder even niet meer de baas is. Dat maakt de veiligheidsbeoordelingen van de komende jaren niet alleen strenger, maar ook relevanter voor het dagelijks gebruik.
