Zoals verwacht had de Mercedes Groep vorig jaar te kampen met geopolitieke tegenwind en een zwakkere markt in China, maar de financiële resultaten bleven in ieder geval binnen de prognose. De omzet in 2025 bedroeg 132,2 miljard euro; een daling van 9,2 procent ten opzichte van het voorgaande jaar.
De omzetdaling is een gevolg van de Amerikaanse importheffingen waardoor Mercedes hard geraakt werd. De autofabrikant heeft hierdoor in het afgelopen jaar de winst bijna zien halveren tot 5,1 miljard euro. Ook de toegenomen concurrentie vanuit China is hiervan een oorzaak.
Naast de Amerikaanse importheffingen en de Chinese concurrentie wijst de Mercedes Groep ook op de hoge energieprijzen in Europa en de strenge Europese regels voor CO2-uitstoot. De gestegen kosten voor grondstoffen, inflatie en de haperende toeleveringsketens vreten ook aan het rendement.

De operationele winst bij Mercedes Cars is met maar liefst 45 procent gedaald. Dat betekent natuurlijk ook minder marge. Topman Ola Källenius (rechts op de foto naast zijn financieel directeur) heeft jarenlang aan zijn strategie om Mercedes als exclusief luxemerk in de markt te zetten, vastgehouden. Dat zou moeten realiseren in winstmarges boven de 12 procent. De realiteit van 2025 is een ontnuchterende 5,0 procent. Daarmee presteert het merk met de ster niet als een luxe-icoon, maar als een modale volume fabrikant die moet vechten voor elke euro.
De autobouwer waarschuwt dat 2026 opnieuw uitdagend wordt. Op lange termijn verwacht Mercedes dat de lancering van nieuwe modellen in combinatie met een verdere verlaging van de kosten ertoe zullen leiden dat de winstmarges zich op het oude niveau van 8 à 10 procent zullen herstellen.
Mercedes schreef, in tegenstelling tot Amerikaanse autofabrikanten, nog geen miljardenbedrag af op de investeringen in elektrische auto’s. Wel rapporteert het bedrijf 1,6 miljard euro aan herstructureringskosten. Die zijn gerelateerd aan een vrijwillige vertrekregeling in Duitsland.
De geplande personeelskrimp kan niet los worden gezien van de vrije val waarin Mercedes in China is beland. Jarenlang was dit land de geldmachine waar met in Stuttgart blind op kon vertrouwen, maar vorig jaar is de verkoop daar met 19 procent gedaald. De Chinese consument laat de Duitse premiummerken steeds vaker links liggen voor binnenlandse alternatieven die moderner en goedkoper zijn. Om het tij te keren, wil Mercedes meer cruciale componenten zoals batterijen en motoren lokaal in China gaan ontwikkelen en produceren, maar dat is een proces van de lange adem.
Toch merken de medewerkers en aandeelhouders weinig van deze malaise. Sterker nog, ze worden in de watten gelegd. Het concern kondigde aan dat circa 91.000 Duitse werknemers een winstdeling van maximaal 6.000 euro ontvangen. Ook de aandeelhouders worden gepaaid want het dividend gaat omhoog naar 5,50 euro per aandeel en er wordt voor 3 miljard euro aan eigen aandelen ingekocht.
Het lijkt een tegenstrijdigheid want de winst is voor de helft verdampt, maar het geld klotst tegen de plinten. Dit komt doordat de bestelwagentak wel uitstekend presteert met een marge van 14,5 procent en de kasstroom van het totale concern nog steeds ijzersterk is. Mercedes gebruikt deze buffer nu om de rust te bewaren. Door werknemers en beleggers tevreden te houden, koopt Källenius tijd om zijn haperende strategie vlot te trekken.
De topman zet in op een modellenoffensief. In 10 weken tijd worden 7 nieuwe modellen gelanceerd, waaronder een elektrische versie van de C-klasse (die een facelift ondergaat) en de ingrijpend vernieuwde S-Klasse. Ook de miljardeninvesteringen in het nieuwe elektrische platform voor busjes gaan onverminderd door.
De hoop is dat nieuwe producten de marges weer omhoog stuwen. Maar de cijfers van 2025 zijn een harde waarschuwing. Je kunt jezelf niet rijk rekenen als je met jouw kernactiviteit, in het geval van Mercedes is dat het verkopen van luxe auto’s, op de grootste automarkt ter wereld terrein verliest. Mercedes is geen Ferrari, maar een bedrijf waar klanten veel minder vaak in de rij staan en dat zijn eigen koersval probeert te stutten met financiële spierballentaal.
