Oliver Blume, de CEO van de Volkswagen Groep, lijdt niet bepaald aan een gebrek aan problemen. Nu is er een nieuwe bijgekomen: Gernot Döllner, de baas van dochteronderneming Audi, is in opstand gekomen. De man die het merk met de 4 ringen als logo (weer) glans moet geven, vreest namelijk het doelwit te worden van bezuinigingsmaatregelen van het moederbedrijf.
Döllner gaat deze angst te lijf op 2 manieren: hij heeft zijn eigen toekomstplannen gelanceerd en hij bundelt zijn krachten met die van de nieuwe CEO van Porsche, Michael Leiters. Samen willen zij ervoor zorgen dat beslissingen binnen het Volkswagen-imperium zo decentraal mogelijk worden genomen, oftewel op hun niveau.

De achtergrond van dit drama wordt gevormd door de zwakke marges van de 2 premiummerken, die de hele Volkswagen Groep dwingen tot bezuinigingen. Tot vorig jaar garandeerden de winsten van Porsche en Audi dat de families Porsche en Piëch comfortabel konden leven van de dividenden van hun bedrijfsaandelen. Maar tegenwoordig komt het weinige dat wordt uitgekeerd voornamelijk van instapmerk Skoda. Dat is niet zomaar een klein bedrag, het is een beetje alsof een Nobelprijswinnaar in de literatuur stiekem zijn brood verdient met de verkoop van doktersromannetjes.
Dit alles strookt niet met het zelfbeeld van de automobieldynastieën Porsche en Piëch. En waarschijnlijk ook niet met hun hoge kosten van levensonderhoud. Hoe dan ook, de families zetten Blume onder druk om de kosten te drukken. Wat Blume’s bewering dat hij daadkrachtig zal gaan optreden niet echt ondersteunt, is dat het feit dat het rendement op investeringen van Porsche recentelijk is gedaald van ongeveer 20 procent naar 0,3 procent. De vrijwel complrete verdamping van de bedrijfswinst is te wijten is aan de gebrekkige strategie van Leiter’s voorganger. De naam van die voorganger? Blume.
Toch is het vooral Döllner die een bui ziet hangen. Op het hoofdkantoor van de Volkswagen Groep in Wolfsburg wordt steeds openlijker gesproken over het verminderen van de productiecapaciteit in Duitsland of zelfs het sluiten van fabrieken. Hoewel Audi al kosten heeft bespaard en in 2025 haar minder winstgevende fabriek in Brussel heeft gesloten, zou de premiumdochter opnieuw te maken kunnen krijgen met bezuinigingen. Deze keer zou het ook de Audi-fabriek in Neckarsulm kunnen treffen.
