Drugtesten in het verkeer worden steeds vaker geweigerd, zo blijkt uit politiecijfers. Als men niet meewerkt aan zo’n onderzoek is er sprake van een misdrijf. Daar staan hoge straffen op. Maar die lijken weinig effect te hebben.
Uit de politiecijfers blijkt dat er in 2022 in totaal 1.353 weigeraars waren. In 2025 is dat aantal opgelopen tot 2.221. Tot 10 jaar geleden was drugsgebruik in het verkeer lastig aan te tonen. Dat is veranderd sinds in 2017 de speekseltest werd ingevoerd. Daarmee kan binnen een paar minuten worden gecontroleerd of er drugs in het speeksel zit. Bij een positieve test volgt een bloedonderzoek, dat uitwijst hoeveel iemand heeft gebruikt en nodig is om te bepalen welke straf een bestuurder krijgt.
Het toenemende aantal weigeraars komt deels doordat de politie steeds meer mensen aanhoudt die onder invloed zijn van drugs. In 3 jaar tijd is dat gestegen van zestienduizend tot 26.000 mensen. Bij controles worden inmiddels meer automobilisten onder invloed van drugs gepakt dan mensen die alleen alcohol hebben gedronken. Daarnaast denken mensen vaak dat ze niet hoeven mee te werken, denkt de politie.
“Veel verdachten denken: ik hoef niet mee te werken aan mijn eigen veroordeling. Als ze mijn bloed niet hebben, kunnen ze niets”, zegt verkeersadvocaat Fabian Siccama. “Dat klopt niet. Weigeren is een misdrijf”.
Wie niet meewerkt, wordt juist zwaarder gestraft dan verdachten die dat wel doen. “Weigeren mag niet voordelig zijn, dus we slaan ze fors aan”, zegt landelijk verkeersofficier van justitie Achilles Damen. Zo kunnen weigeraars een boete van 1.000 euro krijgen of een taakstraf van minimaal 60 uur. Ook een rijontzegging van 6 tot 12 maanden is mogelijk.
