Het kabinet moet het beleid voor de aanleg van laadpalen op de schop nemen. Daarvoor pleit Drive, de vereniging waar ruim 2.000 zelfstandige tankstations bij zijn aangesloten.
Voorzitter Martin van Eijk stelt dat het huidige beleid onhoudbaar is omdat meer dan 70 procent van de huishoudens geen ruimte heeft voor een eigen laadpaal. Het elektriciteitsnet zit bovendien op veel plekken in Nederland overvol.
Door netcongestie en een gebrek aan ruimte is grootschalig thuis- en straatladen volgens Drive “geen realistische oplossing voor de toekomst”. De branchevereniging ziet zodoende een grote rol weggelegd voor bestaande tankstations. Die locaties zijn al goed bereikbaar, liggen op strategische plekken en zijn ingericht op automobilisten.
Tankstations kunnen relatief eenvoudig worden omgebouwd. Van Eijk zegt daarover: “‘Laden wordt in de toekomst net zo normaal als tanken. De logische locaties daarvoor bestaan al: de tankstations die zich ontwikkelen tot energiestations”. De voorzitter van de branchevereniging vindt dat tankstations daarom veel nadrukkelijker onderdeel moeten worden van de plannen voor de laadinfrastructuur.
Van Eijk ziet dat ondernemers bereid zijn om te investeren, maar zij zouden daar nu onvoldoende ruimte voor krijgen. Investeringen in onder meer snelladers en batterijopslag worden bemoeilijkt door beperkte toegang tot het stroomnet, toenemende regelgeving en accijnsverschillen met buurlanden.
Ook het prioriteringskader van de Autoriteit Consument & Markt zit volgens Drive in de weg. Zelfstandige energiestations vallen buiten de groepen die voorrang krijgen bij een nieuwe netaansluiting omdat zij als een mkb-bedrijf worden beschouwd en die genieten geen prioriteit-status. De bouw van nieuwe snellaadlocaties kan daardoor vertraging oplopen.
