Opel: groen licht met rode cijfers

0

De Europese Commisie heeft de overname van Opel/Vauxhall door PSA onvoorwaardelijk goedgekeurd. In Brussel maakt zich geen zorgen over concurrentieverstoring. Terecht, want PSA en Opel/Vauxhall komen in Europa gecombineerd uit op een marktaandeel van 16,3 procent. Concurrent Volkswagen heeft op concernniveau 24,2 procent van de Europese markt in handen. Bijna de helft meer dus.

Wel wordt PSA door de overname het op één na grootste autoconcern van Europa, ruim voor Renault dat inclusief haar dochters Dacia en Lada 10,9 procent van de markt in handen had. Fiat Chrysler en Ford volgen op afstand met respectievelijk 7,8 en 6,4 procent, waarbij de laatste op de hielen gezeten wordt door de premiummerken Daimler (6,3 procent marktaandeel) en de BMW Groep (6,2 procent).

De overname van Opel/Vauxhall is ook goedgekeurd omdat PSA nergens een enorm overwicht door de transactie krijgt. Alleen in Estland en Portugal heeft PSA op bepaalde gebieden een marktaandeel van 40 procent, maar dat zal volgens de Europese Commissie slechts beperkt toenemen als Opel aan het portfolio wordt toegevoegd (het merk Vauxhall wordt alleen in Groot-Brittannië gevoerd). Daardoor is er nog altijd genoeg rivaliteit met andere autofabrikanten.

Door de overname van Opel/Vauxhall door PSA verdwijnt General Motors feitelijk van de West Europese markt, want op een enkel nichemodel van Chevrolet (Camaro, Corvette) en Cadillac na, zijn de auto’s van de Amerikaanse gigant hier dan niet meer verkrijgbaar. General Motors heeft weliswaar grote plannen met haar luxelabel, maar het huidige gamma slaat niet aan in Europa. Een nieuwe kans krijgt Cadillac in 2019, als de cross-over XT4 klaar is voor verkoop in onze marktregio. Tegen die tijd heeft de markt het probleem van het ontbreken van een dieselvariant dan uit zichzelf opgelost.

Het afstoten van Opel/Vauxhall gaat General Motors uiteindelijk 5,5 miljard dollar kosten. Dat is 1 miljard dollar meer dan eerder werd aangenomen. De financiële tegenvaller wordt vooral veroorzaakt door hogere kosten voor de consolidering van het voertuigenprogramma, heeft de CEO Mary Barra (op de foto links) uitgelegd tijdens een persconferentie. General Motors heeft tot nu toe niet verder toegelicht wat dat in de praktijk betekent. Mogelijk bedoelt hij dat er veel geld moet worden afgeschreven op projecten waar Opel aan werkte, maar waar PSA topman Carlos Tavares (op de foto rechts) niet in geïnteresseerd is.

Barra gaat er van uit dat de verkoop van Opel aan PSA volgens plan tegen het eind van dit jaar afgerond kan worden. General Motors zelf zal in de komende kwartaalcijfers de resultaten van de Europese dochter als “niet voortgezette activiteiten” verwerken. Die cijfers over het tweede kwartaal worden op 25 juli naar buiten gebracht. Dan kan General Motors haar Europese boek sluiten. De autofabrikant wil zich voortaan richten op afzetregio’s die meer veelbelovend zijn, zoals China. Europa, waar Opel/Vauxhall sinds de decennium wisseling 15 miljard dollar verlies heeft geleden, behoort daar duidelijk niet toe.

Hoe Opel (en Vauxhall) in de toekomst door PSA gepositioneerd zal worden, is nog niet duidelijk. Het is wel bekend dat de Fransen marktleider Volkswagen willen gaan beconcurreren met hun eigen Peugeot merk en dat DS een Frans alternatief voor Audi moet worden. Citroën vaart haar eigen, eigenzinnige koers waarbij ruimte is voor Zuid Europese frivoliteit. Autointernationaal.nl adviseert PSA om van Opel een no-nonsense automerk zonder fratsen te maken à la Skoda. Dat biedt veel meer perspectief dan een plek in de slipstream van Audi, en dus een grotere kans op winstgevendheid.

PSA, dat 2,2 miljard euro voor de Europese divisie van General Motors betaalt, wil dat Opel/Vauxhall in 2020 uit de rode cijfers is. Anders zwaait er wat. Wat dat is, weten we van Talbot. De overname van de financiële tak van General Motors door PSA en BNP Paribas is overigens nog niet goedgekeurd door de Europese Commissie. Dat betreffende ei zal in het tweede semester van dit jaar worden gelegd.

Comments are closed.