De Insignia heeft de eer om de iconische typeaanduiding ‘GSi’ bij Opel nieuw leven in te mogen blazen. Op de IAA autoshow van Frankfurt (14 t/m 24 september) beleeft hij zijn publieksdebuut. Is dat een (extra) reden voor een tentoonstellingsbezoek? Niet echt, want Opel levert, zoals we de laatste jaren wel vaker zien bij dit merk, half werk: de Insignia GSi moet het vooral van uiterlijk vertoon hebben. Hij is geen paardenkracht sterker dan de Innovation uitvoering. Gemiste kans Opel!
In het vierde kwartaal is de Insignia GSi te bestellen in Nederland. Hij gaat minimaal 62 mille kosten, want voor bovengenoemde Innovation uitvoering betaal je al 58.495 euro. Beiden hebben de bekende 260 pk / 400 Nm variant van de 2.0 Turbo motor onder de kap, gekoppeld aan een 8-traps automaat en vierwielaandrijving. Later volgt er een Insignia GSi met een dieselmotor.

De GSi uitvoering van de Insignia onderscheidt zich door een verlaagde wielophanging met kortere veren, sportievere schokdempers, Brembo remmen en 20-inch velgen met Michelin Pilot Sport 4 S banden. Het FlexRide onderstel is standaard. De bestuurder heeft daarmee de keuze uit 4 rij programma’s. De eerste 3 zijn Standard, Tour en Sport. Afhankelijk van de gekozen modus reageren de besturing en de motor sneller op commando’s. De 4de modus heet Competition en is te activeren met de ESP knop. Na 2 keer indrukken is de tractiecontrole uitgeschakeld en zijn er volgens Opel driftacties mogelijk.
De nieuwe Insignia GSi is op de Nordschleife van de Nürburgring volgens Opel sneller dan de OPC uitvoering van de vorige generatie. Dat komt onder meer doordat de middenklasser 160 kilo is afgeslankt. De gewichtreductie is onder andere te danken aan de compactere krachtbron. De oude Insignia OPC had een V6 motor onder de kap, terwijl de nieuwe GSi uitvoering voorzien is van een 4 cilinder unit.

“Het is de combinatie van minder gewicht, vooral op de vooras, een lager zwaartepunt, de gemakkelijke besturing, het grote vermogen over een breed toerengebied en optimale tractie”, zegt Volker Strycek, de directeur van de Performance Cars & Motorsport afdeling van Opel. Dat klinkt mooi, maar feit is dat de Innovation uitvoering van de Insignia dezelfde pk:kg verhouding biedt. De GSi moet het dus voortal van zijn onderstelaanpassingen hebben. En van zijn uiterlijk vertoon, want de nieuweling is herkenbaar aan de grote, verchroomde luchtinlaten aan de voorzijde en een achterspoiler voor extra neerwaartse druk op de achterwielen. In het interieur plaatst Opel met leder beklede AGR sportstoelen, een met leder beklede sportstuur dat afgevlakt is aan de onderzijde, schakelflippers en tot slot aluminium pedalen. In een beetje actiemodel krijg je dergelijke zaken ook.
De terugkeer van de GSi badge heeft volgens Opel geen gevolgen voor het Opel Performance Center, kortweg OPC. “GSi staat voor efficiënt, scherp en precies. Bij OPC moet je daar power aan toevoegen. GSi staat op zichzelf”, aldus een woordvoerder van Opel Nederland. “GSi heeft dus geen gevolgen voor OPC”. Daar kan je dus een vraagteken bij plaatsen. Immers, van de Astra GTC OPC worden de laatste exemplaren uitgevent en de Corsa gaat in zijn huidige vorm in 2019 met pensioen. Zijn opvolger krijgt hetzelfde, allesbehalve okselfrisse onderstel als de Citroën C3 dus dat belooft weinig goeds voor het potentieel van een sportieve versie.
Of Opel in de toekomst meer GSi modellen uitbrengt, kan de woordvoerder niet bevestigen. Maar elk nadeel heb zijn voordeel: als het merk er zó weinig moeite voor doet, oftewel denkt zich er met een jantje van Leiden af te kunnen maken, waarom dan niet een Astra GSi met 200 pk sterke 1.6 Turbo motor? Theoretisch is zelfs een Karl GSi met 75 pk denkbaar. Opel verandert toch niks aan de motorspecificaties.
Je merkt het goed: Autointernationaal.nl wordt flink chagrijnig van dit soort lapwerk. Als de eerder genoemde Insignia Innovation nou een juweel van een motor zou hebben, dan zou je over de GSi kunnen denken: “nou, vooruit dan maar”. Maar het tegendeel is waar. In het op 21 april jl. gepubliceerde testverslag kan je het teruglezen: “Jammer is dat de 2,0 liter turbobenzinemotor minder ‘hightech’ is. Met 260 pk en 400 Nm heeft de krachtbron op papier voldoende power, maar echt dynamisch kan je het prestatieniveau niet noemen. De motor lijkt zijn arbeid met tegenzin te moeten doen. Met een zeurend gezoem tijdens accelereren en een onvervalste kreet van ongenoegen zodra de toerentellernaald richting de rode zone kruipt”.

En dan moet deze Insignia de gloriedagen die het sportlabel in de jaren ’80 en ’90 kende na een afwezigheid van 20 jaar doen herleven? Hopelijk gaat PSA, per september de nieuwe eigenaar van het merk, met een flinke bezem door de directieburelen (ook die van jou, Strycek!) om de halfslachtigheid uit te bannen. Dat Opel de details over de dieseluitvoering nog onder de pet houdt, is een veeg teken. Blijkbaar valt daar niet mee te pronken. Krijgt die gewoon de 170 pk sterke 2.0 CDTi motor? Die je ook in de 39.390 euro kostende Online Edition kan bestellen? Het qua ambities failliete Opel is blijkbaar tot alles in staat.

