Elektrisch rijden wekt interesse bij veel Nederlanders, maar de opmars ervan gaat te langzaam, gezien de kabinetswens om vanaf 2030 alleen nog maar elektrische auto’s te verkopen in Nederland. Dat blijkt uit de eerste Elektrisch Rijden Monitor van de ANWB.
Op dit moment is 0,2 procent van het totaal aantal personenauto’s in Nederland elektrisch. Hoewel 38 procent van de ondervraagden in de ANWB steekproef geïnteresseerd zegt te zijn in elektrisch rijden, overweegt slechts 1 op de 7 Nederlanders de komende jaren daadwerkelijk een elektrische auto aan te schaffen.
“We kunnen wel roepen dat er in 2030 alleen maar elektrische auto’s verkocht mogen worden, maar dat is al over 12 jaar”, aldus ANWB topman Frits Van Bruggen. Hoewel elektrische auto’s steeds beter worden, zien veel mensen dat nog niet. In de ogen van consumenten zijn elektrische auto’s te duur in aanschaf, ook vinden ze dat ze er te weinig kilometers mee kunnen rijden, zo blijkt uit de enquête.
De sceptische houding van de consument is niet onterecht. Rijden met een elektrische auto is inderdaad duurder (+10 procent) dan rijden met een benzinemodel, zo blijkt uit berekeningen van dezelfde ANWB. De prijs per kilometer van een nieuwe benzineauto is 50,6 cent. Ter vergelijking: bij een nieuwe elektrische auto gaat het om 55,9 cent per kilometer. De tarieven zijn berekend op basis van 4 jaar gebruik en 15.000 gereden kilometers per jaar. In het rekenvoorbeeld kost een benzineauto 632 euro per maand en een elektrisch exemplaar 689 euro. Volgens Van Bruggen is elektrisch rijden daarmee weliswaar duurder, maar volgens hem is het verschil niet groot. ”Terwijl dat in de beleving van mensen nog wel het geval is”.
Dat elektrisch rijden beter is voor het milieu en voordelig in gebruik, zien consumenten als goede aanleiding om over te stappen op elektrisch. Maar volgens de monitor wacht de consument liever met het aanschaffen van een elektrische auto tot elektrisch rijden meer gangbaar is.
Van de ondervraagden geeft 85 procent aan dat milieuwinst de belangrijkste reden is om te kiezen voor een elektrische auto. 46 procent zegt dat te willen doen omdat de auto voordelig is in gebruik. 44 procent zegt voorbereid te willen zijn op de toekomst, terwijl 38 procent zegt “van nieuwe dingen te houden”. Bij redenen om niet te kiezen voor elektrisch zegt 65 procent dat de auto te duur is in aanschaf. 31 procent vindt de actieradius onvoldoende. 26 procent zegt te wachten tot de elektrische auto meer gangbaar is, 24 procent vindt dat er te weinig laadpalen zijn. Van de ondervraagden is 21 procent niet geïnteresseerd in elektrisch rijden, terwijl 41 procent hier neutraal tegenover zegt te staan.
De ANWB gaat de Monitor Elektrisch Rijden vanaf nu ieder jaar uitvoeren, “in de hoop dat de interesse toeneemt”. Van Bruggen: “Wij gaan dit onderzoek regelmatig doen om te zien waar wij staan met elektrisch rijden. Zodat wij met z’n allen een mooie transitie naar elektrisch kunnen maken”.
Prognose RAI Vereniging
Ondanks de door de ANWB geplaatste kanttekeningen zal de verkoop van elektrische auto’s in Nederland volgend jaar naar verwachting verdubbelen. Het aanbod van beter betaalbare modellen met een grotere actieradius neemt volgens de RAI Vereniging toe. “Vanaf 2018 worden steeds meer nieuwe modellen elektrische auto’s op de markt geïntroduceerd”, stelt de organisatie. “Hierdoor wordt het voor een grotere groep autobezitters interessant om te kiezen voor een emissieloze auto”.
De branchevereniging denkt dat de verkoop van nieuwe, volledig elektrisch aangedreven auto’s volgend jaar zal groeien tot 15.000. Dat komt neer op bijna 4 procent van het totale aantal nieuwe auto’s (430.000) dat in 2018 naar verwachting van de RAI Vereniging wordt verkocht.
Tot 1 november van dit jaar zijn 5.998 nieuwe, uitstootvrije auto’s verkocht. In dezelfde periode een jaar eerder ging het nog om 3.015 elektrische wagens. Voor het hele jaar gaat de organisatie uit van een verkoop van ongeveer 7.000 volledig elektrische auto’s. Vooral voor zakelijk gebruik worden elektrische auto’s aangeschaft. Het gaat dit jaar om zo’n 90 procent van de verkopen. Dit wordt gestimuleerd door de lage bijtelling van 4 procent die tot 2021 geldt.
Particulieren kiezen vaker voor een goedkopere benzineauto of diesel. Volgens de RAI Vereniging is dit vooralsnog het belangrijkste alternatief, omdat elektrische auto’s voor particulieren nu nog vaak te duur zijn. Althans, dat idee hebben zij dus. “De enige manier om particulieren te verleiden, is met een particuliere aanschafsubsidie voor nieuwe elektrische auto’s”, bepleit RAI voorzitter Steven van Eijck, die nooit vies is van een stevig potje lobbyen.
Van Eijck stelt dat elektrisch rijden essentieel is om de Nederlandse en Europese doelstellingen voor het terugdringen van uitstoot te behalen. Hij pleit dan ook voor flinke investeringen in uitbreiding en opwaardering van het laadnetwerk. “Er moet voldoende capaciteit op het stroomnetwerk zijn als in de toekomst honderdduizenden auto’s tegelijk aan de laadpaal gaan. Bovendien worden accu’s steeds groter en duurt laden daardoor langer, tenzij het laadnetwerk wordt aangepast”, aldus Van Eijck.
Het komt er op neer dat de RAI voorzitter veel geld van de overheid wil hebben. Maar het onderzoek van de ANWB toont aan dat het kostennadeel van elektrische auto’s meevalt. Zodat de markt waarschijnlijk uit eigen beweging richting emissieloos vervoer verschuift. En de overheid het geld dus beter kan gebruiken voor het in gang zetten voor ontwikkelingen die wél een steuntje in de rug nodig hebben.
