Ze hebben hetzelfde platform, dezelfde motor maar de 2 dochtermerken van Tata Motors, Jaguar en Land Rover, geven een totaal verschillende invulling aan het begrip ‘SUV’. De F-Pace en de Range Rover Velar zijn technisch nauw aan elkaar verwant, maar in filosofie ver van elkaar verwijderd. Welke van deze neptweeling is de beste?

Ook al voordat Tata Motors zich over Jaguar en Land Rover ontfermde, hadden beide merken meer met elkaar gemeen dan op het eerste gezicht lijkt. Zij hebben namelijk beiden een tijdje Ford als moeder gehad. Jaguar vanaf 1990 en in 2000 volgde Land Rover. Vervolgens werden ze in 2008 overgenomen door de Indiase autofabrikant. Sindsdien vormen beide merken één autogroep met de naam Jaguar Land Rover. Terwijl de één wordt beschouwd als een meester op het gebied van terreinwagens, schreef de ander geschiedenis met zijn sportwagens en zijn 7 overwinningen tijdens de 24 uur race van Le Mans.

Maar nu verweven de modelintroducties van beide merken zich. Dat komt enerzijds doordat Land Rover geen genoeg kan krijgen van SUV modellen (en een gat in haar gamma zag tussen de Evoque en de grote Range Rovers) en anderzijds omdat Jaguar ook een graantje mee wil pikken in het snel groeiende marktsegment. Omdat krachtenbundeling in de concurrentiestrijd met vooral de Duitse fabrikanten van premiumauto’s niet onverstandig is, lanceren zij nu een SUV op een gemeenschappelijk platform. De F-Pace debuteerde al in 2015 en nu baart Land Rover nieuw nageslacht, namelijk de (Range Rover) Velar.

Ondanks dat Jaguar onontgonnen terrein betreden heeft, is de F-Pace zeer herkenbaar als gezinslid van dit merk. Dat komt door de gespierde carrosseriebouw en de karakteristiek grille. De koplampen zijn katachtig en de achterlichten doen denken aan de F-Type sportwagen. Zijn neef Velar is niet alleen langer (4,80 tegen 4,73 meter), maar kenmerkt zich juist door een zeer strak gesneden koetswerk. Daardoor oogt hij als een jacht. Zijn lijnenspel is een aangename afwisseling van wat Land Rover al in huis heeft, maar dat zorgt tegelijkertijd voor kritiek: is dit nog wel een échte SUV?

Getest worden de 3,0 liter V6 benzinecompressor versies. Bij Jaguar krijg je dan de S uitvoering van de F-Pace. Die kost 113.630 euro en is standaard royaal aangekleed. Bij de Velar ligt de instapdrempel lager (109.890 euro), maar dan krijg je de tamelijk eenvoudige R-Dynamic uitvoering. Wil je maximale luxe, dan dien je de HSE versie te bestellen. Die kost 130.590 euro. De Velar heeft dus een hogere eindprijs en ook het instaptarief is hoger: 74.200 euro versus 57.580 euro voor de F-Pace. Bij de laatste krijg je dan een 163 pk variant van de 2,0 liter 4 cilinder turbodiesel motor. De Land Rover heeft standaard 180 pk. Wil je dit vermogen in de Jaguar, dan stijgt de prijs naar 61.940 euro.

Net als bij het uiterlijk het geval is, verschillen ook de cabines van de 2 Britse SUV modellen radicaal van elkaar. De F-Pace deelt, misschien niet helemaal onlogisch, veel dashboardelementen met de XE; een 45.140 euro kostende sedan. Ben ik dan vervelend als ik zeg dat de algehele presentatie wat minder verfijnd en modern is dan bij de Velar, terwijl ook de materiaalkwaliteit en de afwerking niet om over naar huis te schrijven is? De Land Rover bevindt zich namelijk in een heel andere dimensie. Luxe en extravagantie zijn bij dit mdoel de sleutelwoorden. Het leer dat overal aanwezig is, wordt vergezeld door Alcantara voor een nóg hogere kwaliteitsbeleving. De 2 aanraakschermen van het infomediasysteem zijn ronduit indrukwekkend, al kan de bediening in het begin voor wat raadsels zorgen. Het enige gemeenschappelijke cockpitelement bij de 2 SUV modellen is de transmissiehendel knop, die verdwijnt zodra de motor wordt uitgeschakeld.

Een verrassing is dat, ondanks zijn grotere formaat, de Velar iets minder ruimte op de achterbank biedt dan de F-Pace. Dat komt doordat de ontwerpers van Land Rover voor een design met een zeer lange motorkap hebben gekozen. Maar als het om het volume van de kofferruimte gaat (673 tegen 650 liter) en een moduleerbaarheid (onder andere elektrisch klapbare stoelen) dan pakt de Velar weer punten terug.

Het is moeilijk voor te stellen dat dergelijke stilistisch ver van elkaar verwijderde voertuigen eigenlijk een gemeenschappelijke basis delen. Want ook het rijgedrag is heel verschillend. De naamverwantschap met de (grote) Range Rover modellen verplicht de Velar haar terreincapaciteiten niet te veronachtzamen. Maar de daarop afgestemde grotere veeruitslagen vertalen zich ook in een koetswerk dat in bochten contant in beweging is en een minder communicatieve besturing. Toch is het een ideale partner voor lange afstanden dankzij de luchtvering en het eersteklas comfort.

De F-Pace is meer katachtig. Minder comfortabel, maar veel dynamischer. De Jaguar werkt bochten af zonder bij wijze van spreken met zijn ogen te knipperen. Ook is er meer precisie en meer betekenisvolle feedback voor de bestuurder. Hij exploiteert ook overtuigender de 380 pk sterke 3,0 liter V6 compressormotor die hij deelt met de Velar: sprinten naar 100 km/u doet hij in 5,5 seconden (5,7 tellen voor de Land Rover). En bovenal geeft deze 6 cilinder unit, die veel toeren nodig heeft om maximaal te presteren, veel meer akoestisch plezier in de F-Pace.

Maar als het om het terreinspel gaat, dan wint de Velar dat met vlag en wimpel. Hij wordt goed geholpen door de luchtvering en de verschillende rij modi die de transmissie af kunnen stemmen op het type ondergrond. Daardoor weet de Land Rover obstakels te overwinnen waar sommige klanten slapeloze nachten van kunnen krijgen. Hij kan bijvoorbeeld 65 cm diep water lang oversteken. Kortom, de Velar is een echte chique stadsbewoner met rubber laarzen!
Conclusie
Zoals je hebt kunnen lezen, heeft Jaguar Land Rover aan iedereen gedacht. Voor aanlokkelijke en sportieve SUV enthousiastelingen heeft men de F-Pace in de aanbieding, en voor gezinnen die luxe en comfort prefereren is er de Range Rover Velar. De keuze maak je naargelang je wensen, je behoeften en je portemonnee. Iedereen wint op deze manier!

