Puntjes op de i: Mini facelift

0

Waarom de korte test?

BMW heeft de inmiddels 4 jaar oude, derde generatie van de ‘nieuwe’ Mini een facelift gegeven. Het marktaandeel van de Hatch groeit niet of nauwelijks meer, maar een opfrisbeurt moet de kleine Brit weer onder de aandacht brengen bij het koperspubliek. In Nederland gaat de orderboeken voor de vernieuwde Mini op 31 maart open.

Wat voor auto is het?

De Mini heeft tal van wijzigingen ondergaan, maar daarvoor moet je wel 2 keer kijken. Op die manier wordt voorkomen dat bestaande klanten ineens met een duidelijk verouderd model komen te zitten en chagrijnig worden. Mini monteert zowel voor als achter nieuwe lichtunits met LED techniek. Achter hebben ze de Britse vlag als decoratie. Voor diegenen die dit te kitscherig vinden, staan er normale lichtunits op de optielijst. Die kosten niks extra. Ook zijn er nieuwe carrosseriekleuren (Emerald grijs), Starlight blauw, Solaris oranje) en verse velgdesigns. Voor diegenen die een hekel hebben aan al te veel ‘bling’ is er het Black exterieurpakket. Daarmee wordt het chroom op de grille en lichtunits vervangen door een glanzend zwarte afwerking. Met de optionele Matrix LED koplampen kan verblinding van tegenliggers worden voorkomen.

In het interieur treffen we een 6,5 inch groot touch screen aan. Dat kan ook worden bediend door een Mini versie van BMW’s iDrive controleknop. Een multifunctioneel stuurwiel is voortaan standaard. Verder kunnen telefoons voortaan draadloos worden opgeladen. Voor de afwerking van het interieur kan worden geopteerd voor ‘Chester’ leder, pianolak en ambiance verlichting.

Mini zegt alle motoren tegen het licht gehouden te hebben met als doel het verbruik te verlagen. In het geval van de testauto, de Cooper S uitvoering, wordt nu 7 procent efficiënter met brandstof omgesprongen. Opvallend is dat het motorblok door de ingrepen 30 kilo zwaarder is geworden.

Is het wat?

De eerste 2 generaties van de ‘nieuwe’ Mini schreven autogeschiedenis met hun scherpe besturing en soepel schakelende handbak. Qua lichtvoetigheid heeft de Hatch niks ingeleverd, maar het valt wel op dat de bediening wat zachter en meer rubberachtig aanvoelt. Gelukkig wen je snel aan de elastiek in de besturing en aan de inconsistente weerstand in de handbak. En commando’s om een bocht te nemen worden snel en subiet genomen. Ook de relatief hoge zitpositie is even wennen, maar dat vergeet je snel als je kennismaakt met het kart karakter van de Mini. In Sport modus is de besturing onnodig zwaar, maar je kan de Hatch wel met grote precisie door een bocht jagen. Per saldo levert dit veel rij plezier op, al is het jammer dat de Mini niet leverbaar is met een mechanisch limited slip differentieel. Dat zou hem in bochten nóg sneller hebben gemaakt.

De korte wielbasis en stugge vering maakt de Mini niet perse oncomfortabel, maar het weggedrag is wel onrustig. De 192 pk sterke 2,0 liter motor van de Cooper S maakt een gespierde indruk, maar hij stimuleert je niet om veel toeren te maken. Dat komt omdat het blok al bij 2.500 toeren goed bij de les is, waardoor de verleiding groot is om de Mini schakellui te rijden. Je hoeft dus niet de rode zone op te zoeken om het onderste uit de kan te halen. Bij dagelijks gebruik is dat eigenlijk wel zo prettig. Hiermee onderscheidt de Mini zich van échte hete hatchbacks in het B segment. Die hebben een sportiever karakter, maar zijn ook minder verfijnd en daardoor tijdens lange ritten vermoeiender. De Cooper S is minder ‘heet’ dan bijvoorbeeld de Peugeot 208 GTi, maar wel een betere allrounder.

Het hoge verfijningniveau zien we ook terug in het interieur, dat veel hoogwaardiger is dan bij andere B segment modellen. De tuimelschakelaars zijn een lust voor het oog en doen denken aan een jachtvliegtuig. In ergonomisch opzicht is het dashboard evenwel niet foutloos en ben je van plan om regelmatig achterpassagiers mee te nemen, dan kan je beter een andere auto zoeken. Ook de bagageruimte is krap. Feitelijk is de 3-deurs Mini een 2-zitter met à la de Porsche 911 een waardevolle opbergmogelijkheid van jassen en tassen op de achterbank.

80%
80%
Awesome

Ondanks zijn compacte afmetingen maakt de Mini Cooper S een heel volwassen indruk. Het is een waar multi-talent. Toch is de gewone Cooper een betere keus omdat diens weggedrag vermakelijker is en de 1,5 liter motor een pittiger karakter heeft. De nieuwe 7-traps automaat met dubbele koppeling past daar goed bij en is zijn meerprijs zondermeer waard. De ietwat hakerige handbak schakelt namelijk niet optimaal en is voorzien van een goedkoop aanvoelende pookknop. Het is alleen jammer dat die snel, soepel en vrijwel zonder onderbreking schakelende automaat geen schakelflippers achter het stuur heeft. Dat zou de Mini helemaal af hebben gemaakt. Je wordt bij terugschakelen gelukkig wel getrakteerd op een vermakelijke dot tussengas. Weliswaar niet zo spectaculair als bij een V8, maar toch.

  • 8
  • User Ratings (13 Votes)
    6

Comments are closed.