Wint de Ford Focus de Auto van het Jaar 2019 verkiezing?

0

38 auto’s waren voorgeselecteerd en er mogen 7 door naar de finale. Wie de winnaar is van de prestigieuze titel ‘Auto van het Jaar 2019’ zal op 4 maart bekend worden gemaakt.

Wie zal de Volvo XC40 (Auto van het Jaar 2018) opvolgen? Hiervoor moeten wij wachten tot de start van de 2019 editie van de autosalon van Genève (meer specifiek de vooravond van de eerste persdag), die in maart wordt gehouden. Er zijn slechts 7 kandidaten die kunnen dromen van de prestigieuze titel. Frankrijk heeft daarbij op papier de beste papieren, want dit land is met 3 modellen in de competitie vertegenwoordigd. Maar dat zegt uiteindelijk niks over de uitslag, net zo min als het feit dat er dit jaar slechts 2 cross-overs deelnemen aan de competitie versus 3 stuks vorig jaar.

Ter herinnering: de prijs wordt uitgereikt door een jury van 60 journalisten uit 23 landen in heel Europa. Hun eerste werkronde, namelijk een keuze maken uit 38 voorgeselecteerde kandidaten, hebben zij nu achter de rug. In de tweede helft van februari worden de 7 genomineerden nog eens grondig aan de tand gevoeld door alle juryleden op het Ceram testcircuit in Mortefontaine (iets boven Parijs), waarna de definitieve puntentoewijzing geschiedt. Hoewel de uiteindelijke winnaar niet altijd een logische keuze lijkt, probeert Autointernationaal.nl een voorspelling te doen door net als in 2016 en 2017 een oordeel te geven over de win kansen van de 7 finalisten. Maar het ‘Auto van het Jaar’ evenement is niet compleet zonder een verrassende winnaar.

In alfabetische volgorde is de Alpine A110 de eerste kandidaat. Die werd onthuld in maart 2017, maar neemt dit jaar pas deel aan de verkiezing omdat de leveringen pas afgelopen lente is begonnen. De carrière van de sportauto is nu goed op gang gekomen omdat de fabrikant klaar is met de productie van de 1.955 exemplaren van de gelimiteerde Première Edition serie. De Berlinette van de 21ste eeuw is uitgerust met een 1,8 liter turbo van 252 pk. Op zich zijn de win kansen van de A110 laag. Dat komt omdat sportwagens met slechts 2 zitplaatsen zelden of nooit in de prijzen vallen. De voorkeur van de jury gaat uit naar gezinswagens. Maar in het verleden was er een zeldzame uitzondering: de Porsche 928 uit 1978. Ook al had deze sportauto 4 stoelen, de verkiezing van deze Duitser tot Auto van het Jaar geeft aan dat het niet persé een sedan, hatchback / liftback of cross-over annex SUV hoeft te zijn. De jury is vermoedelijk unaniem over het plezier dat het besturen van de Alpine biedt. Die eigenschap zou de A110 wel eens tot favoriet kunnen maken.

De tweede Franse kandidaat is de Citroën C5 Aircross. Dit model illustreert de vernieuwing van het merk. De C5 Aircross is de eerste middenklasse SUV van Citroën; de C4 Aircross was feitelijk niks anders dan een Mitsubishi met visgraatlogo. Hoewel technisch nauw verwant aan de Peugeot 3008 (en de DS 7 Crossback en Opel Grandland X), onderscheidt de C5 Aircross zich van de massa door zijn originele styling, interieurvariabiliteit en creatieve comfortvondsten. Dat die in de praktijk niet iedereen weten te overtuigen, verkleint evenwel de win kansen van de Citroën. Bovendien moet niet vergeten worden dat de modellen waarmee de vernieuwingsoperatie van het merk werd opgestart (de C3 en de C3 Aircross) ook niet in de prijzen vielen. Nee, deze Fransman gaat lager eindigen dat zijn landgenoot Alpine A110. En wordt dus zeker niet de winnaar van de verkiezing.

Ford heeft met de Focus een reputatie hoog te houden als het gaat om het winnen van de Auto van het Jaar verkiezing. In die zin dat de eerste generatie in 1999 de bokaal wist te bemachtigen. Ford weet sowieso wel hoe zij de gevoelige snaar bij de jury moet raken, want eerder wonnen de Escort (1981), de Scorpio (1986) en de Mondeo (1994) de prijs. En in 2007 ging de S-Max er met de buit vandoor. De nieuwe Focus verleidt met zijn brede en veelzijdige gamma (prijs scherpe Trend, luxe Titanium, sportieve ST Line, chique Vignale en stoere Active). In vergelijking met de vorige generatie, die niet in de prijzen viel, biedt hij duidelijk meer interieurruimte en een overzichtelijker dashboard. Dat zijn eigenschappen waarmee de Focus punten kan scoren. Niet alleen bij de jury, maar ook bij de gewone man. Omdat de Focus nog steeds bovengemiddeld lekker rijdt, maakt dit hem tot een sterke kandidaat voor de eindoverwinning. Ook omdat de jury in de afgelopen 6 jaar de beker 3 keer overhandigde aan een compacte middenklasser: de Peugeot 308 in 2013, de Volkswagen Golf in 2014 en de Opel Astra in 2016. De Focus zit dus in het segment waar statistisch gezien het vaakst de prijzen vallen. Voor Ford zou de bokaal een mooie opsteker zijn aangezien het merk momenteel zwaar in de rode cijfers zit in Europa. Het merk heeft sinds 2007 niet meer gewonnen en als je bedenkt hoe lekker de Fiesta rijdt, is dat misschien niet terecht. Bovendien is de prijs een mooi signaal richting Dearborn: wij hebben in Europa Ford heus niet de rug toegekeerd hoor!

Vorig jaar won zoals gezegd de Volvo XC40. Het is zoals gezegd lang geleden dat er een premium fabrikant in de bloemetjes werd gezet: Audi was de laatste in 1983. Daarvoor viel niet alleen de Porsche 928 in de smaak bij de jury, maar ook de Lancia Delta (1980), de Rover SD1 (1977), de Mercedes-Benz S klasse (1974), de Audi 80 (1973, al had dit merk toen nog geen premiumstatus), de Peugeot 504 (1969; dit merk had toen nog wél premiumstatus), de NSU Ro80 (1968) en de auto waar het in 1964 allemaal mee begon, de Rover 2000. Nu heeft de jury de luxe smaak blijkbaar weer te pakken, want 1 jaar na de overwinning van de Volvo is de Jaguar I-Pace genomineerd: het eerste Europese antwoord op de Amerikaanse Tesla en dat is vermoedelijk de reden waarom deze Brit genomineerd is. In 2011 werd de Nissan Leaf uitgeroepen tot Auto van het Jaar, maar het is voor het eerst dat een premium elektrische auto kans maakt op de bokaal. Dat is zuur voor de Duitse concurrenten van de Jaguar, de Audi e-Tron en de Mercedes-Benz EQ C, maar die worden wellicht volgend jaar genomineerd. Niet iedereen is van mening dat de I-Pace overtuigend een betere elektrische auto is dan de Model S, maar hij heeft een origineel en gedurfd silhouet, mogelijk gemaakt door zijn specifieke architectuur waarbij de motoren direct op de assen zijn geplaatst en de motor maar weinig ruimte in neemt. Je zou de combinatie van elektrische aandrijving en een trendy cross-over carrosserie als een ‘winnende formule’ kunnen omschrijven om de bokaal in de wacht te slepen, maar de prijs van de Brit is vermoedelijk te hoog. Met 80.330 euro kost hij meer dan 2 keer zoveel als de Volvo XC40 (39.975 euro) en dat zal de jury vermoedelijk te gortig vinden. Ook al is de Jaguar I-Pace relatief zeker niet duurder dan indertijd de Mercedes-Benz S-klasse en de Porsche 928.

Om te illustreren dat de Kia Ceed graag serieus genomen wil worden in het C segment, heeft de derde generatie die rare apostrof in zijn naam van zich afgeschud. Dat zal zijn win kansen natuurlijk niet vergroten. En eerlijk gezegd lijkt het er op dat de Ceed enkel en alleen door de jury is genomineerd om zo niet het verwijt te krijgen dat er alleen Europese kanshebbers waren. Nu is het zo dat de Kia in onze marktregio wordt gebouwd en ook speciaal voor ons is ontwikkeld, maar toch: in de perceptie van de consument is het een Aziatisch product. En dat is niet zo gek aangezien al het geld dat er met dit model wordt verdiend naar een Zuid Koreaanse bankrekening gaat. Hoewel de Ceed zich presenteert als een Europees voertuig, zal hij niet in de prijzen vallen. Dat heeft geen politieke motivatie, maar ligt puur aan het feit dat niemand echt lyrisch wordt over de Kia (bij zijn segmentgenoot Ford Focus is dat wel goed mogelijk). De Ceed is een auto zonder grote minpunten, maar daar is dan ook alles mee gezegd. En het interessantst is de ProCeed variant; een stationwagon in Shooting Brake stijl, maar die komt pas volgend jaar op de markt. Kia eindigde dit jaar met de Stinger op een eervolle 4de plaats. De Ceed is te flets om dat resultaat te verbeteren, ondanks dat hij uit het ‘juiste’ segment komt. De in Slowakije gebouwde Kia heeft alleen kans als er een revolte ontstaat onder juryleden die afkomstig zijn uit Oost Europa die zich willen afzetten tegen de dominantie van hun West Europese collega’s.

Mercedes-Benz won de Auto van het Jaar verkiezing zoals gezegd in 1973 met de S klasse. Daarna werd het stil. Nu is de A klasse genomineerd. Het is niet echt logisch dat juist de vierde generatie kans maakt om te winnen aangezien het originele model veel gedurfder was en er alleen bij de vorige editie sprake was van een duidelijke koerswijziging. De A klasse die nu in de prijzen kan vallen, is niets meer en niets minder dan een evolutie van zijn voorganger. Maar goed, dat geldt misschien ook wel voor de Focus en de Ceed. En Mercedes-Benz schrijft zondermeer geschiedenis met de interieurpresentatie van het jongste model en de daaraan ten grondslag liggende technologie. Toch zijn de win kansen klein. De unieke spraakassistent kan niet verhinderen dat de meer veelzijdige Focus een betere prijs:prestatie verhouding biedt dan de A klasse.

Aan de Peugeot 508 is alles veranderd behalve zijn naam (of cijfercombinatie). De laatste jaren hebben wij gezien dat het D segment qua verkoopvolume langzaam maar zeker leegloopt. Met name massamerken (Citroën, Honda, Toyota zijn de meest recente voorbeelden) houden het voor gezien. Maar Peugeot vecht als een leeuw voor haar positie en lijkt de ‘D segment middenklasser zonder premium logo’ opnieuw te hebben uitgevonden. Hoe? Door die dure concurrenten (Audi A5 Sportback, BMW 4-serie Gran Coupé) nauwkeurig te kopiëren! Een les die Peugeot geleerd heeft, is dat veel interieurruimte (en een lompe, grote carrosserie) niet langer een sterke verkoopargument is. Dat was misschien ten tijde van de Ford Taunus zo, maar dat was gisteren. Vandaag de dag moet een auto met een bovengemiddeld hoog prijskaartje (en daar praten wij hier over) ook bovengemiddeld sexy moet zijn, ongeacht de consequenties voor het ruimteaanbod. De nieuwe 508 is in vergelijking met zijn voorganger ontegenzeggelijk krapper, maar vanwege de standaard 5de deur niet minder praktisch, integendeel. En zijn strak gesneden koetswerk plus coupéachtige design verhogen beslist de aantrekkingskracht van de Peugeot. Voor wie bang is dat de automarkt overwoekerd raakt door cross-overs en SUV modellen: als er één auto is die het tij kan keren, dat is de nieuwe 508; een auto die, toeval of niet, uit het land van de champagne komt. Als de jury die mening ook is toegedaan, kan zij nu Peugeot daarvoor belonen. De 508 is esthetisch écht een succes. Nu moet hij nog zien te scoren op de markt (en bij de jury). De originele interieurpresentatie is beslist ook een troef van de 508, maar over de rij kwaliteiten zijn de meningen verdeeld. De krappe zitruimte achterin helpt natuurlijk ook niet. Toch zijn de win kansen zeker niet klein. De jury lijkt namelijk D segment middenklassers nog steeds te kunnen waarderen. De Alfa Romeo Giulia eindigde in 2017 op de 2de plek en de huidige Mercedes-Benz C klasse was in 2015 goed voor brons.

Al met al heeft de Ford Focus de beste papieren voor de eindoverwinning, maar zowel de Alpine A110 en de Peugeot 308 hebben een ‘wild card’ . Tegelijkertijd valt op dat Audi en BMW dit jaar de grote verliezers zijn. In de voorselectie was Audi met 5 modellen vertegenwoordigd: de A1, de A6, de A7 Sportback, de Q3 en de Q8. Daarvan belandde niemand in de finale. Dit is vooral verrassend voor de A6 omdat zijn Duitse landgenoten BMW 5-serie en Mercedes-Benz E klasse wel (gemakkelijk) geselecteerd werden voor de laatste etappe. Krijgt Audi nu een draai om zijn oren vanwege de dooretterende sjoemeldiesel affaire? Verzachtende omstandigheid is dat BMW de eindronde nu ook niet wist te halen. Dat komt omdat de modellen uit de voorselectie (X2, X4 en X5) te weinig allemansvrienden en/of te duur zijn. En de nieuwe 3-serie arriveert te laat op de markt, namelijk pas in februari 2019. Daarmee verspeelde deze BMW zijn kansen op nominatie voor de finale.

Ford Focus scoort in VAB verkiezing

Elk jaar stelt de Belgische mobiliteitsorganisatie VAB zijn gezinswagens van het jaar voor. De winnaars zijn het resultaat van de gewogen score die een jury van zowel autojournalisten (19 ditmaal) en gezinnen (68; bestaande uit 148 volwassenen en 99 kinderen) bij onze zuiderburen toekenden in 3 categorieën.

In de eerste categorie geldt een prijsplafond van 19.500 euro. Het is een segment waarin onder meer de Mazda 2 en Suzuki Swift ook kanshebbers waren, maar naast een plaats op het podium grepen. De derde stek is voor de tweede generatie Dacia Duster en het is de herziene Skoda Fabia Combi die de zilveren plak bemachtigd. Maar de echte winnaar is de nieuwe Ford Focus in 1.0 Ecoboost hatchback uitvoering met 168 punten. De Skoda Fabia Combi behaalde 148 punten en de Dacia Duster 145 punten.

De tweede categorie, met een prijsplafond van 30.500 euro, kent een opmerkelijke winnaar, aangezien het daar alweer de Focus is die in de bloemetjes wordt gezet. Ditmaal in Wagon uitvoering, maar met dezelfde 1,0 liter motor. Deze Ford was goed voor 176 punten. En ook hier laat hij een Skoda (in dit geval de Octavia Combi) achter zich. Die verzamelde 149 punten en bleef daarmee de Mazda CX-5 (145 punten) nipt voor.

De VAB kiest ook steevast een gezinswagen met stekkeraansluiting. Een segment waarin tot op heden niet echt sprake is van een overvloed aan serieuze kandidaten. Het aanbod is ook dit jaar beperkt, maar de winnende Nissan Leaf kreeg wel serieuze concurrentie van de Hyundai Kona Electric. Zij eindigden met respectievelijk 122 en 118 punten bovenaan. De Mitsubishi Outlander PHEV volgde op afstand met 98 punten.

In de ‘VAB gezinswagen van het Jaar’ verkiezing winnen banale hatchbacks en een burgerlijke stationwagon het dus van hippe cross-overs. Vergroot dat de kansen van de Ford Focus in de Europese verkiezing? Of wijst dat er op dat de herboren Peugeot 508 ook een serieuze kanshebber is? Als je kijkt naar de praktische eigenschappen, blijkt de Focus ook nu de beste papieren te hebben. Er is namelijk ook nog zoiets als de til drempel voor bagage, en daarin scoort een hatchback of stationwagon onmiskenbaar beter dan een cross-over of SUV, terwijl de beenruimte van de Ford allesbehalve ondermaats is. Tel daarbij de betere rij dynamiek van een lagere auto en de lagere luchtweerstand (lees: gunstiger benzine/diesel of stroom verbruik) en buiten een hogere zitpositie hebben de cross-over en SUV maar weinig troeven in hun hand. De VAB jury vraagt daar nu aandacht voor. Nu is het aan de collega’s van de Europese Auto van het Jaar verkiezing om te laten zien dat de cross-over annex SUV hype misschien niet helemaal terecht is.

Reageren is niet mogelijk.