Eerder deze maand had de Europese Commissie al haar bezwaren kenbaar gemaakt tegen een fusie van de autofabrikanten PSA en Fiat Chrysler Automobiles. Met name de dominante positie op de markt voor bestelwagens die hierdoor zou ontstaan, zorgde voor fronsende wenkbrauwen in Brussel. PSA en Fiat Chrysler Automobiles werden daarom door de Europese Commissie gevraagd hoe zij dit ‘probleem’ dachten op te lossen. Een reactie bleef evenwel uit. Daarop besloot Brussel om nader onderzoek te gaan doen.
EU commissaris Margrethe Vestager (Mededinging; foto)) zegt over de kwestie: “Fiat Chrysler Automobiles en PSA hebben met hun grote aanbod aan merken en modellen een sterke marktpositie. Wij zullen zorgvuldig onderzoeken of deze fusie negatieve gevolgen heeft voor de concurrentiekracht op deze markten en er voor zorgen dat een gezond, competitief landschap in stand blijft voor alle individuen en bedrijven die afhankelijk zijn van deze bestelwagens voor hun activiteiten”.

De Europese Commissie is vooral bezorgd dat er door de fusie een gebrek aan concurrentie zal ontstaan op de bestelbusjesmarkt in 14 lidstaten van de EU en het Verenigd Koninkrijk. Nederland behoort daar niet toe. “Er zijn minder concurrenten bij bestelauto’s dan bij passagiersvoertuigen en in de meeste van deze landen zouden alle concurrenten aanzienlijk kleiner zijn dan het fusiebedrijf”, aldus Vestager (Mededinging) over waarom het onderzoek wordt gestart. “Bestelbusjes zijn belangrijk voor individuen, kleine ondernemers en grote bedrijven als het op het leveren van goederen of diensten aan klanten aankomt. Het gaat om een groeiende markt die steeds belangrijker wordt in een digitale economie waar klanten meer dan ooit rekenen op koerierdiensten”, aldus de eurocommissaris.
De fusie tussen Fiat Chrysler Automobiles (bekend van merken als Fiat, Alfa Romeo, Chrysler en Jeep) en PSA (fabrikant van Peugeot, Citroën, DS en Opel / Vauxhall), werd eind vorig jaar aangekondigd. Samen zouden de concerns het vierde grootste autobedrijf ter wereld worden, na Toyota, Volkswagen en de alliantie van Renault, Nissan en Mitsubishi. De Europese Commissie heeft tot eind oktober de tijd om een beslissing te vormen over de gevolgen van de fusie van de 2 autofabrikanten. Daarmee wordt de eerdere vrees voor een maandenlange vertraging van de fusie bewaarheid.

Concreet vreest de Europese Commissie dat de concurrentie in België, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Italië, Kroatië, Litouwen, Luxemburg, Polen, Portugal, Slovakije, Slovenië, Spanje, Tsjechië en het Verenigd Koninkrijk zou kunnen verminderen. “Er zijn minder concurrenten bij bestelwagens dan bij personenauto’s en in de meeste van deze landen zouden alle concurrenten aanzienlijk kleiner zijn dan het fusiebedrijf”, zo luidt de analyse van Vestager. Daarnaast is de toetredingsbarrière hoog, zo bleek al uit een vooronderzoek.
PSA en Fiat Chrysler Automobiles zullen “blijven samenwerken met de Europese Commissie”, zo reageert een woordvoerder van PSA. De fabrikanten houden ook vast aan de doelstelling om hun fusie tegen het einde van het eerste kwartaal van 2021 af te ronden. Voor de corona crisis verkochten Fiat Chrysler Automobiles en PSA samen circa 8,7 miljoen voertuigen per jaar. Hun omzet bedroeg in 2019 opgeteld 170 miljard euro.
