In Duitsland is een dode man in een uitgebrande auto gevonden. Door de Duitse justitie wordt nu onderzocht of er een verband is met een geschil tussen Volkswagen en de Bosnische leveranciersgroep Prevent.
Het onderzoek naar de dood van de ex-werknemer van Volkswagen wordt uitgevoerd door het Openbaar Ministerie in het Duitse Braunschweig. De man werd in een uitgebrande auto gevonden in de deelstaat Nedersaksen. De dode was een werknemer van Volkswagen die zaken zou hebben gedaan met de Bosnische leverancier Prevent, dat autobekleding en remschijven vervaardigt.
Volkswagen heeft sinds 2016 een geschil met Prevent en beëindigde in 2018 eenzijdig de samenwerking met deze toeleverancier. 4 jaar geleden moest de productie in de fabrieken in Wolfsburg tijdelijk worden stilgelegd omdat het Bosnische bedrijf stopte met de verzending van onderdelen, dit vanwege een meningsverschil over de prijsstelling. Sindsdien zijn Volkswagen en Prevent verwikkeld in diverse rechtszaken om de schade terug te vorderen.
De man die dood is aangetroffen in een uitgebrande auto zou bij Volkswagen hebben gespioneerd voor de Bosnische toeleverancier. Eerder ging zijn huis al in de fik. Tijdens de autopsie zijn er geen sporen gevonden die erop wijzen dat de man om het leven werd gebracht voorafgaand aan de brand, zo laat het Openbaar Ministerie in Braunschweig weten.
De Volkswagen medewerker, die een managementfunctie had, was geschorst wegens vermeende bedrijfsspionage. De man zou onder meer gesprekken hebben opgenomen over hoe de autofabrikant om moest gaan met de toeleverancier. De bekende Bosnische familie Hastor, eigenaar van de Prevent Groep, hekelde eerder al de impliciete beschuldiging dat zij iets te maken zou hebben met het in brand steken van het miljoenenpand van de voormalige Volkswagen manager.
