Volvo gaat investeren in de ontwikkeling van eigen elektromotoren. Een concreet wapenfeit van die beslissing is de opening van een nieuw ontwikkelingscentrum in Sjanghai.
Volvo profiteert als dochter merk van de Chinese Geely Groep uiteraard van de technologie die elders in dit autoconcern reeds ontwikkeld wordt, maar het Zweedse merk krijgt een speciale rol op het gebied van elektromotoren. In Sjanghai wordt in dit kader de deuren geopend van een nieuw research laboratorium. Daar gaat Volvo de volgende generatie elektromotoren gaat ontwerpen. De nieuwe locatie is een uitbreiding van de reeds bestaande R&D centra in China en Zweden. Daar werkt Volvo aan accutechnologie.

Afgelopen maand zijn de werkzaamheden in het nieuwe laboratorium in Sjanghai reeds begonnen. De eerste concrete uitwerking daarvan moet een nieuwe generatie elektromotoren zijn voor toepassing in auto’s die op het SPA2 platform gebaseerd gaan worden. Die modulaire basis is een doorontwikkeling van het onderstel dat momenteel onder de 60- en 90- serie modellen te vinden is. De eerste Volvo die gebruik gaat maken van het SPA2 is de volgende generatie XC90. Zustermerk Polestar zal minstens één auto op basis van dit onderstel uitbrengen. Dat wordt een SUV die luistert naar de naam Polestar 3.
Voor de compactere elektrische modellen gaat Volvo in de toekomst gebruik maken van het nieuwe, door Geely ontwikkelde, SEA platform. Daar heeft het Chinese moederbedrijf zelf ook al motoren voor in ontwikkeling. De eerste Volvo die gebaseerd gaat worden op het SEA platform is de XC20; een compacte elektrische cross-over. Door voor de elektromotoren een beroep te doen op het moederbedrijf, kan het Zweedse automerk kosten besparen. Daardoor kan er makkelijker geld worden verdiend aan de toekomstige instapper. Voor de grotere, duurdere modellen is er meer financiële bewegingsvrijheid om gebruik te gaan maken van elektromotoren van eigen makelij.

Volvo neemt met het in gebruik nemen van het nieuwe research laboratorium naar eigen zeggen de volgende belangrijke stap in haar transitie naar autofabrikant van uitsluitend volledig elektrische auto’s. De afdelingsactiviteiten komen bovenop de voortdurende ontwikkeling van elektromotoren in Göteborg, Zweden. Door zich niet afhankelijk op te stellen van externe partijen, denkt Volvo de betreffende techniek verder te kunnen optimaliseren naar een niveau dat passend is voor een fabrikant van premium auto’s. Het gaat daarbij om de ontwikkeling van volledig geëlektrificeerde aandrijflijnen, dus naast elektromotoren ook om accupakketten en aandrijfelektronica.
Het samenspel van deze 3 componenten is cruciaal om tot kwalitatief hoogwaardige auto’s te komen, aldus Henrik Green (foto), Chief Technology Officer bij Volvo Cars. “Door continu de prestaties op het gebied van energie-efficiëntie en comfort te verbeteren, creëren we een unieke elektrische rijervaring die alleen bij Volvo te vinden is”. Elektromotoren zijn voor een groot deel verantwoordelijk voor de onderscheidende eigenschappen van een elektrische auto, zoals een onafgebroken acceleratie en ‘one pedal driving’, waarbij de bestuurder met hetzelfde pedaal gas geeft en de auto af kan laten remmen.

De investeringen die Volvo doet, passen bij Volvo’s ambities en strategie met betrekking tot het klimaat en elektrificatie. Volvo heeft als doel dat in 2025 de helft van zijn verkopen een volledig elektrische Volvo betreft. De andere helft moet uit hybride modellen (benzine / elektrisch) bestaan. Verder wil Volvo vanaf het jaar 2040 volledig klimaatneutraal zijn. Om dit te bereiken gaat Volvo niet alleen de CO2-uitstoot van zijn modellen verder reduceren maar ook die van zijn wereldwijde productiefaciliteiten en de logistieke keten die hiermee te maken heeft. En ook het recyclen en hergebruik van materialen moeten een bijdrage leveren aan Volvo’s klimaatdoelstellingen. Een van Volvo’s klimaatambities is dat Volvo voor het jaar 2025 de gemiddelde ecologische voetafdruk per auto gedurende de levenscyclus met 40 procent wil hebben verminderd.
