Renault mag 2.500 werknemers ontslaan

0

Renault zet haar reorganisatie door. De autofabrikant heeft hiervoor een akkoord bereikt met 2 vakbonden om 2.500 banen te schrappen. Het idee is dat 1.900 personeelsleden vrijwillig ontslag nemen.

De belangrijkste vakbond bij Renault in Frankrijk, de CGE-CGC, heeft een akkoord getekend met de directie van de autofabrikant voor een vertrekregeling dat in totaal 2.500 banen betreft. Eerder zette al een andere vakbond, Force Ouvrière, zijn handtekening onder het plan om het personeelsbestand in te krimpen. Omdat beide vakbonden meer dan de helft van de werknemers vertegenwoordigen, kan de afvloeiingsregeling nu in gang gezet gaan worden.

Van de 2.500 geplande ontslagen zullen er 600 dit jaar ingevuld worden via natuurlijk verloop. De overige 1.900 werknemers zullen op basis van een goede regeling gevraagd worden vrijwillig te vertrekken. De ontslagen maken deel uit van het plan van Renault om in 3 jaar tijd afgerond 2 miljard euro te besparen. In totaal zullen hiervoor 15.000 banen worden geschrapt waarvan bijna een derde in Frankrijk. Van deze 4.600 ontslagen blijven er nu dus nog 2.100 over. Daarover nog wordt onderhandeld met de vakbonden.

De eerste 2.500 werknemers van Renault die vertrekken hadden een ingenieursfunctie of leverden ondersteunende service diensten. De rest van het Franse saldo zal worden ingevuld met de fabrieksarbeiders in eigen land. Renault is van plan haar modellengamma in te krimpen. Dat betekent niet alleen een reductie van de productiecapaciteit, maar ook minder werkzaamheden op het gebied van R&D voor ingenieurs of andere mensen met een technische achtergrond. In een verklaring zegt de CGE-CGC dat de ondertekening van het akkoord voor vrijwillig vertrek voorkomt dat werknemers ontslagen worden. Dat had door Renault gerechtvaardigd kunnen worden, maar zou een minder fraaie afvloeiingsregeling hebben opgeleverd.

Het bezuinigingsplan valt samen met de komst van de nieuwe baas van Renault, Luca de Meo. Dat de broekriem moet worden aangehaald, was al te verwachten gezien de slechte resultaten van Renault van de afgelopen maanden. Ook staat de fabrikant voor grote vernieuwingen, zoals bij de Mégane en de Kadjar. Die bevinden zich beiden in het C segment waar Renault het moeilijk mee heeft. Om nog maar te zwijgen over de marktpositie in het D segment. Renault moet absoluut zijn concurrentievermogen herwinnen in delen van de automarkt die geld opleveren, zoals het C- en D- segment. De Meo stelt dat Peugeot hier als voorbeeld dient. Die was met de vorige generatie 3008 en 508 evenmin succesvol, maar is dankzij overtuigende opvolgers voor deze C- en D- segment modellen weer zeer winstgevend.

De verwachtingen met betrekking tot De Meo zijn hooggespannen. Hij is als redder in nood de eerste buitenlander die Renault in 120 jaar gaat leiden (Carlos Ghosn heeft de Franse nationaliteit). De Meo is er in geslaagd om een ​​onstabiele Seat opnieuw te lanceren toen hij in 2015 in Spanje aan de slag ging, na 6 jaar bij Audi gewerkt te hebben. Nu kan hij bij Renault zijn borst nat maken. De autofabrikant dient op alle gebieden geherstructureerd moeten worden. De Meo wil het aantal ontslagen enigszins beperken door omscholing van werknemers. Een ingenieur die bijvoorbeeld aan thermische motoren heeft gewerkt, zal middels een training elektrische exemplaren kunnen gaan ontwikkelen.

De ervaren Italiaanse topmanager noemt het transformatieproces dat de autofabrikant dient door te maken “Renaulution”. Met deze mooie term bedoelt hij onder meer dat Renault zijn merkidentiteit tegen het licht moet houden. Volgens De Meo is die nu nog niet helder genoeg en bevindt het imago zich ergens tussen betaalbaar en premium in. Peugeot heeft inmiddels een duidelijker hoogwaardig imago. “Ik wil Renault hoger positioneren. In wezen moeten wij de strategie volgen die Peugeot de afgelopen 5 jaar heeft gekozen”. Concreet betekent dat er een duidelijkere scheiding dient te komen met dochter merk Dacia. Dit budgetlabel dient zich overigens in de ogen van De Meo aan Citroën te spiegelen. Dat betekent dat er ook auto’s met jeu gelanceerd dienen te worden.

“We willen dat Dacia meer floreert als zelfstandig merk binnen ons autoconcern dan louter als sub label van Renault”. Dat vereist een sterkere identiteit. Renault dient zich zoals gezegd te spiegelen aan Peugeot. Als het merk van de nieuwe Kadjar, die in 2022 komt, net zo’n succes weet te maken als de Peugeot 3008 (die overal in Europa als warme broodjes verkoopt, dan zijn de helft van de problemen bij wijze van spreken opgelost. De Meo: “Zij zijn veel sterker in het C segment. Daar heb je zowel goede marges als hoge verkoopaantallen. Aan een C segment model wordt 3 keer zoveel verdient dan aan een B-segment auto”. De Meo denkt dat Renault met de productieversie van de Mégane eVision, een elektrisch aangedreven cross-over, een comeback kan maken in het C segment.

 

Reageren is niet mogelijk.