In 2023 zal Renault een moderne, elektrische interpretatie van haar ‘5’ model lanceren. Hoewel er al een ontwerp voor een dergelijke auto op de tekentafel stond voor hij in functie trad als CEO van de Franse autoproducent, is Luca de Meo een grote pleitbezorger voor het daadwerkelijk in productie nemen van deze retro look stadswagen. En niet zonder reden.
De Meo stond namelijk in 2007 als merkchef van Fiat aan de wieg van de ‘Nuova 500’. Dat model heeft de Italianen allesbehalve windeieren gelegd. Sterker nog: de moderne interpretatie van deze klassieker heeft zich ontwikkeld tot een evergreen die niet alleen veel geld in het laatje bracht maar waarmee ook het merkimago kon worden opgepoetst. Bij Renault is de glans er momenteel ook een beetje af. De Meo hoopt daar met de nieuwe ‘R5 Electric’ verandering in te kunnen brengen.

In 2007 was de originele Fiat 500 sowieso al een gewilde klassieker, maar de introductie van de moderne interpretatie zorgde er voor dat hij de schijnwerpers vol op zich gericht kreeg. Wat dat deed met de prijzen laat zich raden. ‘Iedereen’ in oldtimer land leek wel een originele 500 te willen hebben en daar heeft menig handelaar zijn voordeel mee kunnen doen. Dat scenario staat de Renault 5 uit 1972 nu ook te wachten. Daarom is nu de tijd om toe te slaan bij de aanschaf van een exemplaar. Doe je het niet uit beleggingsoverwegingen, dan kan je vermoedelijk flink geld besparen door niet te wachten tot 2023.

Bij autokenners en -nieuwsvolgers is het inmiddels een publiek geheim dat Renault met een moderne interpretatie van haar ‘5’ komt. Maar het grote publiek heeft daar nog geen notie van. En voor lucratieve beleggingen moet je juist de massa voor zijn. Dit betekent dat jij nog anderhalf jaar de tijd hebt om een leuk exemplaar uit te kiezen. Eigenlijk is elke uitvoering goed. Van de basic basisversie met paraplu schakeling en 845 cc motor via de leuk aangeklede LS en GTL naar de Alpine (Turbo) uitvoering.

Het mag ook best een exemplaar van na de facelift uit 1979 zijn. Dan kan je opteren voor een 5-deurs versie als dat voor jouw huishouden praktischer is (zie onderstaande foto). En is eigenlijk de TL uitvoering met zijn heerlijk luie 1.108 cc blok al adequaat gemotoriseerd. Al is de GTL versie met zijn haast overmaatse meubilair voorin die in een ruimtevaartuig niet zo misstaan ook niet verkeerd. Alleen een exemplaar van het allerlaatste bouwjaar (1983/1984) zou ik niet doen en dan bedoel ik met name de Parisienne uitvoering met te opzichte velgen en overbodige voorspoiler. Aan die versie kon je ook in kwalitatief opzicht merken dat Renault wel klaar was met dit model.

