Voor de Renault Groep omvat het herstelplan de komst van 14 nieuwe modellen tegen 2025, waarvan er 7 volledig elektrisch zullen zijn. Daaronder bevinden zich 2 iconische modellen: reïncarnaties van zowel de Renault 4 als de Renault 5.
De laatste zal in 2 versies op de markt komen. De ene zal worden voorzien van een wybertjes logo en de andere van de ‘A pijlen’ van Alpine. Dit betekent dat de productieversie van het prototype van de Renault 5 dat afgelopen januari werd gepresenteerd als onderdeel van de “Renaulution” toekomstplan van de Franse autoproducent, in 2024 niet alleen in een schattige en relatief simpele vorm op de markt komt (als opvolger van de Zoé), maar ook in een in alle opzichten bonte Alpine variant.

Voor wat betreft de toekomstige Renault 5 E-Tech Electric (de onofficiële naam), wil het Franse automerk elektrisch rijden populair maken door een veelzijdige stadswagen van 4 meter lang aan te gaan bieden waarvan de basisprijs minder dan 21.000 zou moeten zijn. Om hierin te slagen (denk eraan dat de Zoé 33.490 euro kost), zal het Franse merk schaalvoordelen moeten behalen. Allereerst door de basis van de Clio (het CMF-B platform) te gebruiken voor het elektrische voertuig), vervolgens door gebruik te maken van LFP (Lithium-Iron-Phosphate) accu’s die voordeliger zijn dan lithium/ion exemplaren en ten slotte door van de Mégane E-Tech Electric de elektromotor te lenen. Een vereenvoudigde versie daarvan zou goed moeten zijn voor ongeveer 90 pk.
Deze inspanning om de kosten zo laag mogelijk te houden, zal betrekking hebben op alle versies van de toekomstige R5 E-Tech Electric, al zal het gamma ook een high-end versie met batterijen van een grotere capaciteit omvatten. Die uitvoering kan bovendien rekenen op een krachtigere elektromotor (maximaal 150 pk). Terwijl de basisversie van deze nieuwe auto een kleinere actieradius zal hebben (200 tot 250 km), zouden andere varianten een actieradius van 400 km moeten kunnen realiseren dankzij een nieuwe generatie batterij van meer dan 50 kWh.

Voor Renault moet de nieuwe ‘5’ een referentie worden op de markt voor elektrische auto’s, maar de Fransen willen er ook een sportwagen van maken. Hiervoor zal het moederbedrijf haar nieuwe model ook toevertrouwen aan Alpine, die het zal beladen met extra vermogen en het zal uitrusten met een specifieke onderstel afstelling om de auto een dynamisch weggedrag te geven. Onder de motorkap van de toekomstige R5 Alpine E-Tech Electric vinden we de elektromotor van de Renault Mégane E-Tech Electric in zijn krachtigste versie van 218 pk. Om hem te onderscheiden van de Renault 5, moet de R5 Alpine worden uitgerust met meer imposante aerodynamische appendages: een voorspoiler, een langere achterspoiler en extra luchtinlaten.
Aan boord van de toekomstige R5 Alpine zullen er ook verschillen zijn in de vorm van aluminium pedalen, meer omhullend meubilair (kuipstoelen) en specifieke bekleding. Wat echter niet verandert, is de veiligheidsuitrusting van deze auto’s die de nieuwste generaties rij hulpmiddelen moeten omvatten zodat er minimaal op niveau 2 autonoom kan worden gereden. Verder zal de klant kunnen rekenen op een digitaal instrumentarium en een groot scherm voor infotainment.

Met de Renault 5 en R5 Alpine, maar ook met de toekomstige Renault 4 die een iets groter formaat zou moeten krijgen, zal het merk Renault zorgen voor goede nakomelingen van de Twingo E-Tech Electric en Zoé. En goed nieuws voor chauvinisten op de thuismarkt: al deze nieuwe auto’s zouden in Noord Frankrijk geproduceerd moeten worden in de Douai fabriek.
