De Volkswagen Groep legt tot eind 2021 de productie stil in haar fabriek in Emden. Dit gebeurt vooral vanwege het mondiale chiptekort, maar ook de ingestorte vraag naar de Passat speelt een rol.
De productie in de Volkswagen fabriek, waar het model Passat gemaakt wordt, werd al eerder dit jaar stilgelegd. Volgens Manfred Wulf, voorzitter van de ondernemingsraad, zijn er dit jaar in Emden al 70.000 auto’s minder geproduceerd worden dan gepland, namelijk 120.000 stuks in plaats van 190.000 eenheden. Volkswagen verwacht dat dit aantal eind dit jaar opgelopen zal zijn tot 100.000 auto’s, zo laat inkoopdirecteur Murat Aksel weten.
Aksel geeft het chiptekort de zwarte piet, maar de verkoopaantallen die de Passat nu weet te realiseren zijn nog maar een schim van de gloriejaren waarin de kloeke middenklasser hoog in de registratiestatistieken te vinden was. Het model leek toen een abonnement te hebben op een podiumplaats maar in oktober kwam de Volkswagen niet verder dan de 22ste stek.
In Nederland werden in november een armzalige 25 exemplaren van de Passat op kenteken gezet. Dat juist dit Volkswagen model harde klappen krijgt, komt enerzijds door de transitie naar elektrisch rijden die vooral in het zakelijke segment plaatsvindt en anderzijds door de afkeer van dieselmodellen. Tot voor kort kon je een accountmanager ’s nachts wakker maken voor een Passat Variant 2.0 TDI maar die tijd is definitief voorbij.
Eerder maakte Volkswagen bekend dat haar werknemers in Emden vanaf maandag 13 december in deeltijd gaan werken. Die maatregel is nu een week vervroegd. Het werken in deeltijd resulteert in ongeveer 70 sluitingsdagen voor de fabriek in 2021, zo meldt een woordvoerder van Volkswagen. Ook in Wolfsburg moest het concern noodgedwongen gebruik maken van werktijdverkorting.
