Renault, dat een jaar geleden haar Renaulution reorganisatieplan lanceerde, heeft een echt hoogstandje neergezet. De autofabrikant met het wybertjes logo heeft haar organisatie weer op orde gebracht en bruist van de creativiteit voor toekomstige producten. Software zal de kern vormen van deze transformatie.
Ter gelegenheid van een mediadag, georganiseerd in het Technocentre in Guyancourt (Yvelines), presenteerden Luca de Meo, de hoogste baas van de Renault Groep een eerste evaluatie van de ‘Renaulution’ (revolutie) die een jaar geleden werd ingezet. In recordtijd is Renault een wendbaar bedrijf geworden, dat partnerschappen heeft gesloten om de boot naar de toekomst met de belangrijkste technologieën niet te missen. Om het verschil met het Ghosn tijdperk te markeren, houdt het directiecomité voortaan kantoor boven het ontwerpcentrum, met als doel frequente uitwisselingen van ideeën om snel beslissingen te kunnen nemen en om “de auto’s te kunnen zien”.

De komst van de baas van Italiaanse afkomst, voorheen de merkchef van Seat, heeft Renault in staat gesteld om zijn bedrijfsprocessen te herzien. Gilles Le Borgne (zie bovenstaande foto), weggekocht bij PSA, past nu als technisch directeur ‘recepten’ toe die bij zijn voormalige werkgever goed werkten. Hij is er in geslaagd om de kosten en de ontwikkeltijden te verminderen. De Renault Groep heeft ook Luc Julia aangeworven, een Frans-Amerikaanse AI expert die een van de vaders is van de beroemde Siri stemassistent van Apple (300 miljoen gebruikers wereldwijd). Hij is nu de Scientific Chief Officer bij het Franse autoconcern.
Om het belang dat aan kunstmatige intelligentie wordt gehecht te onderstrepen, was ook Thierry Cammal, de baas van Renault Software Labs, die tevens vicevoorzitter is van de alliantie van wat de Software Factory wordt genoemd, aanwezig op dit evenement. Hij legde tijdens deze bijeenkomst uit dat Renault intern vaardigheden heeft ontwikkeld om precies de juiste nieuwe diensten te ontwikkelen met als doel de afhankelijkheid van andere spelers zoals apparatuurfabrikanten te verminderen. Het beste symbool van deze transformatie is de Mégane e-Tech Electric. De lancering van dit nieuwe model was al gepland vóór de komst van het nieuwe directieteam, maar Luca de Meo en Gilles Le Borgne hebben diverse verbeteringen aangebracht. Naast zijn prestaties op het gebied van actieradius en rijplezier, speelt de elektrische cross-over de connectiviteitskaart. De Mégane e-Tech Electric heeft de primeur van een multimediasysteem dat gebaseerd is op Android en dat vrij unieke diensten biedt. Zo houdt het Google Maps geleidingssysteem niet alleen rekening met de levensduur van de batterij, maar ook met de bezettingsgraad van oplaadpunten (de database van de Amerikaanse gigant bevat 200.000 locaties in Europa) om de route te optimaliseren en om de bestuurder naar de meest geschikte plek te sturen.

Deze realtime dynamische berekening gaat nog verder: hiermee kan de batterij vooraf worden geconditioneerd, zodat deze tijdens het opladen op de juiste temperatuur is. A priori doet niemand anders dit en het vermindert de tijd die op de terminal wordt doorgebracht. Uitgerust met een 4G chip biedt het systeem ook Google diensten aan, zoals YouTube Music. Maar Renault tekende geen blanco cheque voor de Silicon Valley moloch. De autofabrikant met het wybertjes logo heeft extensies toegevoegd om bepaalde functies te optimaliseren, met in eigen huis vervaardigde software. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de intelligente cruisecontrol (op basis van de kaart, de snelheidsborden en de gekozen rijstijl). Daarnaast kunnen de 22 boordcomputers van de Mégane e-Tech Electric eventueel op afstand geüpdatet worden om hun codes (de firmware) bij te werken, om ze betrouwbaarder te maken en nieuwe diensten aan te bieden. Sinds de release van de huidige Clio worden voertuigen die zijn uitgerust met het Easylink systeem al ‘aangescherpt’ met Over The Air (OTA) -updates. En dat zijn al ruim 1 miljoen auto’s.
Zoals Thierry Cammal, de manager van Software Labs, uitlegt: “Het is onze wens om de toepassingsmogelijkheden van de software uit te breiden”. Hoewel de software al meer dan 10 jaar zijn plaats heeft onder de motorkap voor het motormanagement, strekt het zich nu uit naar alle andere compartimenten inclusief de cockpit, het onderstel en natuurlijk de rij hulpmiddelen. Op dit gebied heeft de Renault Groep besloten om datafusie (de synthese van informatie uit verschillende bronnen) te internaliseren. De ambitie is om nieuwe diensten te ontwikkelen die te gelde kunnen worden gemaakt. Bovendien heeft Renault zijn elektronische architectuur herzien om één brein (een krachtige computer) te hebben dat alle sensoren aanstuurt, zoals Tesla dat reeds doet en wat bij Volkswagen in voorbereiding is. En net als zijn Duitse rivaal werkt de Franse fabrikant aan een besturingssysteem voor thuis. Kortom, een Renault OS, maar die is pas over 2 jaar beschikbaar.

Renault is op softwaregebied beter uitgerust dan men zou denken. De autofabrikant heeft 2.000 ingenieurs op dit beleidsterrein werken; een personeelsbestand dat indruk maakte op Luc Julia toen hij in dienst trad. Laatstgenoemde legt terloops uit dat de expertise op meerdere gebieden ligt: ontwerp, maar ook productie waarbij de software tevens wordt gecombineerd met kunstmatige intelligentie. Renault wil en kan echter niet alles alleen doen. Zo ontstond het Software République project, met partners met klinkende namen als Dassault Systèmes, Atos, Thales, STMicroelectronics en Orange. Het idee is om hun vaardigheden te gebruiken om nieuwe diensten te ontwikkelen. Over enkele maanden zal Renault enkele projecten van dit team van 100 mensen voorstellen. De structuur herbergt ook een incubator die onlangs een Mobility Challenge organiseerde en 3 eerste start-ups onderscheidde (Wattpark, Geoflex en Vianova, die respectievelijk werken aan elektrisch opladen, ultra precieze positionering en algoritmen voor verkeersveiligheid).
Ondanks dat het aantal aankondigingen van samenwerkingsverbanden toeneemt, zoals de recente overeenkomst tussen Amazon en Stellantis, heeft Renault niet het gevoel dat het achterloopt op schema. Het heeft al cloud deals met Microsoft en Google. Het heeft ook zijn samenwerking met Qualcomm, een van de referenties op het gebied van slimme chips, uitgebreid. Reeds geselecteerd voor de Mégane e-Tech Electric, zal dit Amerikaanse bedrijf toekomstige connectiviteitsmodellen leveren (5G, Wi-Fi, Bluetooth, uitwisselingen in V2X-modus met de buitenwereld), met als doel een meer geavanceerd interactieniveau van de mens-machine interface, een Car2Cloud serviceplatform en beheer van rij hulpniveaus met haar SnapDragon ‘Digital Chassis’ oplossing.

Klaar om extra partners te verwelkomen, gelooft de Renault Groep dat het in de wereldtop 3 staat op het gebied van engineering dankzij hernieuwde efficiëntie. Hoewel het totale personeelsbestand is gekrompen, is Frankrijk het land waar de software wordt ontwikkeld (in het Technocentre, in Toulouse en Sophia-Antipolis). En de fabrikant werft toonaangevende experts op het gebied van cyberbeveiliging, systemen en zelfs automatisering. Ook slaagt Renault er in om voormalige dieselspecialisten om te scholen, die nu bijvoorbeeld zijn aangesteld in de elektronica afdeling.
Ja, hoewel de verkopen van de Renault Groep vorig jaar wereldwijd stevig zijn gedaald, is er toch al sprake van een wederopstanding bij de autofabrikant die reeds haar eerste producten als onderdeel van het Renaulution reorganisatieplan heeft gelanceerd. “Wij zullen op tijd met de modernste technologie komen”, aldus Gilles Le Borgne. Hij belooft “echt vuurwerk”.

